Miljoenenbuit bij overval op museum

Bij een kunstroof in Zürich hebben drie gewapende mannen schilderijen van Paul Cézanne, Edgar Degas, Vincent van Gogh en Claude Monet buitgemaakt met een gezamenlijke waarde van ruim 112 miljoen euro.

Volgens de politie drongen de mannen zondagmiddag, even voor sluitingstijd het museum binnen. Eén van de rovers, die ‘Duits met een Slavisch accent’ zou hebben gesproken, dwong met een vuurwapen de aanwezigen op de grond te gaan liggen.

Zijn handlangers maakten onderwijl in een zaal op de begane grond vier doeken buit. Het gaat om de werken Klaprozenveld bij Vétheuil van Monet (1880), Ludovic Lepic en zijn dochters van Degas (1871), Bloeiende kastanjetak van Van Gogh (1890) en De jongen met het rode vest van Cézanne (1894-’95).

De rovers hebben de vier waardevolle doeken voor de ingang van het museum in een gereedstaande witte auto geladen. Daarbij gingen zij, aldus de politie, ‘uitermate ruw’ te werk. Bij het wegrijden stak een van de werken uit de kofferbak.

Verband
De politie weet niet of er een verband bestaat tussen de kunstroof in het Bührle-Museum en de diefstal, vorige week, van twee schilderijen op een Picasso-tentoonstelling in Pfäffikon (even ten zuiden van Zürich). De doeken van Picasso – Paardenkop (1962) en Glas en karaf (1944) zijn ruim drie miljoen euro waard.

De kunstverzameling van de Zwitserse industrieel Emil Georg Bührle (1890-1956) – een van de belangrijkste particuliere collecties – bestaat uit ongeveer tweehonderd schilderijen en sculpturen. Hij legde een voorliefde aan de dag voor de Franse impressionisten, hun voorgangers (onder wie enkele Hollandse meesters) en hun opvolgers (neo-impressionisten, fauvisten en kubisten). Hij bracht de collectie onder in een uit 1886 stammend herenhuis dat sinds 1960 toegankelijk is voor het publiek.

Doelwit
In de jaren tachtig en negentig zijn verschillende kunstverzamelingen in Zürich het doelwit geweest van roofovervallen. Nooit werd daarbij zoveel geweld gebruikt als afgelopen zondag. Voor de gouden tip bij de oplossing van de kunstroof is een bedrag van 100 duizend Zwitserse francs uitgeloofd.

Overzicht Kunstroven

Februari 2006, Rio de Janeiro: werken van Picasso, Monet en Matisse tijdens het carnaval geroofd uit het museum Chacara do Ceu. Waarde 20 tot 50 miljoen dollar.

Februari 2006, uit landhuis van Engelse verzamelaar Harry Hyams: voorwerpen met een geschatte waarde van 45 miljoen euro.

Januari 2005, Westfries Museum Hoorn: 23 schilderijen uit de 17e eeuw en een hoeveelheid zilver, ter waarde van 10 miljoen euro.

Augustus 2004, Munchmuseum Oslo: De Schreeuw (110 miljoen euro) en Madonna (20 miljoen euro) van Edvard Munch.

December 2000, Nationalmuseum Stockholm: bij een overval worden een Rembrandt en Renoir buitgemaakt ter waarde van 75 miljoen (ruim 33 miljoen euro).

De gestolen olieverfschilderijen: 'Bloeiende kastanjetak' uit 1890 van Van Gogh, 'Graaf Lepic en zijn dochter' uit 1871 van Edgar Degas, 'Knaap met het rode vest' uit 1894/95 van Cézanne, en 'Klaprozen nabij Vetheuil' uit 1880 van Monet. (AFP) Beeld
De gestolen olieverfschilderijen: 'Bloeiende kastanjetak' uit 1890 van Van Gogh, 'Graaf Lepic en zijn dochter' uit 1871 van Edgar Degas, 'Knaap met het rode vest' uit 1894/95 van Cézanne, en 'Klaprozen nabij Vetheuil' uit 1880 van Monet. (AFP)
Meer over