Licht in de duisternis

The Flaming Lips was de band van de geestige invallen en altijd wel ergens een figurant in een konijnenpak. En dan is daar nu ineens een album vol intrigerende, maar duistere soundscapes. WTF?

INTERVIEW VOORMAN WAYNE COYNE VAN THE FLAMING LIPS - Een opmerkelijke vorm van mainstream erkenning viel The Flaming Lips in maart 2009 ten deel, toen Do You Realize?? (een song van het album Yoshimi Battles The Pink Robots uit 2002) werd verkozen tot 'official rock song of Oklahoma'. Er stonden tien liedjes op de shortlist; 51 procent van de stemmen ging naar het Lips-nummer. Het parlement van Oklahoma protesteerde omdat de band zich zou bedienen van schuttingtaal, maar gouverneur Brad Henry wuifde de klachten weg: 'The Flaming Lips maken provocerende, maar creatieve en amusante muziek. Ze waren de keus van de stemmers en dat respecteer ik.'


Het mag haast symbolisch heten dat Wayne Coyne (52) uitgerekend in Berlijn is neergestreken, in een hip hotel in Friedrichshain, om journalisten uit omliggende landen te woord te staan over The Terror, de dertiende studioplaat van zijn band The Flaming Lips, die tevens de 30ste verjaardag van de groep uit Oklahoma markeert.


Zou je immers niet kunnen zeggen dat The Terror in de discografie van de 'Lips' ongeveer de plek inneemt die het 'Berlijnse' album Low (1977) in het oeuvre van David Bowie had? Ook Bowie stortte zich, na te zijn doorgebroken met grootse, soms theatrale rock, tot ieders verbazing op abstracte, elektronische soundscapes: geluidslandschappen met een donkere, paranoïde ondertoon. Coyne peinst even en besluit dan dat de analogie hout snijdt, hoewel er ook belangrijke verschillen zijn: 'Bowie ging op zoek naar een nieuw leven op een nieuwe plek. Wij zijn alleen op zoek gegaan naar een nieuwe kant van onszelf, maar we maakten het album met dezelfde mensen als altijd, op een voor ons bekende, vertrouwde plek: mijn thuisstudio, gewoon in Oklahoma.'


Hij neemt een slok cappuccino. 'Ik mag trouwens ook hopen dat wij niet uitgejouwd en uitgekotst zullen worden door onze eigen fans, zoals Bowie na Low overkwam. Het zou me tegenvallen. Ik stel me graag voor dat ons publiek ons waardeert omdat we een band zijn die risico's neemt en onverwachte dingen doet.'


De tijd zal het leren, maar vaststaat dat The Flaming Lips de trouwe volgers flink op de proef gaat stellen met The Terror, een plaat die zijn geheimen pas na een tijdje blootgeeft en vanaf dat moment steeds intrigerender wordt. De groep veranderde wel vaker radicaal van stijl, maar tijdens de eerste kwarteeuw van de bandhistorie was wel een trend van allengs grotere toegankelijkheid waarneembaar: van druggy, psychedelisch lawaai tot rijk gearrangeerde pop. Na Yoshimi Battles The Pink Robots (2002) werd de groep weer wat stekeliger (en elektronischer!), maar The Terror is toch een onverwachte duikvlucht: van popsong naar soundscape.


Nog opmerkelijker is de sombere toonzetting van de negen composities. De albumtitel dekt wat dat betreft de lading, al worden de verontrustende woorden niet hard in je gezicht gekwakt, maar waaien ze, gedragen door Coynes ijle zanglijnen, haast ongemerkt je onderbewustzijn binnen. De woorden fear en alone beklijven; ze komen meermalen voorbij.


'Fear is all you hear/ What will love us now?', zingt Coyne in The Sun Is Rising. En in de titelsong: 'We're all standing alone/ The terror's in our heads.' Coyne realiseert zich dat we The Flaming Lips zo niet kennen. 'Als wij honderd keer iets schrijven, levert dat tachtig keer iets op dat over de kleurenrijkdom van het leven gaat. De mensen kennen ons als die jongens van die bizarre sprookjesteksten: kinderverhalen voor volwassenen. Nu zoomen we in op de donkere kleuren van het bestaan. Die zagen we altijd al; we maakten er alleen geen platen over. Op The Terror belichten we een kant van onszelf die we niet eerder belichtten, maar die er wel altijd al was.'


Die laatste zin spreekt hij met nadruk uit, om zo te illustreren dat hij het niet eens is met de adjectieven die op internet veelvuldig worden gebruikt om The Terror te karakteriseren: pessimistisch, depressief. Nee, vindt Coyne. 'Wij zijn in de kern een optimistische band. Maar wat is optimisme? Het wil niet per se zeggen dat je gelooft dat alles beter zal worden. Optimisme kan ook bestaan uit acceptatie: vrede hebben met het feit dat sommige dingen níét beter zullen worden, dat angst nu eenmaal bij het leven hoort, dat je niet overal controle over hebt en dat dat soms eng is.'


Die boodschap is overigens volstrekt apolitiek: zoek op The Terror vooral niet naar statements zoals de band die bijvoorbeeld op At War With The Mystics (2006) over president George Bush maakte. 'Het zijn indrukken, geen beweringen. Het is intuïtieve muziek, intuïtiever dan ooit, met teksten die iets weghebben van spontaniteit. Ze gaan over het idee dat je de dingen niet meer kunt volgen, dat er te veel informatie is, zodat je niet meer weet wat je ergens van moet vinden. Dat statement is menselijk en gevoelsmatig. Het kent geen politieke kleur.'


