Meer informatie

HET BELANG van Internet is door veel mensen schromelijk onderschat. Aanvankelijk dacht ik ook dat het zo'n vaart niet zou lopen....

Ad Lagendijk

Achter een computer kan ik alle recente uitgaven van toptijdschriften als Nature en Science in een mum van een tijd op mijn scherm krijgen. Ik heb experimenteel uitgezocht dat het sneller is dan naar de bibliotheek lopen. Als ik ook nog een kopie van het artikel wil hebben, is de bibliotheek helemaal een stuk trager - en dan ga ik er nog van uit dat de kopieermachine dit keer niet stuk is. Het uitdraaien van een artikel via mijn computer is vele malen sneller en levert superieure kwaliteit op.

Laten we vooral niet vergeten dat het web een uitvinding is van een stelletje 'nutteloze' Europese hoge-energiefysici. Bij al deze elektronische ontwikkelingen blijven de natuurkundigen voorop lopen. Het niet-commerciële Amerikaans genootschap van fysici, de American Physical Society (APS), is niet te stuiten in zijn enthousiasme voor het web.

Deze organisatie geeft een groot aantal toonaangevende wetenschappelijke tijdschriften uit en die zijn allemaal tegen een spotprijs opvraagbaar per computer. Haar computerbestanden gaan nu al terug tot 1985. En de APS is bezig al haar tijdschriften, tot het begin van de Physical Review in 1893, beschikbaar te stellen via het web.

De commerciële uitgevers, zoals Elsevier, hebben intussen eieren voor hun geld gekozen en hebben ten koste van grote investeringen hun achterstand op het elektronische gebied grotendeels weggewerkt.

Ook de universiteiten krijgen in de gaten hoe belangrijk de rol van het web wordt bij de toelevering van informatie. Het aantal databanken dat ik via de universiteit kan raadplegen, is nu al onvoorstelbaar groot. Binnen een paar minuten kan ik van welke wetenschapper dan ook bijvoorbeeld een citatie-score bekijken. Van werkelijk alle wetenschappelijke tijdschriften kan ik inhoudsopgaven bekijken.

Bij al deze veranderingen valt het wetenschappers op dat ze ook nog te maken hebben met instanties die op elektronisch gebied ergerlijk achterblijven. Ik heb het bijvoorbeeld over de KNAW (Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen) en NWO (Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek). Dat zijn organisaties die veel belastinggeld mogen uitgeven aan wetenschappelijk onderzoek en er prat op gaan dat ze daarbij zoveel beter dan de universiteiten op kwaliteit letten.

Het bestaansrecht van deze organisaties is dienstverlening aan onderzoekers. En aan die service schort heel wat. Als je op hun webpagina's kijkt om uit te zoeken hoe je een aanvraag moet indienen, word je doorverwezen naar een telefoonnummer of naar een brochure die je schriftelijk kan bestellen. Niks is op een efficiënte manier via het web te regelen. Misschien dat ze eens moeten kijken hoe vergelijkbare Amerikaanse organisaties dat moderner aanpakken. Ja, zelfs de wetenschappelijke organisaties van de EU werken al veel doelmatiger.

Maar nog erger dan het gebrek aan dienstverlening vind ik het tekort aan informatie over hun beleid. De samenstelling van de belangrijke commissies wordt bijna nooit vermeld. Tevergeefs zoek je naar jaarverslagen of beleidsstukken. Het enige beleidsdocument dat NWO in drie jaar heeft geproduceerd, heet Kennis verrijkt. Ik heb die nota nog steeds niet op haar website kunnen vinden.

Minister Hermans komt binnenkort met een nieuwe begroting en visie op het wetenschapsbeleid. Ik hoop dat hij nu eens aandacht besteedt aan de verantwoordingsplicht die organisaties als NWO en KNAW hebben. Het web is een ideale manier om die informatie te verschaffen.

Meer over