Nieuws

Meer dan 40 duizend dier- en plantensoorten dreigen te verdwijnen, vooral libellen en waterjuffers bedreigd

De internationale Rode Lijst van bedreigde dier- en plantensoorten is voor het eerst boven de 40 duizend gekomen. Die lijst telt nu 142.577 soorten, waarvan er 40.084 met uitsterven worden bedreigd. Dat heeft de opsteller van die lijst, de International Union for Conservation of Nature (IUCN), donderdag bekendgemaakt.

Jean-Pierre Geelen
Parende speerwaterjuffers. Beeld Getty
Parende speerwaterjuffers.Beeld Getty

Vooral libellen en waterjuffers worden bedreigd. Van alle 6.016 soorten wordt 16 procent met uitsterven bedreigd. Die achteruitgang is wereldwijd en wordt volgens de organisatie veroorzaakt doordat hun broedplaatsen in zoet water steeds verder afnemen.

Voor libellen in Noord-Amerika en Europa vormen klimaatverandering en het gebruik van bestrijdingsmiddelen en andere verontreinigende stoffen de grootste bedreigingen, aldus de IUCN. Daarnaast wordt in Zuid- en Zuidoost-Azië meer dan een kwart van alle soorten bedreigd door het vernietigen van ‘wetlands’ (drassige gronden) en regenwouden, om plaats te maken voor gewassen zoals palmolie. In Midden- en Zuid-Amerika is de belangrijkste oorzaak van de achteruitgang van libellen het kappen van bossen voor (woning)bouw.

Waterdieren

Libellen zijn volgens de IUCN zeer gevoelige indicatoren voor de toestand van zoetwaterecosystemen. De wereldwijde beoordeling van de populaties biedt volgens de organisatie een goed inzicht in de omvang van de achteruitgang van de soort. Ook vormt het onderzoek een belangrijke basis om het effect van beschermingsmaatregelen te kunnen meten, aldus de IUCN. Volgens de organisatie is het voor de libellen en waterjuffers van cruciaal belang dat regeringen, landbouw en industrie bij ontwikkelingsprojecten rekening houden met de bescherming van wetland-ecosystemen, bijvoorbeeld door belangrijke leefgebieden te beschermen en ruimte te maken voor stedelijke wetlands.

Een andere waterdiersoort, de Pyrenese desman – een zoogdier dat alleen voorkomt in rivieren in Andorra, Frankrijk, Portugal en Spanje – is op de Rode Lijst van de categorie ‘kwetsbaar’ naar ‘bedreigd’ gegaan. Het aan de mol verwante dier, met een lange, gevoelige neus en grote poten met zwemvliezen, is een van de twee laatste overgebleven desmansoorten ter wereld. De populatie van de Pyrenese desman nam sinds 2011 met 50 procent af. Als oorzaak daarvan noemt de IUCN verstoring van zijn leefgebied door menselijke invloeden, zoals verlaging van het waterpeil door de bouw van centrales, dammen en waterwinning voor de landbouw.

De Pyrenese desman. Beeld
De Pyrenese desman.

Rode Lijst

De Rode Lijst van de IUCN wordt sinds 1963 opgesteld en geldt als een gezaghebbende bron met wetenschappelijke basis. Hij wordt jaarlijks bijgesteld en gepubliceerd. Volgens Vincent Kalkman, entomoloog bij Naturalis in Leiden, past de nieuwe publicatie van IUCN in de lijn die al eerder werd geconstateerd.

Enkele jaren geleden stelde de Dragonfly Specialist Group, waarvan Kalkman voorzitter was, al dat een substantieel deel van de libellenpopulatie in de wereld onder druk stond. Kalkman: ‘Een behoorlijk deel van de populaties werd ook toen al bedreigd, relatief veel in bosrijke gebieden en op eilanden, zoals Indonesië en de Filipijnen. Op zichzelf logisch: dat konden we dertig jaar geleden al zien aankomen, toen daar massale boskap begon.’

In Nederland worden soorten libellen en waterjuffers ook bedreigd. Tegelijkertijd is de laatste dertig jaar een verbetering zichtbaar, constateerde het kenniscentrum voor waterschappen Stowa vorig jaar in een onderzoek. De reden daarvoor was de verbetering van de waterkwaliteit ten opzichte van de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw.

Kalkman: ‘Door klimaatverandering zien we nu wel dat de noordelijke soorten echt hinder ondervinden van opwarming. Ze gaan in aantallen en verspreiding achteruit. De venglazenmaker bijvoorbeeld gedijt in een gematigd, boreaal klimaat. Die was twintig jaar geleden nog vrij algemeen vertegenwoordigd, maar is nu in het zuiden helemaal verdwenen en in het noorden doet-ie het slecht.’

Hoewel het voor sommige soorten eenvoudigweg te laat zal blijken, schuilt de waarde van de Rode Lijst er volgens Kalkman in dat het een goede basis is om beschermend beleid uit te ontwikkelen.

Meer over