Lucas van Leydens Laatste Oordeel vanwege renovatie tijdelijk in Rijks

Het Leidse museum De Lakenhal begint intensieve samenwerking met het Rijksmuseum, onder meer in de uitwisseling van kunstwerken en wetenschappelijk onderzoek.

AMSTERDAM - Het Laatste Oordeel, het 16de-eeuwse meesterwerk van Lucas van Leyden, verhuist in 2015 tijdelijk van Museum De Lakenhal in Leiden naar het Rijksmuseum in Amsterdam. Het altaarstuk krijgt vanwege de restauratie en uitbreiding van De Lakenhal twee jaar lang onderdak in de Eregalerij, waar ook De Nachtwacht hangt.

De verhuizing van de triptiek is de eerste zichtbare stap op weg naar intensieve samenwerking tussen beide musea. Vanaf 2017 is een deel van de collectie van het Rijksmuseum permanent in Museum De Lakenhal te zien. De 'ruil' vindt plaats met gesloten beurzen.

Er zal ook materiaaltechnisch onderzoek worden gedaan naar onder meer Leidse schilderkunst uit de 16de eeuw en historisch onderzoek naar 17de-eeuwse productie- en handelsnetwerken in Leiden en Amsterdam.

De overeenkomst, donderdag getekend door de directeuren Meta Knol en Wim Pijbes, geldt voorlopig voor vijf jaar en sluit naadloos aan bij de door minister Bussemaker van OCW in haar Museumbrief bepleite samenwerking.

Toch, zegt Meta Knol: 'Onze plannen dateren van voor de Museumbrief. In 2011 hebben we met het toen nog gesloten Rijksmuseum de tentoonstelling Lucas van Leyden en de Renaissance georganiseerd. De samenwerking beviel zo goed dat we dachten: als de restauratie van De Lakenhal een feit is, moet Het Laatste Oordeel naar het Rijksmuseum. Het was Taco Dibbits, directeur collecties van het Rijks, die toen zei: dan moet het ook naar de Eregalerij.'

Het monumentale drieluik uit 1526, ook wel 'De Nachtwacht van de 16de eeuw' genoemd, werd door Lucas van Leyden (1494-1533) geschilderd voor de Pieterskerk.

Het kunstwerk overleefde als een van de weinige altaarstukken de Beeldenstorm in 1566 en is nooit eerder Leiden uit geweest. Knol: 'Behalve in de Tweede Wereldoorlog, toen het samen met De Nachtwacht in de gangen van de Pietersberg bij Maastricht voor de Duitsers is verborgen.'

Of ook andere topstukken uit Leiden, zoals De Brillenverkoper van Rembrandt en Stoeiend paar van Jan Steen, naar Amsterdam verhuizen, weet Knol nog niet. 'We zijn in gesprek. De glas-in-loodramen van Theo van Doesburg zullen in elk geval op de afdeling 20ste eeuw te zien zijn.'

Met uitzondering van het zelfportret van Rembrandt uit 1628 staat nog niet vast welke werken uit de collectie van het Rijksmuseum na de heropening in 2017 in De Lakenhal te zien zullen zijn. Op Knols verlanglijst staat ook Pijprokende man van de Leidse fijnschilder Gerrit Dou. Knol: 'De Lakenhal mag vergeleken met het Rijksmuseum in formaat Calimero zijn, onze collectie fijnschilders uit de 16de eeuw is beter dan die van het Rijks.'

Het Leidse museum zal zijn vier afzonderlijke gebouwen met elkaar verbinden. Ook komt er een nieuwe tentoonstellingsvleugel en wordt het rijksmonument de 'Laecken-Halle' uit 1641 in oude luister hersteld.

undefined

Meer over