Melkkamelen zijn gevoelige dieren

In Berlicum staat de enige kamelenmelkerij van Europa. Afstellen van de melkmachine bleek nog een hele toer. Maar nu wordt Nederlandse kamelenmelk tot naar Australië geëxporteerd.

DOOR KAYA BOUMA

PROFIEL

Bedrijf

Kamelenmelkerij Smits

undefined

Waar

Berlicum

undefined

Sinds

2006

undefined

Aantal werknemers

3

undefined

Jaaromzet

350 duizend euro

Echt loeien kun je het niet noemen. Het diepe keelgeluid dat de kamelen uitstoten klinkt als een aanklacht. Bijna alle tachtig kamelen van boer Frank Smits (31) hebben zich voor het hek verzameld, aan de rand van een lap diepgroene Brabantse weide. De lucht is donker als de eerste druppels op de harige ruggen van de dieren vallen. Verontwaardigd brommen de kamelen. Ze houden niet van regen.

'En dus gaan ze naar binnen', besluit Smits, eigenaar van de enige kamelenmelkerij in Europa. 'Want als de kamelen niet blij zijn, geven ze geen melk.' Het zijn gevoelige dieren, dat heeft hij de afgelopen acht jaar wel geleerd. Ze willen rust en regelmaat. Melk geven ze pas als ze zich op hun gemak voelen.

Kamelenmelkerij Smits in het Brabantse Berlicum telt tachtig kamelen. Dromedarissen eigenlijk, want de beesten hebben maar één bult. Toch spreekt boer Smits liever van kamelen. 'Alleen in het Nederlands en Duits bestaat er onderscheid, in alle andere talen worden deze dieren kameel genoemd.' De boer heeft bewust voor de eenbultige kameel gekozen: ze geven meer melk dan hun tweebultige familieleden.

Waarom zou een boer überhaupt kamelen melken? Smits kwam op het idee door een rapport van wereldvoedselorganisatie FAO uit 2006. De organisatie ziet veel mogelijkheden voor kamelenmelk, die volgens het rapport rijk is aan ijzer en drie keer zo veel vitamine C bevat als koemelk. Onderzoek wijst er bovendien op dat de melk goed is voor diabetici. Suikerziektepatiënten die dagelijks kamelenmelk drinken, zouden minder insuline nodig hebben. Ook voor mensen met een koemelkallergie kan de kamelenmelk - die iets zouter smaakt dan gewone melk - een uitkomst zijn.

Smits studeerde nog aan de hogere agrarische school in Den Bosch toen het rapport van FAO uitkwam. Hij schreef zijn scriptie over de afzetmogelijkheden van kamelenmelk in Nederland en zag een gat in de markt. Hij besloot zijn spaargeld in kamelen te steken. Dat bleek nog niet eenvoudig. 'In Nederland mag je alleen een kameel importeren vanuit de Europese Unie.' Uiteindelijk wist hij drie kamelen van de Canarische eilanden op de kop te tikken.

Van de gemeente huurde Smits het lapje grond naast zijn studentenflat om de exotische dieren te stallen. 'Ze dachten eerst dat ik een grap maakte.' De student bouwde een automaat waar voorbijgangers voor een euro een blikje voedsel voor de kamelen konden kopen. 'Zo kregen mijn kamelen tenminste goed voer.' Het scheelde bovendien in kosten.

Een paar maanden later huurde Smits een boerderij in Cromvoirt, waar hij zijn kamelenpopulatie uitbreidde tot veertig stuks. In 2010 kocht hij een grotere boerderij in Berlicum.

Jaarlijks verkoopt Smits 30 duizend liter melk, voor gemiddeld 6 euro per liter. In Nederland levert de boer vooral aan natuurvoedingswinkels en aan Marokkaanse en Somalische winkeliers. 'Mensen uit die landen zijn kamelenmelk gewend.' Daarnaast exporteert de boer naar zes Europese landen en naar Australië, Zuid-Afrika en de Verenigde Staten.

