'Leven zonder liefde, dat kan hier'

Tien jaar lag ze dood in huis, Bep de Bruin. Buurman Jan was blij met zo'n stille buur. Vroeger woonde hij naast een onrustig, groot en buitengewoon lawaaiig gezin

VAN ONZE VERSLAGGEVER JOHN SCHOORL

ROTTERDAM - 'Kom, dan gaan we achter kijken!' Miguel uit Gambia zet zijn baseballpet steviger op zijn zojuist klaargestoomde dreadlocks, en loopt naar de achterdeur van Stone Love, 'African and Caribean Hair Specialíst'. Wat aan de voorkant zichtbaar is, is ook aan de achterkant te zien van de bovenverdieping waar Bep de Bruin tien jaar dood lag: dichte kunststoframen, en nauwgezet gesloten grauwe gordijnen.

Een gezette achterbuurman, met in de hand een halve liter ochtendbier, maakt een gebaar alsof hij geen idee heeft welke verschrikkelijke ontdekking een week geleden in de Brancobuurt werd gedaan. 'Dat bedoel ik nou', zegt Miguel, als hij terugkomt in de kapperszaak. 'Die man weet van niks. Iedereen in dit land is met zichzelf bezig.' En hij staat daar niet alleen in, want Kobe uit Ghana weet dat Nederland 'een anti-sociaal land is, waar hij als Afrikaan is verdwaald. 'Stressen hier de mensen, man. Ze willen altijd maar geld, dat is alles', zegt hij zwaaiend met zijn armen. 'Ze laten iedereen verrekken, gewoon doodvallen. Dat gebeurt gewoon. No respect.'

Stone Love is maar één deur verder in de Jan Porcellistraat, waar Bep de Bruin werd gevonden. Maar de cliëntèle van de kapsalon klampt zich vast aan de veronderstelling dat buiten deze door dreadlocks geregeerde biotoop alles anders is. Alsof zij met hun ruimteschip tijdelijk op een andere planeet bivakkeren.

Zes maanden geleden begon Jermaine uit Jamaica hier zijn zaak, waar eerst een Turkse groenteboer zat. De 'islandvibe' die hij hier in Rotterdam-West wilde vasthouden, die hij aan zijn klanten wilde meegeven, is hij deze week helemaal kwijt. Hij is verdrietig, en kan niet begrijpen dat zoiets gebeurt. 'Als je in Jamaica een dag je buurvrouw niet ziet, ga je kijken. Tien jaar man! Tien jaar keek niemand naar haar om. Dat is toch niet normaal. Wat is dit voor land! Of ik er zelf wat aan kan doen? Wat dan man? Ik kan het niet veranderen, zo zit ik niet in elkaar.'

Heftige hectiek

Het is stil in de Jan Porcellistraat, na een week lang heftige hectiek, waarbij buurtbewoners en hulpverleners, en eigenlijk ook de burgemeester, en zelfs het hele land, zich afvroegen hoe dit toch heeft kunnen gebeuren. Hoe is het mogelijk dat in een stad als Rotterdam, een mens tien jaar dood op een matras in de kamer ligt, onopgemerkt, totaal genegeerd.

Drie weken lang werden hier de gasleidingen verlegd, en bewoners werd verteld dat de bouwvakkers ook binnen moesten zijn. Toen er op het adres van 'BD de Bruin' geen reactie kwam, na herhaalde waarschuwingen, werd de politie erbij gehaald, vorige week donderdag. De voordeur gaf niet mee, door de achter de deur opgehoopte berg ongeopende post.

Op een matrasje vonden agenten het gemummificeerde lichaam van Bep de Bruin, op 74-jarige leeftijd gestorven aan een natuurlijke dood, tien jaar geleden. Bedekt met een groen zeil werd ze nog dezelfde dag met een brancard uit haar woning getild.

