Maffia forever

De gemeente Palermo ziet nieuwe kansen in de strijd tegen de Siciliaanse maffia. Maar volgens insiders is en blijft de 'cosa nostra' onuitroeibaar....

Het stinkt hier', zegt Rosalbe di Gregorio, straf-pleiter in Palermo, hoofdstad van Sicilië. Zij doelt niet op de uitpuilende vuilcontainers naast het terras van het duurste restaurant in de stad. Ze knikt richting een tafel, waaraan zojuist twee jonge medewerkers van het Openbaar Ministerie samen met hun partners hebben plaatsgenomen. Vervolgens beklaagt ze zich luidruchtig bij de bediening, een vriendelijk meisje dat haar best doet het alle gasten naar de zin te maken. 'Het stinkt hier', herhaalt Di Gregorio. Wat blijkt: een van de twee mannen op het terras heeft vorige week een kantoorgenoot van haar - eveneens maffia-advocaat - laten arresteren. Zijn bureau en telefoon werden afgeluisterd 'Een klotenstreek', vindt Di Gregorio. 'Nee, met de huidige generatie aanklagers is de lol er van af. Snotneuzen zonder karakter. Ze lijken allemaal op elkaar, net kippen uit een legbatterij. Tegenstanders van het formaat Falcone of Borsellino zijn er niet meer.'

Di Gregorio (46) verdedigde al honderden leden van cosa nostra, de Siciliaanse maffia. Geen eenvoudige job, want de Italiaanse justitie hanteert volgens haar nog steeds methoden die indruisen tegen de principes van een rechtsstaat. Ge lukkig, zo weet ze, zal het parlement in Rome er binnenkort een einde aan maken. Be wijzen construeren aan de hand van onbetrouwbare pentiti - kroongetuigen die hopen op strafvermindering - zal bij wet worden verboden.

Di Gregorio wijst op de dichtgemetselde katholieke kerk naast het restaurant. Het oude kerkje speelde een belangrijke rol in een recent strafproces, waarin zij de verdediging voerde. Tien kilo cocaïne hadden de daders in een graftombe van de kerk verborgen. 'Allemaal door de politie in beslag genomen. Echt zonde.'

Advocaat van de duivel, wordt ze genoemd. Voormalig huisvrouw, tweevoudig moeder, rechtenstudie in de avond uren, gescheiden. Op Sicilië strafpleiter nummer 1, ge vreesd wegens haar woede-uitvallen in de rechtszaal. Ze schroomt niet om, op het ordinaire af, haar vrouwelijke charmes in de strijd te werpen, en werd in een Duits damesblad geportretteerd als femme fatale.'

Terwijl ze praat, gooit iemand van de derde etage ineens een lang touw naar beneden. Even later klimt een jongeman behendig aan het touw langs de gevel omhoog. Op het smalle balkon prepareert hij in alle rust een elektriciteitsdraad. Hij sluit de draad, en dus de woning, illegaal aan op een lantaarnpaal. Stroom aftappen, onder het oog van een vol terras en twee officieren van justitie. Dit is Palermo. 'De échte hoofdstad van Italië', verzekert Attilio Bolzoni, correspondent-Sicilië van het dagblad La Repubblica en uitmuntend maffiakenner. Hij is een van de vele auteurs die een bijdrage hebben geleverd aan De maffia. 150 jaar feiten, cijfers en gezichten, een complete bibliotheek over 's werelds beruchtste misdaadorganisatie, gebundeld op een cd-rom.

Het schijfje, resultaat van een nieuw voorlichtingsproject van de stad Palermo, gemaakt door de lokale universiteit en medegefinancierd door de rijke regio Toscane, is bestemd voor het middelbaar onderwijs in Italië. De boodschap van de duizelingwekkende cd: de maffia en cosa nostra in het bijzonder zijn nog even gevaarlijk en slechts te bestrijden met uitgebreide voorlichting over en kennis van hun oorsprong, structuur en methoden.

