Met dank aan Rome

Tien jaar geleden was hij nog student aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Nu houdt Olivier Hekster er zijn oratie als hoogleraar oude geschiedenis....

Hij is wel erg jong, voor een hoogleraar oude geschiedenis. Maar prof. dr. Olivier Hekster zelf ziet het probleem niet. Jong? Professoren hoeven niet altijd grijze heren te zijn. 'Dat is aan het veranderen. Daarvan ben ik een uitvloeisel.'

Iets meer dan tien jaar geleden was Hekster nog gewoon student in Nijmegen. Opgegroeid in Nijmegen, naar school geweest in Nijmegen, student geworden in Nijmegen - en dus werd het hoog tijd om weg te gaan uit Nijmegen. Hij schreef zich in voor het Europese Erasmus-uitwisselingsprogramma. Een jaar weg. 'Rome leek me wel interessant. Daar was ik nog nooit geweest.'

Nu is Hekster terug in Nijmegen, gespecialiseerd in de Romeinse keizertijd. Over twee weken houdt hij zijn oratie, als jongste hoogleraar van Nederland.

'Dat jaar, 1995, is een heel bepalend jaar in mijn leven geweest', zegt Hekster, in zijn kantoor op de Radboud Universiteit. Aan één muur hangt een poster met een maquette van het oude Rome, aan een andere een satellietfoto van de huidige stad. Met zijn pink wijst hij waar hij woonde, waar hij studeerde, waar de mooiste vondsten liggen, en waar hij de vrouw ontmoette die zíjn vrouw geworden is.

'Voor ik ging studeren heb ik nooit iets bijzonders met de klassieke oudheid gehad', zegt Hekster. 'Ja, ik vond op middelbare school Grieks en Latijn wel interessant. En ik kom uit een familie waar veel werd gelezen, en waar veel musea werden bezocht.' Vader Hekster is collega-hoogleraar in Nijmegen, zus Kysia was in de jaren negentig een jaar voorzitter van studentenvakbond Lsvb. 'Zo'n milieu maakt het natuurlijk wel makkelijker bepaalde keuzes te maken.'

Hekster is als Van der Leeuwhoogleraar aangesteld, betaald door onderzoeksfinancier NWO. Hij heeft gewoon gesolliciteerd naar de post, die inhoudt in dat hij in de luwte, naast de al zittende hoogleraar prof. dr. Luc de Blois, aan het ambt kan wennen. Vanaf 2007 moet hij het alleen doen. 'Een ideale positie. Voorlopig met nog weinig managementtaken.'

In Rome veranderde zijn kijk op geschiedenis. 'Juist doordat je daar al die gebouwen nog hebt met al die voorwerpen er nog in, komt het allemaal heel dichtbij. Dat is bepalend geweest voor hoe ik naar geschiedenis kijk. Bij het bestuderen van de oude geschiedenis wordt vaak de nadruk gelegd op teksten. Maar er zijn zoveel andere bronnen. Archeologische resten, standbeelden, munten . . . daar moeten historici zich meer in onderdompelen.'

Hekster heeft zich op Romeinse munten gestort. Hij houdt zich bezig met de 'representatie van de macht' in de keizertijd, de manier waarop keizers zich aan hun onderdanen toonden. Op bronzen muntjes, die vooral in de zakken van de gewone man belandden, lieten keizers bijvoorbeeld zien hoe ze voor brood en spelen zorgden, terwijl ze op gouden munten, die onder meer bij soldaten terechtkwamen (die in goud werden uitbetaald), hun militaire overwinningen benadrukten. 'Dat is vergelijkbaar met huidige politici, die in de Spits een andere boodschap hebben dan in NRC.'

Een ander voorbeeld van de beeldvorming van de macht: de Amerikaanse president Bush, die in bomberjack zijn soldaten in Irak bezocht. Dat zat dicht aan tegen de keizers die zich met borstplaat op standbeelden en munten lieten vereeuwigen. 'Zelfs al waren ze nog nooit op veldtocht geweest.'