Behalve als melk verkoopt Smits zijn product ook in poedervorm. De melk is zelfs in capsules te krijgen - het lichaam breekt de melk in een capsule pas later af, waardoor de gezondheidseffecten hoger zouden zijn. De boer verkoopt ook producten waarin de melk verwerkt is zoals bonbons, brood en zeep.

Ook verdient Smits aan het bekijks die zijn dieren trekken. Per jaar krijgt hij zesduizend bezoekers, de meesten van buiten Brabant. Ook vanuit België en Duitsland komen toeristen af op een dagje kamelen kijken. De boer heeft een speciale zaal ingericht voor presentaties.

'Wie is er aan de beurt?' Routineus tilt boer Smits een blond jongetje op een kameel. Zo'n tien bezoekers zijn vandaag op 'kamelensafari' gekomen, ze krijgen voor tien euro een twee uur durende rondleiding over de kamelenboerderij. Aan het eind mag iedereen die durft op een kameel. De blonde kleuter kijkt verdwaasd om zich heen en barst dan in tranen uit. Zijn moeder neemt een foto. De kameel schuift traag haar kaken heen en weer, kauwend op een handje stro.

Als ook alle moeders op een kameel hebben gezeten, begeeft de groep zich naar het restaurant. Smits heeft het restaurant, waarvan de ramen uitzicht bieden op de kamelen in hun stal, een maand geleden geopend. Op het menu staan behalve halve haan, tomatensoep en lasagne ook kamelenmelkpannekoeken. Kamelenvlees bereidt de keuken niet, want daar ziet Smits geen markt in. 'Er zit te weinig vlees aan een kameel.'

Over de vraag naar zijn product heeft de boer niet te klagen. 'Er is meer vraag dan aanbod.' Hoewel er in Somalië, Dubai en de Emiraten verschillende kamelenmelkerijen bestaan, ziet Smits ze niet als concurrentie. 'Ik heb er een aantal bezocht. Daar heb ik vooral geleerd hoe ik het niet wil doen.' Het ontbreekt de boeren volgens Smits aan moderne technieken. 'Ze hebben geen melkmachines en onvoldoende koeling.' Bedrijven van buiten Europa mogen hun melk pas sinds vorig jaar afzetten in de Europese Unie.

Smits is overigens niet de enige westerse kamelenboer. In Kenia staat een kamelenmelkerij die door een Duitser wordt gerund, en ook in de Verenigde Staten bestaat een kamelenmelkerij. Toch concurreert de Brabantse boer vooral met andere alternatieven voor koemelk, zoals paarden-, geiten- en sojamelk.

Het gaat Smits nu voor de wind, maar de beginjaren waren pionierstijd. In eerste instantie mocht Smits zijn kamelen niet melken van de inspectie. De dromedaris stond niet op de lijst dieren die in Nederland voor productie mogen worden gehouden. 'Het vergde veel tijd en papierwerk, maar ik heb het uiteindelijk toch voor elkaar gekregen om de kameel op de lijst te krijgen'.

Het melken zelf bleek ook niet gemakkelijk. 'De melkmachine die ik had, was afgesteld op koeien. Het was een kwestie van heel veel proberen voor het lukte.' De kameel geeft haar melk bovendien niet zomaar prijs. Als er vreemden bij het melken aanwezig zijn laat ze haar melk niet schieten, ontdekte de boer. Bovendien moet haar kalf erbij zijn. 'Dat mag eerst drinken om het proces op gang te krijgen.'

In de eerste zes jaar leverde het houden van de exotische dieren Smits weinig geld op. Wat hij verdiende, stak hij in uitbreidingen. 'Ik heb in die tijd geen rode cent verdiend.' De laatste twee jaar draait de kamelenboer wel winst. Hij verwacht de komende jaren zijn kudde nog verder uit te breiden. Dat gaat deels vanzelf dankzij de twee hengsten die hij bezit. Om inteelt te voorkomen huurt hij ook andere hengsten. Meer hengsten kan de boer niet gebruiken. Mannetjeskalveren verkoopt hij aan dierentuinen.

De kamelenboer doet zijn werk met plezier. 'Vroeger had ik niets met kamelen, maar nu heb ik er veel schik in.'

undefined

Meer over