Lewis tinkelde als een theeservies

Bijna een halve eeuw lang leidde John Lewis het Modern Jazz Quartet, het subtielste van alle jazzensembles. Donderdag overleed de pianist en componist op 80-jarige leeftijd in New York....

John Lewis had de klank van een theeservies: een tinkelend spel van delicate motiefjes en precieuze accenten. Zijn muziek leek zich op fluistersterkte af te spelen; een uitzondering in een genre waar 'hard swingen' meestal letterlijk wordt opgevat.

In de jaren vijftig werd Lewis erom gewantrouwd. Zijn discrete presentatie, gecombineerd met een openlijke liefde voor de 'jazzvijandige' barokmuziek, bezorgde hem een slechte naam onder de liefhebbers, die vreesden dat hij de ongetemde jazz wilde versjieken.

Lewis heeft zijn critici ruimschoots overleefd. Hij overleed donderdag op 80-jarige leeftijd, als een elder statesman aan wie de muziek veel te danken heeft. Kort voor zijn dood verscheen nog zijn cd Evolution II, waarop hij licht en ingetogen als vanouds speelt. Maar wat ooit 'pretentieus priegelwerk' en 'pseudo-deftige kitsch' werd gevonden, klinkt nu als de bezielde eenvoud waaraan in overvolle tijden behoefte is.

Als een groot improvisator zal Lewis desondanks niet de geschiedenis ingaan; zijn onderkoelde perfectie is er waarschijnlijk niet spectaculair genoeg voor. Zijn belang schuilt eerder in zijn rol als leider, componist en organisator, die heeft bijgedragen aan de toenadering van jazz en klassieke muziek in de zogeheten Third Stream.

Bijna een halve eeuw lang leidde hij een van de populairste en fijnzinnigste kamerensembles in de jazz: het Modern Jazz Quartet (MJQ), dat om de serieuze aspiraties te benadrukken optrad in smokingjasjes.

Het MJQ ontstond in 1952 uit vier muzikanten die elkaar kenden uit de big band van Dizzy Gillespie. Vibrafonist Milt Jackson was de belangrijkste solist, maar het repertoire werd door Lewis bepaald.

Over zijn fuga- en rondo-achtige experimenten werd zo druk gediscussieerd, dat over het hoofd werd gezien dat het MJQ gracieuze alternatieven formuleerde voor de sleets geworden thema-solo-thema-formules.

Het MJQ bleef met enige onderbrekingen optreden, tot de dood van Milt Jackson eind jaren negentig. Aan de ingehouden klank van het kwartet werd al die jaren niet gesleuteld. Toch bewees Lewis herhaaldelijk dat hij ondanks zijn conservatieve inslag een open oor had voor nieuwe muziek.

Zo was Lewis degene die de controversiële freejazz-saxofonist Ornette Coleman aan zijn platencontract bij Atlantic hielp. Hij was 25 jaar lang adviseur van het Monterey Festival en formeerde in 1985 samen met Gary Giddins het spraakmakende American Jazz Orchestra.

Van zijn composities zijn vooral Two Bass Hit en Django klassiek geworden. Dat laatste stuk, een doorzichtige, haast gewichtloze ode aan de Franse zigeunergitarist Django Reinhardt, moet hij sinds de jaren vijftig duizenden keren gespeeld hebben, zonder op het merkwaardig ontroerende thema uitgekeken te raken. Ook op zijn allerlaatste plaat speelt hij het weer. Een vederlicht raadsel, waar ook zijn publiek geen genoeg van kreeg.

Meer over