'Maffia', aldus Bolzoni, 'is een drug. Op Sicilië hebben we er een spreekwoord voor: "Commanderen geeft meer bevrediging dan copuleren". Het gaat ons Sicilianen om de absolute controle. Maffia is uitgevonden op Sicilië en ons beste exportproduct. Nog steeds. Jammer dat het buiten Italië wordt onderschat en afgedaan als folkore. Ik ontdek nog steeds de ongelooflijkste praktijken en kan het gewoon publiceren. Het maakt de maffia niets uit. Ze zijn terugge keerd naar hun oorsprong. Cosa nostra opereert weer als herverzekeraar. Altijd bereid tot onderhandelen, conflicten met de staat vermijdend en de politiek, het zakenleven, de financiële industrie, de dagelijkse samenleving infiltrerend. Moord blijft natuurlijk het ultieme communicatiemiddel.'

Palermo, iets groter dan Amsterdam, is vanaf het vasteland en de pont over de Straat van Messina uit oostelijke richting te bereiken via een prima autosnelweg. Luchtreizigers komen vanuit het westen in de stad via dezelfde snelweg. Zoals Giovanni Falcone in 1992. Falcone, chef-maf fia jager van Palermo, landde met echtgenote op 23 mei van dat jaar op het vliegveld van Punta Raisi, een kleine veertig kilometer van Palermo. Ter hoogte van de afslag Capaci had de maffia onder een smalle doorgang van de snelweg een paar honderd kilo dynamiet geplaatst. Op het moment dat Falcone en zijn konvooi de plek passeerden, drukte ene Giovanni Brusca vanaf bergtop langs de snelweg op zijn afstandsbediening. De gevolgen waren verwoestend. Het wegdek werd weggeblazen, en Falcone en drie van zijn lijfwachten waren op slag dood. Zijn echtgenote bezweek niet lang daar na aan haar verwondingen. Twee maanden later werd Falcones opvolger Borsellino gedood. Een autobom voor het huis van zijn moeder in Palermo maakte een einde aan zijn leven en vijf lijfwachten.

De twee bloedbladen waren het begin van de Italiaanse revolutie. In de internationale berichtgeving werd die overschaduwd door de gevolgen van de val van de Berlijnse Muur, maar in Italië leidde ze in 1993 mede tot het verdwijnen van de gevestigde politieke orde en twee jaar later tot een aanklacht tegen Giulio Andreotti, zeven maal naoorlogs premier en in Rome nog steeds senator-voor-het-leven. In januari vierde Andreotti in de Senaat zijn tachtigste verjaardag. Premier D'Alema, de postcommunist, en de paus stuurden hun hartelijke gelukwensen. Vrijdag 24 september werd Andreotti vrijgesproken van het opdracht geven tot moord op een journalist in 1979. Hem wacht nog een vonnis in Palermo, waar hij terechtstaat wegens maffiacontacten.

Zomer 1999. Hotel Patria in Palermo, voormalig bordeel en studentenverblijf. Tot voor kort in het donker off limits, want liggend in een levensgevaarlijke buurt. Nu dé eetgelegenheid van Palermo. Vriendelijk verzoek om precies op het afgesproken tijdstip aanwezig te zijn. Om half elf 's avonds scheuren twee donkerblauwe Alfa Romeo's het smalle straat je in. Zes mannen in kogelvrij vest en getrokken pis tool springen uit de wagens en inspecteren de omgeving.

Roberto Scarpinato (47) stapt uit. Hij wandelt ontspannen de poort door, stelt zich voor en vraagt wat er gedronk en wordt. Spijkerbroek, wit open hemd, lang krullend haar tot op de schouders. Hij is officier van justitie en chef-aanklager tegen Andreotti. Eerder dit jaar eiste hij vijftien jaar tegen de Mister Europe, van wie ex-premier Prodi, de nieuwe president van de Europese Commissie, zich moeilijk kan voorstellen 'dat deze eminente politicus banden met de maffia onderhield'. Scarpinato: 'Tja, ook Helmut Kohl laat zich nog steeds lovend uit over Andreotti. Een paar maanden geleden had ik drie Duitse correspondenten uit Rome op bezoek. Of ik kon uitleggen waarom Andreotti ondanks het proces tegen hem zijn verjaardag in de Senaat mocht vieren en door de paus en de regeringsleider werd gefeliciteerd. Hoe lang woont u al in Italië? vroeg ik. Drie jaar, antwoordden de heren. Op zo'n moment staat je verstand stil. Dat ze het dan nog niet doorhebben.' Giulio Andreotti, aldus Scarpinato, is 'de perfecte definitie' van het naoorlogse Italië: 'Een fatale combinatie van religie, politiek en maffia.' Het 'basisconcept' van de Italiaanse samenleving is volgens de jurist onveranderd: Na verrichte (mis)daden met een weesgegroetje gewoon naar huis. 'Verantwoording aan het eigen geweten is hier nog steeds heel ongebruikelijk.'