Een antwoord op het hoe en waarom bleef uit, ook de afgelopen week op een door instanties georganiseerde en matig bezochte bijeenkomst in een zaaltje in het Carré College. Daar waren de hulpverleners zwaar in de meerderheid: zeven bewoners op achttien functionarissen, zoals 'de buurtambassadeur' en 'de stadsmarinier', beiden in Rotterdam bedacht voor 'veiligheid en sociale cohesie'. Buurvrouw Martine Everts was daar, en hoorde hoe er werd gesproken over hoe dit in de toekomst kan worden verkomen - moeizaam dus, zo leek het. Koken en eten met eenzame ouderen? Een vaste belronde? Als je een systeem ervoor moet bedenken, werkt het niet, zei Martine Everts daar.

Wat ze tijdens de bijeenkomst ook vernam was dat de gemeente Rotterdam nu op een rijtje ging zetten wie allemaal op de hoogte waren van het bestaan van de vrouw, en wat ze hadden kunnen doen. Feit was dat haar huur en energierekening automatisch werden betaald, en dat de bankrekening automatisch werd gevoed met haar AOW-uitkering. De verstrekker daarvan, de Sociale Verzekeringsbank, liet subiet weten dat het tien jaar lang opgehoopte, onaangetaste bedrag, 120.000 euro, wordt teruggevorderd. Wie dood is, heeft geen recht op AOW.

De hulpverleners vertelden ook dat de familie van Bep de Bruin nu vooral met rust wil worden gelaten, en dat ze zelf de uitvaart, in alle beslotenheid, voor hun rekening nemen. Met de familie wordt met name de enige 68-jarige dochter bedoeld. Die reisde de dag na de vondst naar het huis van haar moeder, nadat ze op het NOS-Journaal de woning had herkend.

Op de stoep stuitte ze op een verslaggever van het Algemeen Dagblad, en daar kreeg Bep de Bruin een gezicht, maar vooral een zwaar te dragen levensgeschiedenis. De dochter vertelde - onder een gefingeerde naam - over de moeilijke relatie die ze met haar moeder had. Het in Indonesië in de Tweede Wereldoorlog opgelopen oorlogstrauma, en het feit dat ze eind jaren veertig, ten tijde van de Politionele Acties, op zestienjarige leeftijd ongewenst zwanger was geworden, waren voor de moeizame verhouding bepalend geweest.

'Ze wilde mij niet zien'

De dochter had haar vader nooit gekend, en zij was niet de dochter die ze had gewild. Elke poging om de relatie te verbeteren, liep op niks uit. De dochter ging terug naar Brabant, en haar moeder lachte vriendelijk naar de buren en sloot zich op, achter gesloten deuren en gordijnen. 'Ik heb wel een triest gevoel. Maar wat had ik kunnen doen? Ze wilde mij niet zien.'

Onder Bep de Bruin woont nog steeds Jan Poldner (75). Even wil hij iets vertellen, want hij moet snel terug aan de zuurstoftank. Ze was een stille eenling, net als hij, en hij was blij geweest dat hij een buur had gehad die geen lawaai maakte. Voordat hij in de Jan Porcellistraat woonde, grensde zijn woning aan een onrustig, groot en buitengewoon lawaaiig gezin. In het jaar 2002 had hij haar geholpen, met de omwisseling van gulden in euro's. 'Dat was in de winter', zegt Poldner. 'Ze was uitgegleden in de sneeuw en zag er pimpelpaars uit. Ze durfde toen de deur niet uit, en vroeg of ik haar wilde helpen. Dat doe je dan maar, dan heb je effe contact.'

In Stone Love zijn de kapperstoelen leeg, Kobe uit Ghana en Miquel uit Gambia staan op straat, alleen Jermaine uit Jamaica is achtergebleven, en R. Kelly zingt She's got that vibe. 'Geen liefde', zegt Jermaine. 'Een leven zonder liefde dat kan hier, dat is een Nederlands ding. Dit met die vrouw gaat hier nog veel vaker gebeuren. Zo is het systeem, weet je. 'Geef me je money', zeggen ze, 'En fuck you.'

undefined

Meer over