Mariniersfabriek draait overuren

Na twee oorlogen in twee jaar zakt de Amerikaanse krijgsmacht bijna door zijn hoeven. Soldaten en hun familieleden klagen steeds meer....

Buiten schelden instructeurs met schorre stemmen rekruten de huid vol, binnen springt marinierin-opleiding Davaughntae Hill nerveus in de houding. De 18-jarige snakt ernaar om iets van zijn leven te maken. Hij wil niet meer zwerven op straat, hij wil een doel hebben. 'Ik zal slagen, sir!', roept hij in het zwembad van het mariniers-trainingscentrum Parris Island in South-Carolina.

De rekruut is amper uitgesproken of hij krijgt een reprimande van kapitein James Nott. Want eenmaal op Parris Island ('We maken mariniers hier'), zijn rekruten geen individu meer. 'Praat niet in de ik-vorm, marine!', corrigeert Nott. Hill, geschrokken: 'Ja, sir. Deze marinier zal slagen, sir!' De routine van alledag overheerst op Parris Island, alsof de VS niet 'in oorlog' zijn.

In twaalf weken leveren ze hier mariniers af, zoals Parris Island al sinds 1915 gewend is te doen. De Amerikaanse krijgsmacht mag bijna door zijn hoeven zakken door de grote en lange operaties in Irak en Afghanistan, rekruten zijn er voorlopig genoeg in het grootste boot camp van het marinierskorps aan de Oostkust.

'Irak en Afghanistan hebben geen negatieve invloed op het aantal aanmeldingen', bezweert officier Oliver Jarad. 'Jonge kerels zat die marinier willen worden.'

De vraag is of ze over een paar jaar nog bij het korps willen blijven. Want twee oorlogen in twee jaar, de strijd tegen het terrorisme,beginnen hun tol te eisen in het 1,4 miljoen militairen sterke Amerikaanse leger. Zelfs bij het 175 duizend man grote marinierskorps. Achttien maanden thuis, tussen twee uitzendingen in het buitenland, kunnen mariniers anno 2004 op hun buik schrijven.

M uitzendingen en minder tijd bij de familie zijn een realiteit geworden. Reservisten en Nationale Garde-militairen van de landmacht zijn zelfs ztzet over de lange uitzendingen naar Irak en Afghanistan, dat maar liefst 20 procent nu overweegt de krijgsmacht te verlaten. Vooral de landmacht zucht onder de vele operaties. Acht van de tien divisies zijn nu betrokken bij de campagnes in Irak en Afghanistan.

Afgelopen maand zag het Pentagon zich genoodzaakt de 480 duizend man sterke landmacht, die het leeuwendeel van de operaties uitvoert, tijdelijk uit te breiden met 30 duizend soldaten. De nood is zog, dat voor Irak een steeds groter beroep moet worden gedaan op reservisten en de Nationale Garde. Deze 'burger-soldaten' zullen deze zomer zo'n 40 procent uitmaken van de troepen in Irak.

De krijgsmacht lijkt nu de prijs te betalen voor het grote optimisme van de regering-Bush vhet begin van de Irak-oorlog. Omdat weinig bondgenoten nu troepen willen sturen en de opbouw van een Iraakse veiligheidsmacht niet vlot verloopt, is het Pentagon gedwongen 130 duizend militairen in Irak te houden. De nieuwe landmacht-bevelhebber, generaal Peter Schoomaker, hield het Congres onlangs voor dat hij ervan uit gaat dat nog zeker de komende twee jaar 100 duizend soldaten in Irak moeten worden gelegerd.

'We weten het gewoon niet', zei chef-staf Richard Myers eerlijk ARTZ/LAIF/HH toen een Congreslid hem vroeg hoe lang Amerikaanse militairen er nog nodig zullen zijn. Het voorspelt weinig goeds voor de militairen en hun families. Tijdens een bezoek aan militairen in Duitsland die zich opmaakten voor hun vertrek naar Irak, werd onderminister van Defensie Wolfowitz deze maand geconfronteerd met de onvrede. Familieleden uitten flinke kritiek op de 'uitzenddruk'.

Als het aan de Democraten ligt, komen er 85 duizend militairen bij om de 'overwerkte' krijgsmacht uit de brand te helpen, onder wie zo'n 15 duizend mariniers. Nog geen jaar na hun opmars naar Bagdad vertrekken mariniers opnieuw naar Irak, zo'n 25 duizend. Recruut Davaughntae Hill wil er vroeg of laat ook naar toe. Als hij tenminste de zware opleiding weet te doorstaan. 'Elke marinier is bereid zijn leven te geven voor zijn land.'

Meer over