Meespelen met de Turkse regels

De handel bloeit tussen Turkije en Nederland. De twee landen halen deze week de betrekkingen aan met het staatsbezoek van de Turkse president Gül aan Nederland. Maar niet iedereen heeft evenveel geluk. Het land kent zijn eigen mores.

ISTANBUL - Oké, er hangt een gestileerde tulp boven de ingang en er is een C&A-winkel, maar verder herinnert weinig aan Nederland in het immense winkelcentrum Forum in de Turkse stad Istanbul.

Toch is dit winkelcentrum van 170 duizend vierkante meter, inclusief reuzenaquarium, dinosaurussenattractie, ijsbaan en honderden winkels een van de grootste Nederlandse investeringen van de laatste jaren in Turkije. 'Er valt hier nou eenmaal geld te verdienen', zegt de Nederlandse manager Jurn Hoeksema lachend. 'Dan zijn wij Nederlanders er over het algemeen als de kippen bij.'

De 38-jarige Hoeksema - gebruind, snel pratend, strak in het pak - is directeur van de beleggingspoot van de Nederlandse projectontwikkelaar Multi Development, die eigenaar is van winkelcentrum Forum Istanbul. Zijn kantoor heeft uitzicht op de flats van een zakenwijk in Istanbul. Het is een grauwe dag in de Turkse metropool. Voor het raam drijven flarden mist voorbij.

Hoeksema's bedrijf heeft in zeven jaar tien winkelcentra uit de grond gestampt in Turkije en heeft er zeven daarvan in eigendom. Een investering van 1,8 miljard euro. 'De Turkse economie gaat meer op en neer dan de Nederlandse', zegt Hoeksema. 'De dalen zijn dieper en de toppen zijn hoger, maar wij zijn ervan overtuigd dat Turkije op de lange termijn omhoog blijft gaan.'

Nederland en Turkije vieren dit jaar vier eeuwen diplomatieke betrekkingen. De Turkse president Abdullah Gül brengt in dat kader van dinsdag tot donderdag een bezoek aan Nederland. De viering komt op een moment waarop de politieke relatie tussen Nederland en Turkije onder druk staat. Dat komt onder meer door de opmars van Geert Wilders' PVV en doordat Nederland sceptischer is geworden over de toetreding van Turkije tot de Europese Unie. Maar tegelijkertijd bloeit de handelsrelatie, vooral dankzij de stevige groei van de Turkse economie.

Het Turkse bruto binnenlands product nam het afgelopen jaar met 8,5 procent toe en een jaar eerder met 8,9 procent. Dit jaar zal de groei door de crisis in Europa waarschijnlijk lager uitpakken, maar Turkije blijft veel harder groeien dan Europese landen. En Nederlandse bedrijven als Unilever, Aegon en ING pikken graag een graantje mee. De Nederlandse export naar Turkije groeide van 3,3 miljard euro in 2006 naar 4,8 miljard in 2011, een toename van 43 procent.

Ondernemingsdrift

'Wat ik fantastisch vind in Turkije zijn de ambitie en de ondernemingsdrift', zegt Hoeksema van Multi Development. 'Het is goed samenwerken met Turken.' De Nederlandse onroerendgoedman loopt naar de deur van zijn kantoor en grijpt een hangertje met een blauw-geel gestreept shirt van de Istanbulse voetbalclub Fenerbahçe van een haakje. Hij vertelt dat hij samen met een Turkse mededirecteur geregeld naar voetbalwedstrijden gaat, om contacten op te doen. 'Dat soort connecties zijn belangrijk in Turkije. En als je hier actief bent, moet je in die dingen investeren.'

Wat niet wil zeggen dat alles altijd op rolletjes loopt. Want Turkije is door bureaucratie en corruptie niet het makkelijkste land om zaken in te doen. Op een ranglijst van de Wereldbank van het ondernemingsklimaat in 183 landen staat Turkije op nummer 71. Het is in Turkije makkelijker zaken doen dan in bijvoorbeeld Griekenland of Albanië, maar lastiger dan in Polen, Tsjechië of Wit-Rusland.

