Met je tijd meegaan

'Dit is nou toch werkelijk de zwartste reactie!' Grote kans dat u geen flauw idee heeft wat deze kreet betekent....

Om ter verduidelijking een concreet eigentijds voorbeeld te geven: dejongste pennenvrucht van Trouw-columnist Sylvain Ephimenco zou voor dekwalificatie in aanmerking kunnen komen. Daarin valt Ephimenco zijngeliefde haat-object burgemeester Job Cohen aan, omdat die zich zorgenmaakt over het toenemen van langdurige armoede in Amsterdam.

Strekking van de column is dat geld en 'pamperen' niet helpentegenarmoede en dat de armen - en dat zijn volgens Ephimenco migranten enmoslims - maar eens moeten beginnen minder slachtofferig te doen en zelfde handen uit de mouwen te steken. Een harteloos, vervelend neoconservatiefstandpunt zou ik dat tegenwoordig noemen, typisch een produkt uit hetpapegaaiencircuit van Theodore Dalrymple.

Maar best mogelijk dat ik dertig jaar geleden had geroepen: 'Da's noutoch werkelijk de zwartste reactie!'

Ons wereldbeeld was destijds, toegegeven, ook wat aan de simpele kant.Je had de progressieven, vooruitstrevenden - dat waren we zelf -, die deblik op de toekomst gericht hielden en hun best deden om daar iets mooisvan te maken. Voorts waren er conservatieven, benepen burgers van het typeHans Wiegel, die het liefst alles zo wilden houden als het was. Entenslotte had je ook nog reactionairen, een wel zeer verwerpelijkepolitieke categorie, die het rad van de geschiedenis zelfs wildenterugdraaien, bijvoorbeeld door de sociale zekerheid af te breken of terugte keren naar de autoritaire regentencultuur van de jaren vijftig.

Tegenwoordig zou, vermoed ik, 'reactionair' als scheldwoord, of,eleganter uitgedrukt, als politieke diskwalificatie, het niet meer zo goeddoen. Veel mensen verlangen immers terug naar een geïdealiseerde periodeuit het verleden. En daarbij gooien de jaren vijftig hoge ogen, zoals PeterGiesen onlangs in een prikkelend, mooi essay heeft uiteengezet (het Betoog,24 december), eenvoudig omdat ze lang genoeg geleden zijn om te wordengeromantiseerd als een achteraf overzichtelijke, veilige en gezellige tijd.Toen was geluk nog heel gewoon en kon je de straat op zonder de deur opslot te doen. Een tijd zonder angst, kortom. Ja, gelooft u het zelf?

Gemakshalve wordt even voorbijgegaan aan de wenken van de dienstBescherming Bevolking over wat te doen als de atoombom valt (onder de trapgaan zitten en zorgen dat je voldoende doperwtjes in huis hebt). En demensen, kan ik me herinneren, hadden blikken en blikken vol doperwten inhun pas aangeschafte ijskast staan. Ze waren doodsbang. Voor die bom. Ofvoor de Rus die ieder moment kon komen om hier een rode dictatuur tevestigen. En intussen zaten de vrouwen elke dag thuis achter de theepot enmoesten ze stiekem naar een kantoortje van de neomalthusiaanse bond om eenvoorbehoedmiddel te halen of, als ze dat waren vergeten, naar een'engeltjesmaakster' (illegale aborteuse), als ze vier kinderen wel genoegvonden. Geweldige tijd!

Wacht even. Vóór ik me helemaal te buiten ga aan een tirade tegen dieduffe, bekrompen, van angst voor de toekomst doordrenkte jaren vijftig enweer met epitheta als 'zwartste reactie' ga smijten, doe ik er eerlijkeraan toe te geven dat ik waarschijnlijk zelf ook een reactionair ben. Iemanddie op het verleden gericht is, in plaats van op de toekomst.

Want net als menig mede-babyboomer koester ik nostalgische gevoelensvoor de jaren zestig en zeventig. Provo. Krenten uitdelen bij hetLieverdje. Het bezette Maagdenhuis. 'Medezeggenschap voor alle geledingenop alle niveaus.' 'Geef mij de joint nog es.' 'Johnson molenaar!'

Hmmm. Heerlijk. Maar natuurlijk evengoed een projectie achteraf, eengeïdealiseerd beeld van een tijd waarin miljoenen Vietnamezen entienduizenden Amerikanen sneuvelden en Praag door de landen van hetWarschau Pact werd bezet.

Een periode waaraan een schat als Kars Veling van de ChristenUnie, dieik bewonder vanwege de open mind waarmee hij leiding geeft aan eenmulticulturele scholengemeenschap, met huivering terugdenkt, omdat wie toenniet minstens een klein beetje voor 'de revolutie' was niet meetelde.

Eigenlijk vind ik dat ik het aan m'n stand verplicht ben om nietreactionair te zijn. Om met m'n tijd mee te gaan, blij te zijn met m'ngsemmmetje en met internetbankieren, te proberen de toekomst tegemoet tezien met een beetje hoop en niet al te veel angst. En een enkel goedvoornemen. Ernaar streven om een nieuwe tweedeling tussen arm en rijk,inboorling en migrant, tegen te gaan, zoals Job Cohen wil, is alsprogrammapunt dan zo gek nog niet.

Meer over