Dat het weer eens tijd werd voor een muzikale koerswijziging stelden de bandleden vast tijdens het maken van Embryonic (2009), een keerpunt in de discografie in die zin dat het album ontoegankelijker was dan zijn voorganger. Coyne: 'We hadden voor die plaat wat nummers liggen waarover Steve Drozd en ik tegen elkaar zeiden: 'Mooi liedje, maar zulke songs hebben we al heel veel hè?' Toen het album voltooid was, beseften we dat het tijd werd voor een flinke ruk aan het stuur. Als deze band voor één ding doodsbang is, is het voor verveling, routine.'


De ontstaansgeschiedenis van The Terror begon vrijwel meteen na die vaststelling, bij Coyne en Drozd thuis, want welke muzikant heeft tegenwoordig géén thuisstudio? Coyne meent dat dat gegeven de popmuziek radicaal heeft veranderd en de muziek van The Flaming Lips in het bijzonder: The Terror komt rechtstreeks vanuit de iPad tot ons. 'Vroeger had je thuis hooguit een dictafoon of een cassetterecorder, waarop je snel een basaal ideetje kon inspelen of -zingen. Dat waren ruwe demo's. Met het uitwerken van zo'n idee moest je wachten tot je weer eens in een studio zat. Nu wóón ik in een studio en kan ik alle geluiden en ideeën die me te binnen schieten meteen uitwerken. Dat is vrijheid. Ik heb het gevoel dat door die werkwijze dit soundscape-achtige werk is ontstaan.'


Die thuisopnamen kunnen vanzelfsprekend ook mee op tournee, zodat de vraag zich opdringt of de band überhaupt een drumstel en gitaren mee op pad zal nemen. Wat blijft er over van die beroemde, uitbundige Flaming Lips-optredens met confetti, nepbloed, figuranten verkleed als kip, konijn of eend en natuurlijk de veelvuldig gefotografeerde ballon waarin Coyne over de handen van het publiek rolt?


Geen zorgen, bezweert Coyne. Met The Terror distantieert de groep zich beslist niet van alles wat ze in het verleden uitbracht: de bandleden verkennen een andere kant van zichzelf, maar zijn met alle vorige verkenningen ook nog niet klaar. Er zal, kortom, ook ouder werk worden gespeeld.


'Ik denk wel dat we het werk van The Terror zullen scheiden van het oudere materiaal', zegt Coyne. 'Denk aan een show in twee helften. Of verschillende blokken. We broeden er nog op.' Het is een prikkelend idee: gitaarsongs en elektronische soundscapes, vrolijke vertellingen en paranoïde gedachten, felle kleuren en donkere tinten, allemaal tijdens één avondje Flaming Lips. Coyne: 'Het zijn twee kanten van dezelfde medaille. Misschien levert het wel optredens op die laten zien wie we werkelijk zijn.' Hij lacht. 'Dat zou me wat wezen, na dertig jaar.'


The Flaming Lips: The Terror. Belle Union/V2.


DE VIER BANDFASEN

1983-1992


Psychedelische underground


The Flaming Lips ontstaan in Oklahoma, aanvankelijk met Wayne Coyne op gitaar en zijn broer Mark als zanger. De groep maakt nog wat stuurloze psychedelische gitaarrock, met gaandeweg meer invloeden uit noise en krautrock. De band krijgt richting wanneer Wayne Coyne zich gaat concentreren op zingen en Jonathan Donahue (ook actief in het stilistisch verwante Mercury Rev) toetreedt. Het vierde studioalbum In A Priest-Driven Ambulance (1990) geldt als het beste wat de vroege, lawaaiige Flaming Lips vóór hun doorbraak bij een groot label maakten.


1992-1997


Alternatieve gitaarrock


The Flaming Lips tekenen een contract bij Warner, zonder de opgestapte Donahue, maar met Steve Drozd, die toetreedt als drummer maar zich zal ontpoppen als multi-instrumentalist en songschrijver. Ze blijven vooralsnog een alternatieve gitaarband met psychedelische inslag en een voorliefde voor surrealistische teksten, maar gaan wel toegankelijker klinken. Dat leidt in 1993 tot het sterke album Transmissions From The Satellite Heart en een onverwachte hitsingle: She Don't Use Jelly, dat voor liefhebbers van alternatieve rock de kennismaking met de groep is.


1997-2005


Gearrangeerde sprookjespop


Hoewel het album Zaireeka (vier cd's die gelijktijdig moeten worden afgespeeld, 1997) wordt beschouwd als een typische, geflipte Lips-stunt, blijkt het wel een voorbode van het nieuwe geluid dat op The Soft Bulletin (1999) wordt geperfectioneerd en de band een doorbraak naar een breed publiek bezorgt: minder heavy gitaren, maar gelaagde, rijk gearrangeerde sprookjespop met toegankelijke melodieën. Veel credit gaat naar producer Dave Fridmann, die al jaren met de band samenwerkt, maar hier zijn eigen niche vindt. Yoshimi Battles The Pink Robots (2002) trekt de lijn door, met evenveel succes.


2005-2013


Ernst en elektronica


Op de albums At War With The Mystics (2006), met zijn bij vlagen serieuze, soms zelfs politieke toon, en Embryonic (2009), waarop elektronica en experiment zich op de voorgrond dringen, kondigde de nieuwe koers zich al gefaseerd aan, maar het somber getoonzette The Terror (2013) blijkt alsnog een radicale koerswijziging in de richting van ernst, elektronica en abstractie. Bij het 30-jarig jubileum zijn The Flaming Lips weer ontoegankelijk.

Meer over