Lina en Zina Arafat willen net zo worden als hun lieve vader

Hij hielp ze met hun huiswerk, hij stopte ze 's avonds in en hij stuurde ze op militair trainingskamp. Lina en Zina Arafat zijn voor de tweede keer wees geworden....

'Zelfs dat was bij toeval, hij zag ons tijdens een grote iftarmaaltijd', vertelt Lina, de meer spraakzame van de twee. De allerlaatste keer dat ze hem zagen was een paar weken geleden, toen ze zijn hand kusten voordat hij in de helikopter stapte die hem meenam naar Frankrijk. 'Hij was zo zwak, hij kon niets meer zeggen.'

Voor ze in 1994 uit Tunis naar de Palestijnse gebieden verhuisden was Arafat een echte vader voor ze, vertelt Lina. Hij kwam vaak langs, speelde met ze, hielp ze met hun huiswerk en stopte ze 's avonds in. Eenmaal in Gaza en daarna Ramallah werd het contact geblokkeerd door zijn 'entourage', klagen de meisjes.

Lina en Zina, beiden 22 jaar en biologisch geen familie van elkaar, werden samen met drie jongens wettelijk door Arafat geadopteerd na de slachting in de Palestijnse kampen Sabra en Shatila in Libanon in 1982, vertelt Lina. Al hun familieleden werden gedood en zij bleven alleen achter. Hun officiële familienaam luidt: Yasser Abed Al Kader Arafat.

De vijf geadopteerde kinderen groeiden op in een groot huis in Tunis, samen met zeventig andere jongeren, zonen en dochters van gesneuvelde strijdmakkers, die Arafat onder zijn hoede had genomen. 'Het was prachtig', herinnert Lina zich. 'We hadden nergens gebrek aan, hij zorgde altijd dat we alles hadden wat we wilden. Als er bijvoorbeeld geen bananen waren in Tunis, vloog hij ze in uit Afrika.'

Arafat bezocht de kinderen vaak, vertelt Lina, hij had een eigen kamer in het complex waar hij soms de nacht doorbracht. Hij interesseerde zich voor hen, en herinnerde bijvoorbeeld hun hobby's. 'Een keer had ik hem verteld dat ik voetbal leuk vond en een paar weken later had hij voor iedereen voetbalkleding gekocht, zodat we allemaal konden spelen.'

Hij stuurde de kinderen ook op reis, naar Europa en, net als veel andere Palestijnse kinderen, naar militaire trainingskampen in de Arabische wereld. Daar leerden ze al op 9-jarige leeftijd schieten, kalasjnikov-machinegeweren in elkaar zetten en andere handigheden voor de Palestijnse strijd. De kinderen vonden de kampen spannend en leuk.

Arafat sprak nooit met de kinderen over de grotere politiek en de zorgen die hij moet hebben gehad. Lina weet dat ze zich allemaal altijd erg met hem verbonden voelden. Nadat hij in 1992 was hersteld van zware verwondingen die hij had opgelopen toen zijn vliegtuig was neergestort in de Libische woestijn, was een van de eerste dingen die hij deed zijn kinderen opzoeken. 'Hij liet 35 schapen slachten om met ons te vieren dat hij het overleefd had.'

Maar kort daarna, vanaf 12-jarige leeftijd, ging alles bergafwaarts voor Lina en Zina. In 1994 keerde Arafat terug naar de Palestijnse gebieden nadat hij de Oslo-vredesakkoorden had getekend. Het was een van de enige keren dat de meisjes hem boos zagen worden.

'We werden ondergebracht in een vreselijk gebouw, een voormalig Israëlisch politiebureau in Gaza en sommigen van ons huilden dat ze terugwilden naar Tunis', zegt Lina. Arafat zou woedend zijn geworden en geschreeuwd hebben: 'Wie het niet bevalt in Palestina kan terug naar Tunis, dit is jullie land.'

In de jaren daarna hebben ze hem nauwelijks gezien. Hij had het altijd druk en zijn adviseurs hielden de kinderen weg. Zelfs verzoeken om meer geld zouden niet zijn gehonoreerd. 'Volgens mij tekende hij wel voor extra geld, maar staken de mensen om hem heen het in eigen zak', zegt Lina bitter.

De meisjes, die in 2000 (vlak voor de intifada) naar Ramallah verhuisden, hebben al tien maanden niet de huur betaald vanwege geldgebrek. Ze worden vooral woedend als Suha ter sprake komt, de vrouw die Arafat in 1990 trouwde en die er volgens alle berichten de afgelopen jaren in Parijs een extravagante levensstijl op na heeft gehouden.

'We waren niet uitgenodigd voor het huwelijk', vertelt een verbolgen Lina. 'Op een ochtend werden we wakker en hoorden we dat we een moeder hadden. Ze is officieel op onze identiteitspapieren bijgeschreven.' Suha zou nooit naar de kinderen hebben omgekeken. 'Zelfs de laatste keer, hier in Ramallah voordat hij in de helikopter stapte, heeft ze ons genegeerd. Zijn mensen vertelden haar ''dit zijn Lina en Zina Arafat'', maar ze negeerde ons totaal', zegt Lina.

De toekomst zonder Arafat is erg onzeker voor de kinderen. Ze weten niet of hun toelage in de toekomst wordt doorbetaald. Zina is net afgestudeerd in de journalistiek aan de Al Quds-universiteit in Abu Dis. Ze werkt voor de Palestijnse Autoriteit. Lina studeert politicologie.

'Natuurlijk wil ik zijn zoals mijn vader. Hij was sterk, slim, trots en hield zich aan zijn woord', zegt Lina. 'Ik weet niet of ik het in me heb om een leider te worden, maar ik wil wel in zijn voetsporen treden. Ik wil de politiek en zijn erfenis uitdragen.'

Meer over