Maak arbeid goedkoop en luxe duur

Hoe kunnen de rijken bijdragen aan de bestrijding van armoede in Nederland? Deze vraag legde de werkgroep de Arme kant van Nederland van de Raad van Kerken voor aan enkele economen....

KAN het rechtvaardiger? Kan het eerlijker met de verdeling van de middelen onder ons, Nederlanders? Natuurlijk kan dat. Alleen staat rechtvaardigheid niet hoog op de politieke agenda. Want vandaag de dag gaat het in dit land om werk, werk, en nog eens werk. Nederland zoekt zijn heil in betaalde arbeid. Dat deze onderneming het contrast tussen rijk en arm groter zal maken, wordt gemakshalve over het hoofd gezien.

Daarbij gaat de fixatie op betaalde arbeid voorbij aan de werkelijke problemen. Hoe goed ze ook is bedoeld, deze arbeidscampagne is een heilloze onderneming. De obsessie met betaald werk is een gevolg van de liberale wind die nu door het land waait. Haar taal van flexibilisering, dynamisering, en privatisering dient ertoe ruimte te creëren om geld te verdienen.

Hoe deze wind ook wendt of keert, ze is gunstig voor rijk Nederland en guur voor arm Nederland. Kijk maar naar de Verenigde Staten: sinds het marktgericht denken de overhand kreeg, is het contrast tussen rijk en arm schrijnend toegenomen. De reden is het zogenaamde Matteüs-principe: 'Want wie heeft, die zal gegeven worden en hij zal overvloedig hebben.'

Mensen die zijn gezegend met sociale en intellectuele talenten en een goede opleiding hebben genoten en kunnen meer verwachten; zij krijgen alle kansen in de vrije markt. Mensen die minder goed bedeeld zijn, komen er in het algemeen bekaaid van af. Economen zien hier 'the trade-off between equity and efficiency' in werking (we doen het graag in het Engels). Een efficiëntere economie gaat ten koste van de rechtvaardigheid en omgekeerd.

Willen wij Nederlanders minder werkloosheid - een teken van inefficiëntie -, dan gaat dat ten koste van de rechtvaardigheid. Eventjes wat minder aandacht voor arm Nederland dus en wat meer stimulans voor ondernemend en vermogend Nederland. Minimumlonen omlaag! Flexibelere arbeidsregelingen! Bijstandsmoeders: aan het werk! (Alsof ze niet al werken.)

Dat de Arme kant van Nederland deze trade-off tussen rechtvaardigheid en efficiëntie wil omzeilen, is niet verwonderlijk. Dat ze aandacht wil vestigen op rijk Nederland is dat ook niet. Arresteer één Van der Valk en de overheid pakt meer dan 1500 bijstandfraudeurs. Ook is het niet verwonderlijk dat de Arme kant wil weten hoe rijk Nederland een flink bedrag (10 miljard gulden) afhandig kan worden gemaakt.

Dat de werkgroep verwacht dat een econoom als ondergetekende snel aan kan geven hoe dat kan gebeuren zonder vergaande gevolgen voor de economie, is wel verwonderlijk. Want ik zit met die trade-off. De rijken gewoon zwaarder belasten, zegt u? Leuk bedacht, maar zo'n maatregel heeft zeer waarschijnlijk averechts effect omdat het de welgestelden stimuleert zich minder in te spannen of zich in te zetten voor minder belastende samenlevingen.

Zet een limiet op het inkomen van medische specialisten, zoals onlangs gebeurde, en u vindt ze in december, wanneer de limiet is bereikt, op congressen in het zonnige zuiden. Want waarom zouden ze voor niets werken? Dat is vervelend voor degenen die in december geholpen willen worden. Een onrechtvaardige samenleving is niet leuk, maar een inefficiënte ook niet.

Aanvankelijk had ik mijn hoop gevestigd op de ongelimiteerde aftrek van de hypotheek. Het is toch idioot dat een vermogend Nederlander als ikzelf zwaar gesubsidieerd wordt om een duur huis te kunnen bewonen. Limitering van de aftrek is rechtvaardig, maar jammer genoeg levert ze de schatkist niet veel op. Een miljard misschien.

Er zijn andere belastingsmaatregelen denkbaar, zoals het belastbaar maken van de aow en het afschaffen van de kinderbijslag voor de rijkere Nederlanders. Verder is te denken aan belastingen op luxe goederen, zoals dure auto's, en een belasting op vermogenswinsten.

