Man van de woensdag

Ik schrijf deze column altijd op maandagen, de dag van de week die, zoals algemeen bekend, voor de meeste mensen niet de swingendste en inspirerendste van de zeven is....

Hoe dan ook toch jammer voor lezers dat ze hier altijd maar weer een maandagse W. de Jong geserveerd krijgen, als er bijvoorbeeld ook nog wel degelijk een klassiek-zondagse variant van de man in kwestie bestaat. Dat is een behoorlijk hupser type, al zeg ik het zelf. Zolang zo’n zondag tenminste niet helemaal in het teken staat van familiebezoek, en vooropgesteld ook dat thuis de ramen niet gaan bewasemen – een uitgesproken zondagmiddagverschijnsel! Of zeker zo erg: dat er zo’n schraal zondagmiddagzonnetje in de huiskamer naar binnenvalt dat maakt dat je de sleet en het stof op de meubels en op de houten vloer ineens zo goed ziet. Of dat je op zondagen meemoet naar het winkelhart om er te gaan shoppen. Allemaal deprimerende omstandigheden waardoor je van je zondaggevoel voortijdig doorschiet naar het maandaggevoel, een cumulatief effect waarvan je soms zelfs op dinsdagen nog last van kunt hebben.

Dinsdagen – praat mij er persoonlijk sowieso niet van. Doordeweekser, meer doorsnee en dus nietszeggender kun je het op de weekkalender niet krijgen. Er is serieus nooit wat op tv op dinsdagen, en die lamlendigheid strekt zich uit tot in alle geledingen van samenleving. Het is de overbodigste dag van de week, schreef ook de Noorse auteur Johan Harstad in zijn prachtboek Buzz Aldrin, waar ben je gebleven? Op dinsdagen worden wereldwijd 34 procent minder afspraken gemaakt – die met de begrafenisondernemer dan uitgezonderd, want in je graf gaan liggen blijkt dus volgens de statistieken weer echt iets voor op dinsdagen.

Overigens moet iemand als Harstad, of althans hoofdpersoon Mattias in zijn melancholieke roman, ook weer helemaal niks hebben van de vrijdagen, aangezien die per definitie, en ‘net als filmtrailers’, altijd méér voor het daaropvolgende weekend beloven dan ze kunnen waarmaken. Ik kan, zo levenslustig als ik verder ook ben, wel in die bedenkingen tegen de vrijdag meegaan. Wat zou je je in de luren laten leggen door het weekendgevoel dat de vrijdagmiddag oproept als je weet dat het zaterdagochtendgevoel al niet meer ver weg is: de mistroostigheid die je wekelijks ervaart als je om kwart voor zeven ’s morgens weer eens langs de lijn bij de F-jes staat, of met je jongste door de regen naar zwemles fietst.

Tel daarbij op dat de gemiddelde vent op zaterdagen aansluitend ook nog wordt geacht de auto te wassen of een andere kloteklus in of om het huis te doen, en hup: dik kans dat je zaterdags óver je ambivalente zondaggevoel heen al meteen in je maandagdip wordt gekatapulteerd. Wat dan automatisch inhoudt dat je ook je vaste zondagochtendgevoel misloopt: de opwinding en troost van de traditionele wekelijkse vrijpartij op dat tijdstip. Want logisch dat een mevrouw De Jong het niet wil doen met mannen die al op vrijdagmiddag of zaterdag met zo’n gevoel rondlopen alsof het helemaal geen gezellig, knus familieweekend is.

Eerstvolgende kans om dat heerlijke zondagochtendgevoel alsnog door door je hart en je lendenen te laten stromen: de tweewekelijkse donderdagochtenden waarop de werkster niet komt, en mijn echtgenote en ik een paar uur het rijk alleen hebben. Dat wil zeggen: als zij dan niet per ongeluk een buurvrouw of een moeder van school voor de koffie heeft uitgenodigd, er van vrijen om die reden niets komt en er helaas dus tóch weer moet worden toegeleefd naar het vaste zondagochtendgevoel. Lastig genoeg nog, het schrijnende donderdaggevoel dat je daar elke keer aan overhoudt. Maar oké, hoe sneller je je daar donderdags overheen zet, hoe eerder het natuurlijk weer gewoon woensdag is.

Meer over