'Mein Kampf' moet normaal te verkrijgen zijn

Nieuwe generaties moeten Hitlers Mein Kampf kunnen lezen. Het zou goed zijn als de overheid tot een heruitgave besluit.

Op 3 oktober stelde Arjan Peters de vraag: 'Moet Mein Kampf' verboden blijven?' Hij komt tot de conclusie dat dit verbod moet worden opgeheven. Hij is, zegt hij, een nieuwsgierig mens, en zou graag dat boek eens willen lezen. Het is inderdaad te gek dat dit, bijna zestig jaar na de dood van de auteur, nog steeds niet mogelijk is. Peters verwijst overigens naar de Mein Kampf van de Duitse historicus Werner Maser, dat 'bijna een geannoteerde versie is, en daardoor veel leesbaarder en begrijpelijker'.

Die laatste overweging is natuurlijk van grote betekenis. Mein Kampf is tachtig jaar geleden geschreven, in een andere epoche, het boek vergt alleen al toelichting om het in het tijdsbeeld te plaatsen. Daarbij is toelichting nodig, die duidelijk maakt in welke mate de in Mein Kampf uiteengezette ideeën ook tot gruwelijke werkelijkheid zijn gemaakt door de schrijver en zijn fanate volgelingen. Juist omdat dit laatste plaatsvond is het van belang van het geschrift kennis te kunnen nemen, als teken van tegenspraak.

Ik vraag mij af of er eigenlijk wel sprake is van een 'verbod' om Mein Kampf opnieuw uit te geven. Ik ken geen rechterlijke uitspraak die het uitgeven van het boek (bijvoorbeeld op grond van art.137d Wetboek van Strafrecht, aanzetting tot haat tegen groepen van mens wegens hun ras) strafte. Als dat zo was, dan zou ook antiquarische handel in Mein Kampf strafbaar zijn.

Het verbod op een uitgave is gebaseerd op het feit dat het auteursrecht op Mein Kampf in Nederland als 'vijandelijk bezit' in de oorlogsjaren door de overheid is genaast, en dat dus alleen de overheid tot een Nederlandse uitgave zou kunnen besluiten. Zij kan daarom zo'n uitgave langs civielrechtelijke (dus niet strafrechtelijke) weg onmogelijk kan maken. In feite maakt de Staat der Nederlanden door dat te doen gebruik van zijn auteursrecht om andere redenen - zijn begrijpelijke afkeer van de inhoud van dat boek - dan waarom dat auteursrecht is verschaft - bescherming van de auteur tegen roofdrukken. Tegen censuur door de overheid wegens de inhoud van het geschrift wapent ons nou net de drukpersvrijheid.

Hoe het zij, het zou juist goed zijn als de overheid zelf het initiatief zou nemen tot de uitgave van een geannoteerde Nederlandse versie van Mein Kampf. Protesten als in 1974 zijn ingebracht tegen de fotografische herdruk van de bestaande Nederlandse vertaling van de hand van de NSB'er Steven Barends kan ik begrijpen, maar we zijn nu dertig jaar verder. Een hele generatie kent het boek alleen van horen zeggen. Niemand krijgt de kans om zelf vast te stellen wat de nazi's al in 1925 gezegd hadden, jaren voordat zij in 1933 aan de macht kwamen in Duitsland. Niemand krijgt de kans om na te lopen en te begrijpen waarom zo'n boek toen verschijnen kon - en nog meer, waarom zovelen er achter aanliepen. Zoals Sebastian Haffner in zijn Anmerkungen zu Hitler baanbrekend opmerkte: het is van belang te begrijpen waarom die man zo'n succes had. Het voldoet niet om hem alleen af te doen als een slecht mens. Waarom diende en volgde men dan dat slechte mens?

Zelf heb ik Mein Kampf al in mijn studententijd in de jaren vijftig, in het Duits, gelezen. Omdat mijn vader het in zijn boekenkast had staan, ook toen we tijdens de oorlog in Engeland zaten. Hij vond dat ik zo'n boek moest kunnen lezen. Ik kwam er met moeite en weerzin doorheen. Maar sindsdien heb ik nooit meer iemand geloofd die zei dat we het niet hadden kunnen zien aankomen.

Meer over