Het bezwaar tegen deze maatregelen is niet alleen dat ze dubieuze economische effecten en waarschijnlijk een tegenvallende opbrengst hebben (rijke mensen hebben nu eenmaal het vermogen creatief met belastingmaatregelen om te gaan), maar ook dat ze niet tot de kern van het probleem doordringen. En deze is dat de belastingen op ons inkomen drukken. De inkomensbelasting is per slot van rekening een belasting op wat wij verdienen.

De taal zegt genoeg: wij verdienen ons inkomen, het inkomen is een beloning. Door het inkomen te belasten doet de overheid voorkomen dat we iets vies doen, iets immoreels door het te verdienen. Het is dan ook geen wonder dat zo velen de hoge belasting op het verdiende loon als onrechtvaardig ervaren en hun best doen het te ontduiken.

De belasting van arbeid is extra merkwaardig in het licht van de verheerlijking ervan. Door aan de arbeidsmarkt deel te nemen, zo gaat de officiële retoriek, dragen wij ons steentje bij aan de gemeenschap, zijn dus ingeschakeld in het maatschappelijk proces, en - als het een beetje meezit - ontwikkelen we ons gevoel van eigenwaarde.

Prachtig klinkt dat allemaal. Maar we mogen wel flink wat belasting betalen voor al die heerlijkheid. Aan de ene kant betaalde arbeid als zaligmakend aanprijzen en aan de andere kant het verdiende loon belasten: dat kan toch niet. Toch doet de politiek het. En dat zonder blikken of blozen.

Thomas Hobbes, de 17de eeuwse denker, voorzag reeds de absurditeit van ons systeem. 'For what reason is there, that he which laboureth much, and sparing the fruits of his labour, consumeth little, should be more charged, then he that living idlely, getteth little, and spendeth all he gets?' vroeg hij retorisch in zijn beroemde Leviathan.

Hij stelde een consumptiebelasting voor. Het blijft een goed idee. Veel economen zijn er voorstander van. Deze belasting belast niet de verdienste van arbeid maar de besteding ervan. Aan het einde van het jaar laten we de overheid weten wat we verdiend hebben, inclusief gerealiseerde vermogenswinsten, en wat we daarvan bespaarden. Over het verschil, onze bestedingen, betalen we belasting, de rijken procentueel meer dan de armen.

De consumptiebelasting is zoveel eerlijker en daarom ook begrijpelijker dan een inkomstenbelasting. Het laat medische specialisten vrij zo veel te verdienen als ze willen - tot geruststelling van degenen die van hen afhankelijk zijn. Ook hun besparingen worden ongemoeid gelaten. Pas wanneer ze het verdiende geld gaan besteden, worden ze door de fiscus aangeslagen. Voor dure jachten en luxe vakanties mogen ze extra dokken. (Een luxe-belasting kan er nog wel bij.)

De consumptiebelasting impliceert een kritische houding ten aanzien van de consumptiedwaasheid. Want dat is het. Massa's talent en middelen worden iedere dag verspild met de ontwikkeling van steeds weer nieuwe produkten die we niet nodig hebben. Vanochtend vond ik nog een pak melk in de ijskast dat me toeschreeuwde: 'Nieuw' Alsof ik om nieuwe melk verlegen zit. En dan te bedenken hoeveel reclame en p.r.-mensen bezig geweest zijn met de verwezenlijking en marketing van dit nieuwe produkt.

Iedere dag worden we gebombardeerd met nieuwe beelden, steeds flitsender, steeds gevarieerder. Steeds verder moeten we op vakantie. Steeds sneller moeten onze computers zijn. Gelukkiger worden we er niet van, om maar niet te spreken van spiritueler en humaner. Steeds harder werken we om deze dwaasheid op gang te houden.

EEN consumptiebelasting is een eerste stap in de goede richting. Vervolgens kunnen we beginnen de rol van betaald werk te reduceren. Want het doel van de technologie en dat alles was toch dat het werk lichter werd en het leven zinvoller? Met het betaalde werk als iets secundairs wordt een vorm van basisinkomen onvermijdelijk. Dat zal dan ook direct het einde van de armoede zijn in het land, en het begin van de post-materiële consumptiemaatschappij. U ziet: er is werk aan de winkel. Voor de politiek althans.

Arjo Klamer is hoogleraar economie van kunst en cultuur aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Dit artikel is gebaseerd op een inleiding die Klamer maandag 18 december in De Balie in Amsterdam heeft gehouden op uitnodiging van de werkgroep de Arme kant van Nederland.

Meer over