Hoe het mis kan gaan, ontdekte de Nederlandse projectontwikkelaar Aat van Herk. Van Herk, wiens vermogen door zakenblad Quote wordt geschat op 600 miljoen euro, kwam enkele jaren geleden in contact met kopstukken van de Turkse regeringspartij AKP. Zij moedigden hem aan om te investeren en introduceerden hem bij Turkse zakenmensen. Samen met Turkse partners won hij een aanbesteding voor de bouw van een complex van elf appartementengebouwen aan de rand van Istanbul. Maar dat was het begin van een reeks problemen.

Vuurwapen

Volgens Van Herk verzwegen de Turkse autoriteiten dat er al tijdens de aanbesteding bestemmingsplanprocedures liepen over het project, waardoor hij lange tijd niet kon beginnen met bouwen. Een van zijn Turkse partners ging bovendien failliet. Een andere probeerde hem op te lichten.

Toen Van Herk daarover verhaal probeerde te halen, bleken de Turkse zakenmensen een vuurwapen te hebben. Een medeaandeelhouder van Van Herk werd beschoten en gewond overgebracht naar een ziekenhuis. Volgens de Nederlander werd het project uiteindelijk in een frauduleuze nieuwe aanbesteding gegund aan een Turks bedrijf met 'hechte banden' met de autoriteiten.

Van Herk is inmiddels voor een internationaal arbitrage-instituut een zaak begonnen tegen de Turkse staat. Hij eist een schadevergoeding van minimaal 325 miljoen euro. Of de claim een kans maakt, is onduidelijk. Noch Van Herk noch de Turkse overheid wilde op de kwestie reageren.

Op het kantoor van ING in Istanbul reageert Hüseyin Çelik grinnikend op het verhaal over Van Herk. 'Wij krijgen hier geregeld Nederlandse ondernemers op bezoek, die dan hun Turkse partner meenemen.' Hij slaat lachend zijn hand voor zijn gezicht. 'Onder die partners zit me toch een gespuis.'

Çelik, een Nederlander van Turkse komaf, bestiert de European Business Desk van de Turkse dochter van ING. Hij begeleidt vanuit een kantoor aan een drukke asfaltbaan in Istanbul Nederlandse bedrijven die de Turkse markt op willen.

Nederlandse ondernemers die naar Turkije komen, moeten volgens Çelik meer rekening houden met cultuurverschillen. Zo zijn Turkse bedrijven hiërarchischer dan Nederlandse. Deadlines zijn minder hard en contracten zijn vaak weinig waard. 'Als iets op papier staat, is dat leuk, maar dat betekent niet dat het wet is. Turken beginnen kort na ondertekening vaak opnieuw te onderhandelen en trekken zich dan niks meer aan van het contract.'

Çelik pleit voor realiteitszin. 'Ik krijg vaak klachten van Nederlandse ondernemers dat het in Turkije zo moeilijk zakendoen is. Maar dan zeg ik: niemand dwingt je hierheen te komen. Je komt omdat je hier geld denkt te kunnen verdienen, omdat je hogere marges kunt halen. Maar bij die hogere marges horen óók grotere risico's. Als je hierheen komt, moet je meespelen met de Turkse regels.'

Handel is al eeuwen een verbindende factor

De Turks-Nederlandse diplomatieke betrekkingen gaan terug tot 1612. Nederland en het Ottomaanse Rijk, de voorganger van het huidige Turkije, sloten toen een verdrag dat Nederland het recht gaf handel te drijven met de Ottomanen en dat Nederlanders toestond zich in het Rijk te vestigen.

Er waren daarna af en toe incidenten. Zo ondervonden Nederlandse schepen lange tijd hinder van zeerovers uit 'Barbarije', zoals het gebied van de Berbers werd genoemd, dat tot het rijk van de sultan behoorde.

In 1922 was er een dramatische evacuatie van de Nederlandse kolonie uit Izmir, toen Turkse troepen daar huishielden onder niet-islamitische inwoners. Maar over het algemeen waren er weinig spanningen.

Handel vormde daarbij eeuwenlang een belangrijke verbindende factor. Zo speelde de Nederlandse Handelmaatschappij, voorloper van de ABN, een hoofdrol bij de levering van Turkse opium aan Indië. De Turkse gastarbeiders die vanaf 1964 naar Nederland kwamen, hebben de relatie verder verdiept.

undefined

Meer over