Eind jaren tachtig keerde de bedrijfsjurist Scarpinato vanaf het vasteland terug naar zijn geboortestad. Zijn salaris bij het Openbaar Ministerie in Palermo bedroeg precies de helft van wat hij in het zakenleven verdiende. Zijn drijfveer was die van vele eilandgenoten ten tijde van het unieke zogenoemde 'maxi-proces' (1987) tegen honderden maffiosi: uit zoeken wat de Siciliaanse samenleving werkelijk verlamt.

Scarpinato: 'U praat wat laatdunkend over mijn politie-escorte. Overigens moet mijn vrouw ook rondom de klok door zes man worden bewaakt. We hebben als familie dus permanent twaalf bewakers. De noodzaak daarvan besef je pas tijdens het werk. Ik begon bij Justitie aan eenvoudige klussen. Op een bepaald moment merk je dat je een kamer bent binnen gegaan, waarvan de deur ineens is gesloten. Je kunt nooit meer terug.'

Het zijn de roemruchte pentiti die hem hebben verzekerd dat het nooit meer goedkomt. Zelfs als Andreotti van maf fia contacten wordt vrijgesproken, blijft voor Scarpinato het doodvonnis van kracht. 'Cosa nostra vergeet nooit. Het is goed mogelijk dat ik over tien jaar, vroegtijdig met pensioen of inmiddels in een andere baan, ergens een krantje koop en overhoop wordt geschoten. Dat is de realiteit van een officier van justitie die is belast is met de bestrijding van de maffia.' Scarpinato houdt zijn hart vast als het parlement de huidige wetgeving wijzigt en het niet langer mogelijk is de maffia te bestrijden met getuigenissen van overlopers: 'Ik vrees dat mensen als mevrouw Di Gregorio hun zin krijgen en dat wij de strijd dan definitief hebben verloren.'

Ofschoon Bolzoni, de expert van La Repubblica, verzekert dat de meeste moorddadige maffiosi zich nog uitsluitend in het dorp San Giuseppe Jato ophouden, zou een cosa nostra-lid ook in Palermo-zen kunnen wonen. In tegenstelling tot wat de naam van deze woonwijk suggereert, wonen in Zone Espensione Nord geen vreedzame boeddhisten, maar extreem gevaarlijke criminelen, het genre waarmee zelfs de maffia geen raad weet. Terwijl vele duizenden toeristen zich vergapen aan het vroeger gevaarlijke, maar thans zo pittoreske Palermo, heerst in deze grote buitenwijk de permanente staat van beleg. Politie is niet welkom, laat staan buitenlandse pottenkijkers. Uitsluitend onder begeleiding van ex-criminelen kan de wijk met circa vijfduizend inwoners worden bezocht.

Rosolino Abbate (35) - we vragen niet waarvoor hij is veroordeeld, weten wel waarom hij voortijdig is vrijgelaten - rijdt met een jeugdige kompaan voorop in een geleende Fiat Uno. Abbate stapt uit zodra we vanaf de scooter te kennen geven dat er foto' s moeten worden gemaakt. Beelden van de zoveelste opgeblazen auto, van vechthonden waar van de halve kop is weggebeten, van ingestorte flats, van onafzienbare vuilnishopen, van de twee hoge containers waar de bewoners dagelijks hun water moeten halen, van de katholieke kerk die in deze woestijn van menselijke ellende is neergezet voor de broodnodige biecht en controle.

Minstens zeventig lijken bevinden zich volgens enkele pentiti onder het beton van het relatief nieuwe Zen. Tijdens onze rondrit klinkt er tussen de gebouwen een enorme knal. Wordt er geschoten? 'Nee, vuurwerk', zegt Abbate. De fotografe, geboren en getogen in Palermo, sluit niet uit dat er wel degelijk wordt geschoten. Wegwezen', luidt haar advies.

