Nieuws

Meer ambitie, minder suiker en zout – daar krijgen we namelijk nog steeds te veel van binnen

Sinds 2014 krijgen Nederlanders gemiddeld dagelijks een snufje zout en twee suikerklontjes minder binnen. Daarmee worden door de overheid uitgesproken ambities echter niet gehaald.

 Ten opzichte van 2014 krijgen Nederlanders per dag 7,5 gram minder suiker binnen. Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
Ten opzichte van 2014 krijgen Nederlanders per dag 7,5 gram minder suiker binnen.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Zeven jaar geleden beloofden de industrie, detailhandel, cateraars en de horeca aan het ministerie van Volksgezondheid om minder zout, suiker en vet in hun producten te stoppen. De ambities – geen harde afspraken – werden vastgelegd in het Akkoord Verbetering Productsamenstelling (AVP). De verantwoordelijkheid om producten gezonder te maken lag bij het bedrijfsleven zelf.

Uit recent onderzoek concludeert het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) dat fabrikanten sindsdien ‘kleine stappen’ hebben gezet om hun producten gezonder te maken. Desalniettemin krijgen consumenten nog steeds te veel suiker en zout binnen. Diezelfde conclusie trok het RIVM al in 2019 en 2017.

Sinds het jaar waarin het AVP werd gesloten krijgen mensen dagelijks naar schatting bijna 0,5 gram minder zout binnen. Dat komt vooral doordat producten als brood, vlees, kaas en soep minder zout bevatten. Toch wordt het doel van maximaal 6 gram zout per dag niet gehaald: een gemiddelde Nederlander zit daar zonder dat ‘snufje’ nog steeds 2,3 gram boven.

Wat de suikerinname betreft, werd vooral vooruitgang geboekt bij frisdranken. Het RIVM schat dat Nederlanders ten opzichte van 2014 per dag 7,5 gram minder suiker binnenkrijgen – zo’n twee suikerklontjes. Voor het AVP kregen mensen dagelijks gemiddeld zo'n 114 gram suiker binnen via voeding. Voor suiker is geen harde norm vastgelegd.

Steviger ingrijpen

In het AVP werd ook over verzadigd vet gesproken, maar de effecten daarvan zijn niet bekend. Omdat daarover te weinig afspraken zijn gemaakt, heeft het RIVM de gevolgen niet doorgerekend. Volgens het instituut had er meer bereikt kunnen worden als voor meer producten ambitieuzere afspraken gemaakt waren. Later dit jaar komt het met onderzoeksresultaten die moeten uitwijzen hoe producten door het AVP zijn veranderd.

Het in 2018 gesloten Nationaal Preventieakkoord borduurt voort op de plannen en ambities uit het AVP. ‘Er wordt toegewerkt naar een aanbod van alle productgroepen met minder zout en minder kilocalorieën, door inzet op minder suiker, minder (verzadigd) vet en kleinere porties’, luidt een van de beloftes daarin.

Eind vorig jaar bleek dat een ander plan uit het nieuwe akkoord nog niet wil vlotten: supermarkten doen nog altijd weinig om klanten te verleiden tot het kopen van gezonde voeding. In januari maanden onderzoekers van de Universiteit Utrecht en de Wageningen Universiteit de overheid tot steviger ingrijpen.

Meer over