Het is verleidelijk om zulke parallellen te trekken, heeft Hekster gemerkt. Het is ook zijn manier om te doceren, om studenten te motiveren. Maar tegelijkertijd moet je de verschillen ook goed in de gaten houden, vindt hij. 'Ik begin met een beeld uit het hier en nu, dat iedereen redelijk kent. Dan vergelijk ik dat met het verleden. Maar ik laat ook zien waarom de vergelijking níet klopt. Ik geloof niet zo in de voorspellende waarde van de geschiedenis. Het gaat mij om het begrip van processen, niet om de één-op-één-relatie.'

Imperialisme

Voorbeeld. 'Het Amerikaanse imperialisme wordt vaak vergeleken met het Romeinse imperialisme. Interessant, maar niet om daarmee de ontwikkelingen in de Verenigde Staten precies te doorgronden. Het Romeinse imperialisme werd gedreven door een strijd tussen verschillende aristocraten, die door grote overwinningen meer invloed wilden krijgen. In Amerika speelt dat niet.'

Begrip, daar is het Hekster om te doen. Dat antwoordt hij ook wanneer hem wordt gevraagd naar het nut van zijn vak. Natuurlijk mag de buitenwacht daarnaar vragen, vindt hij. Het vak is meer dan geschiedenis om de geschiedenis zelf. Maar 'nut' is ook meer dan 'toepasbaarheid'.

'Het creëren van begrip is óók in het maatschappelijk belang. Ik heb het dan niet over het populariseren van gladiatoren, maar over historische processen die het heden kunnen verhelderen. Wat dat betreft laten historici zich nog te weinig horen.'

Dan moet dat wél goed gebeuren. 'We kunnen ons ontzettend ergeren aan politici die bijvoorbeeld met de Verlichting schermen, waarbij ze die tijd heel anders voorstellen dan die was. Het is onze taak dat recht te zetten.'

Tussen 2001 en 2004 werkte Hekster in Oxford, waar hij onderzoek deed naar de Romeinse keizer Commodus en les gaf. Met zijn jasje, zwarte shirt, flanellen broek en bedachtzame antwoorden lijkt hij het een en ander te hebben overgenomen van de academische cultuur daar.

Selectie

Maar in Nederland kan hij zich geen Oxford voorstellen. 'Ik zal nooit pleiten voor een elite-universiteit. Niet werkzaam, niet reëel en niet noodzakelijk. Welke universiteit zou dat moeten worden? Wie moet dat betalen? Om een Oxford of Cambridge in stand te houden is veel kapitaal nodig. Die selectie is niet te doen. In Nederland hebben we een goed eindexamen op het vwo. Dat is goed genoeg. Ik ben niet voor selectie aan de poort.'

Hij vindt Oxford niet per se beter dan Nijmegen - hooguit ánders. 'Je krijgt daar een bepaald type studenten, die al allerlei selecties hebben doorlopen. Leuk natuurlijk, want ze zijn heel gemotiveerd. Maar veel van hen staan totaal buiten de gewone wereld, en voor docenten geldt hetzelfde. En het is soms best leuk om ongemotiveerde studenten voor je te winnen.'

Hekster is wél voor een scherp toezicht op studenten, zodra ze eenmaal binnen zijn. 'Het is onze taak ze te motiveren, maar als blijkt dat het toch niet werkt, dan moeten ze iets anders gaan doen. Daar moeten we heldere afspraken over maken.'

En wat hij in Nederland wél mist, is het contact met collega's buiten zijn eigen faculteit. In de colleges in Oxford loopt alles door elkaar heen. Hij hoopt dat dat gemis voor een deel verdwijnt in de Jonge Akademie, een clubje van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, waarvoor hij met 39 andere jonge wetenschappers is gevraagd.

Eerst die oratie. Het verhaal ligt bij de drukker, de toga hangt klaar. Heeft zijn vader nog aangehad. Die toga is wél oud.

Meer over