Palermo-Zen, een schande voor Italië en Europa? Abbate haalt z'n schouders op. Hij heeft geluk gehad. Hij is een van de circa duizend gevangenen die met behulp van Europese subsidies de kans kregen zich in Palermo te rehabiliteren. Zelf exploiteert hij een bar in Kalsa, de Arabische wijk van Palermo, waar zowel Falcone als Borsellino opgroeide. Vroe ger, nog geen vijf jaar geleden, was het voor buitenstanders niet raadzaam zich hier te vertonen.

Kalsa is inmiddels een toeristische attractie. Op initiatief van burgemeester Leoluca Orlando werd in 1995 door ex-gevangenen een oude kerk gerestaureerd die sinds het begin van de eeuw was volgedumpt met afval. De Santa Maria dello Spasimo-kerk werd het symbool van de Palermo Renai s sance, door Orlando omschreven als het doorbreken van de eeuwige muur van zwijgen. Orlando (52) wordt aanbeden, al is de magie al een beetje van hem af. De droom is bijna voorbij', zeggen enkele ex-raads leden die in de wachtkamer zitten voor een onderhoud met Orlando, internationaal wellicht Italië's populairste politicus.

'Wat ben ik blij dat u over onze hoge werkloosheid en niet over de maffia begint. Ziet u wel dat we een normale stad beginnen te worden?' Orlando ('Ik wil niet winnen, ik wil mijn tegenstanders verpletteren') mikt onveranderd op de culturele ontwikkeling van de stad, en hoopt de bevolking daarmee haar gevoel voor eigenwaarde terug te geven. 'U hoort mij niet zeggen dat de maffia hier niet meer bestaat, maar ik verzeker u dat wij, de inwoners, hebben gewonnen. In 1991 hadden we nog 320 maffiamoorden, vorig jaar geen en dit jaar tot nu toe slechts twee. Je zou kunnen zeg gen dat ik de nieuwe maffiabaas ben, als u begrijpt wat ik bedoel.'

Europa helpt Palermo. De afgelopen vier jaar kreeg de stad uit Brussel zo'n 450 miljoen gulden. Voor de komende zeven jaar is de subsidie verhoogd naar bijna twee miljard. Enkele Duitse bedrijven wagen zich voorzichtig aan vestiging rondom Palermo. Holland International, in navolging van Franse en Belgische touroperators, koos dit jaar voor het eerst enkele accommodaties in de buurt van de stad.

Orlando's termijn loopt af in 2001. Tegen die tijd hoopt hij president te zijn van de regio Sicilië, om zijn concept van culturele ontwikkeling als antwoord opde maffia over het gehele eiland te kunnen verspreiden.

Volgens velen in Palermo stelt de burgemeester de zaken te rooskleurig voor. Maf fiakenner Bolzoni: 'Cosa nostra heeft het gehele territorium weer onder absolute con trole. Je ziet ook steeds meer vrouwen in de organisatie, ze hebben de leiding over genomen. Hun mannen, zeg maar de geweldadige generatie van de Corleonesi van Toto Riina, zitten immers achter slot en grendel. Het maakt cosa nostra extra gevaarlijk, omdat de vrouwen het veel slim mer, onberekenbaarder ook, aanpakken. Brandbommen horen tot het verleden. Tegenwoordig vind je lijm in het slot van je winkeldeur. De boodschap is duidelijk. Als je geen bescherming betaalt, word je niet vermoord, maar volstrekt geïso leerd. Dat betekent dat de bevolking mee werkt, dat de culturele omslag nog lang niet is bereikt.'

Foto vorige pagina: maffia-begrafenis in Palermo.

Foto linksboven: maffia-advocate Rosalbe di Gregorio: 'Tien kilo cocaïne in beslag genomen. Echt zonde.'

Foto onder: burgemeester Orlando, met lijfwacht, op inspectie in Palermo.

Foto's links: Piazza Magiona in de Siciliaanse hoofdstad, en een uitgebrand wrak in Zen.

Foto onder: Andreotti-aanklager Roberto Scarpinato.

Meer over