Lente

De camelia bloeit. Hij staat achterin de tuin, tegen een slordig gemetselde muur, in de schaduw. Tot nu toe heeft de struik één bloem opgeleverd....

De tweede bloem is net uit de knop, maar nog niet echt open, de bladeren houden elkaar nog vast, lijkt het. De der de bloem is onderweg, hij zit nog veilig ingepakt in de knop, maar het roze schemert al door het groen heen. Toch waarschuwt de radio nog voor nachtvorst.

Lente, waar blijf je?

Wat de vogels betreft: ze zijn er wel, maar nog niet erg actief. Af en toe hoor ik gekwetter in de binnentuin, maar een merel ontbreekt tot nu toe. Dat is jammer, een merel hoort erbij. Er is wel een Vlaamse gaai die voortdurend op en neer vliegt met takjes in de snavel. Die is ergens met een nest bezig.

Lente, waar blijf je?

Bij de carwash is het de laatste dagen drukker dan normaal. Op het parkeerterreintje kloppen mensen hun matten uit, de grote slangen waarmee je tegen betaling van een euro je auto schoonzuigt, trillen en joelen onafgebroken. Verderop staat de wasstraat niet stil: auto erin, auto eruit. De borstels, enorme gevaartes, rood, geel en blauw, draaien overuren. De geur van zeep en was hangt overal. In de file - later, elders - hebben heel wat mannen hun raampje open.

Lente, waar blijf je?

's Ochtends vroeg zie je al de eerste kinderen die hun winterkleding hebben afgeschud. In veel te dunne jassen, en zonder sjaals en handschoenen, fietsen ze rillend naar school in nieuwe rokken van H & M en Oilily.

Ook sommige ouders hebben de sjalen en handschoenen afgelegd, hoewel de meesten verstandig zijn en nog volop in wintertenue. Maar knopen die van de winterjas zijn gesprongen, worden niet meer aangezet. Nog even, en de jas kan weer de kast in, of beter nog: met het vuilnis mee.

Lente, waar blijf je?

De eerste cafés hebben hun terrassen al uitgezet. Soms zit er al iemand. Hij of zij heeft zorgvuldig een stoel uitgezocht, in het zonnetje, uit de wind. Op momenten dat de zon voluit kan schijnen, gaan de ogen dicht en wordt er genoten. Op tafel staat meestal een koffie verkeerd, soms een kop thee, ideaal om de handen aan te warmen. Maar meestal zijn ze nog leeg, de terrassen - hoe verwachtingsvol de stoelen ook staan opgesteld.

Lente, waar blijf je?

In de tuin hangt over de bomen een zweem van groen, aan sommige struiken zit al blad, er zit duidelijk beweging in de zaak, maar de narcissen en krokussen hebben hun beste tijd alweer gehad - verraderlijke bloemen zijn dat, altijd veel te vroeg, maar toch zo duidelijk in hun boodschap.

Lente, waar blijf je?

Voorlopig krijgen we er nog maar weinig van. Wel worden we voorzien van bommeldingen om de aandacht van het wachten af te leiden, of erger: zijn het aankondigingen van gruwelen die gaan komen? Je moet er niet aan denken, maar het kan.

Lente, kom!

Meer over