Bellen metJarl van der Ploeg

‘Mijn eerste artikelen als correspondent gingen over de vluchtelingencrisis, mijn laatste ook – de situatie is alleen maar slechter geworden’

Afzwaaiend correspondent Jarl van der Ploeg was vermoedelijk voor de laatste keer als verslaggever op Lesbos, bij opvangkamp Moria. ‘De vluchtelingencrisis is de rode draad van mijn correspondentschap geweest.’

Een Afghaanse vader met zijn zoon aan het strand van Lesbos.Beeld Zolin Nicola

Hoe was het om weer op Lesbos te zijn, waarschijnlijk voor de laatste keer als correspondent?

‘Het zet aan tot reflecteren. Tijdens mijn correspondentschap heb ik veel over de vluchtelingencrisis geschreven. Ik ben de afgelopen jaren niet alleen in Griekenland, maar ook in Italië en Bosnië in vluchtelingenkampen geweest. Ik heb een groot deel van mijn correspondentschap doorgebracht aan de grenzen van de landen waarover ik verslag doe, in plaats van ín de landen zelf. Mijn eerste artikelen als correspondent gingen over dit onderwerp, en mijn laatste artikelen nu ook. En in tussentijd is er weinig veranderd.

‘Als verslaggever is dit soms frustrerend. Je komt op een plek die buitengewoon ellendig is. Daar doe je naar eer en geweten verslag van. Je probeert de ernst van de situatie in deze kampen in beeld te brengen, in de hoop dat mensen het lezen en denken, dit kán niet. Je hoopt dat er misschien iets verandert in de situatie die op deze eilanden is gecreëerd. En als je een paar maanden later terugkomt, is het alleen maar slechter geworden.

‘Het wordt ook steeds moeilijker om dit verhaal te vertellen. Soms lijkt het alsof mensen geaccepteerd hebben dat kamp Moria nu eenmaal de hel is. Bovendien lees je de krant voor het nieuws. Dat de situatie daar onmenselijk is, is geen nieuws meer. Dat is al vijf jaar zo. Het is een uitdaging om het onderwerp opnieuw onder de aandacht van de lezer te brengen, om opnieuw te laten zien dat de situatie verslechtert.’

Hoe laat je dat zien als verslaggever?

‘Je moet steeds nieuwe invalshoeken bedenken. En dat doet ook iets geks met je. Ik sprak met een vrouw die voedsel aan het schoonmaken was in een emmer. Dat bleek dezelfde emmer te zijn waar ze ’s nachts in plast. Ze durft als het donker is haar tent niet meer uit, vanwege de bendes die in het kamp actief zijn. Dat is verschrikkelijk. En tegelijkertijd dacht ik: dit is niet genoeg voor het verhaal. Dit hebben mensen al te vaak gelezen. Dat is een hele wrange conclusie die je op zo’n moment trekt. Het is moeilijk om een verhaal te vertellen over een situatie die al jaren hetzelfde blijft.’

Bewoners van Lesbos en activisten blokkeren een bus die kamp Moira probeert te verlaten, uit protest tegen het verblijf van migranten op het eiland.Beeld Zolin Nicola

De houding van de eilandbewoners is nu wel anders dan vijf jaar geleden, aan het begin van de crisis. Is dat geleidelijk gegaan of is er een doorslaggevend moment geweest?

‘De spanning op het eiland is geleidelijk opgebouwd. In het begin waren een aantal extreem-rechtse enkelingen tegen de opvang op het eiland, maar de meeste bewoners van Lesbos stonden welwillend en behulpzaam tegenover de vluchtelingen. Veel mensen hebben zelf een migratieachtergrond door een grote bevolkingsuitruil tussen Griekenland en Turkije, honderd jaar geleden, waarbij veel mensen zijn verdreven. Maar wat ik eens in de paar maanden zag, zagen zij elke dag. Men is zich steeds meer gaan realiseren dat dit geen duurzame oplossing is.

‘Mensen keren zich nu ook tegen initiatieven die in hun ogen de huidige situatie in stand houden. Zoals Nederlands geld voor een noodhospitaal. Die hulp is nodig, maar het lost het grotere probleem niet op, vinden veel mensen. Ngo’s worden steeds vaker scheef aangekeken. En als journalist ben je ook niet per se welkom.’

Wat zou er moeten gebeuren?

‘Kamp Moria is evident geen oplossing. Op de vijf aankomsteilanden, is plek voor ongeveer 6.000 mensen. Toen de coronacrisis uitbrak, woonden er 42.000 vluchtelingen, waarvan 5.000 alleenreizende kinderen. Het is catastrofaal en inhumaan. Maar hoeveel is er nog nodig totdat het zo catastrofaal en inhumaan is, dat er iets aan wordt gedaan? Er zijn hier steeds meer rellen, steekpartijen en branden. Ik las net nog over een brand die door Grieken is aangestoken. Het wordt steeds slechter en ik heb niet de illusie dat er iets gaat veranderen.’

Hoe ga je als journalist met die misère en frustratie om?

‘Ik ben hier een aantal dagen en dan kan ik terug naar mijn fijne appartement in Rome. Dat is een ongekende luxe, waar ik me sterk van bewust ben. En dat is ook een manier om de somberheid buiten de deur te houden. Maar als ik hier ben, ben ik aan het werk. Door de jaren heen is er een bepaalde onverschilligheid ontstaan over dit onderwerp, ik vind het mijn taak om die onverschilligheid te bestrijden door het onderwerp onder de aandacht te blijven brengen. Dus dat probeer ik dan zo goed mogelijk te doen.’

Deze verhalen schreef Jarl van der Ploeg over de vluchtelingencrisis in Europa

Een heuvel bij een dorpje in Slovenië aan de grens met Italië is in een paar maanden uitgegroeid tot een drukker migratiepunt dan Lampedusa en Sicilië bij elkaar. De politie krijgt hulp uit binnen- en buitenland om het strookje land tussen Kroatië en Italië te bewaken. ‘Ze sturen elkaar continu coördinaten over waar wij controleren.’ De nieuwe entree naar Europa leidt tot onrust in het traditioneel liberale Alpenland.  

In het opvangkamp Moria op het Griekse eiland Lesbos stinkt het naar uitwerpselen en rottend vuilnis. Op een te klein terrein zitten 13 duizend migranten samengepakt. Er is te weinig voedsel en slechts één arts. De sfeer is geladen. En elke dag komen er weer honderden vluchtelingen bij. Vooral uit Afghanistan. Met nieuwe hoop. Hoelang is deze situatie nog houdbaar?

Immigratie is een van de belangrijkste thema’s bij de Italiaanse verkiezingen op 4 maart. Het spreidingsbeleid heeft soms bizarre effecten: een afgelegen oord met negen inwoners krijgt vijftig asielzoekers op zijn dak.

Kinderen in het randgebied van kamp Moria op Lesbos.Beeld Nicola Zolin
Meer over