List-En & See ***

Duister danstheater van de nietsontziende soort.

ListEn & See (LIES) door Toneelgroep Oostpool en WARD/ward. Concept, regie en choreografie: Marcus Azzini en Ann Van den Broek, 1/12.

Stadsschouwburg Amsterdam. Tournee t/m 31/1. toneelgroepoostpool.nl en wardward.be

Donker, deprimerend en zwaarmoedig. En dat vijf kwartier lang, consequent. Boven LIstEn & See (LIES) hangt voortdurend een zwaard van Damocles. Veertig minuten zelfs bijna letterlijk: een loodzwaar lichtplateau van 240 kilo (ontwerp: Theun Mosk) drukt op de schouders van de negen performers. Ze torsen het samen, eerst met gestrekte armen, later houden ze het gevaarte nauwelijks meer en laten ze zich tergend langzaam naar de grond drukken. De een na de ander poogt even te ontsnappen aan het gewicht, maar keert toch terug naar het torsend collectief omdat vals spel een ander de kop kost. Ze doen dat misschien ook omdat ze zich hebben geconformeerd aan deze duistere rite van het onder ogen zien van een existentiële zwaarte. Hun korte Engelstalige uitspraken zijn eveneens verre van zonnig: vanuit ik-perspectief praten ze als in monotone songteksten over angst, haat, wantrouwen en radicaal zichzelf zijn.

De eerste samenwerking tussen Toneelgroep Oostpool uit Arnhem en het Vlaams-Nederlandse dansgezelschap WARD/ward van Ann Van den Broek levert geen gemakkelijk te verteren voorstelling op: LIstEn & See (LIES) is duister danstheater van de pittige, nietsontziende soort. Vanaf het begin storten de vijf dansers en vier acteurs zich in loops van rennen, vallen, meppen, beuken en uithijgen. Soms stoten ze kreetjes uit. Een enkele gil resoneert in een echo onder het lichtplateau dat dan nog als een baken boven hen hangt.

Al hun onderhuidse woede kanaliseren ze in stotende armen en staccato stampende voeten. Tussendoor houden ze even stil, om geel fluorescerende schoenen te vervangen voor zilvergrijze hakken, of zwarte broeken te wisselen voor een even donkere shorts. Hun ogen zijn ook al zwart omrand.

Het dansidioom van Ann Van den Broek is duidelijk herkenbaar in de samengebalde, synchroon schokkende vuisten, in de strak trillende ledematen en het hardvochtig betasten van mensenvlees.

De theatertaal van Marcus Azzini verraadt zich in het gebroederlijk optrekken van tekst en beweging. Zijn acteurs, onder wie Joep van der Geest en Bram van der Heijden, proberen fysiek niet onder te doen voor het gespierde uithoudingsvermogen van dansers als Cecilia Moisio, Nhung Dam en Andreas Kuck. Er is keihard getraind, gezien de consequente uitvoering van de uitputtingsslag. De tekstbehandeling is helaas onvoldoende. Alle uitspraken klinken hetzelfde, tonen te weinig persoonlijkheid en worden inwisselbaar. De jonge Hanna van Wieringen schreef eerder vage songteksten dan beklijvende monologen. Een melodische voordracht zou wat lucht geven. En een sprankje hoop. Nu schraap je die met moeite bij elkaar, uit de collectieve kracht en energie. Maar ondanks het lichtkwadrant dat aan het slot fel de zaal in blikkert, resteert een ietwat gekunstelde zwaarte.

undefined

Meer over