Legendarisch om zijn meesterzet tegen Michels' totaalvoetbal

Helmut Schön, oud-bondscoach van het Westduitse voetbalelftal, is in de nacht van donderdag op vrijdag op tachtigjarige leeftijd in een verpleeghuis in Wiesbaden overleden....

AB SCHREIJNDERS

VOOR VELE Westduitse en Nederlandse voetbalfans is 7 juli 1974 een dag om nooit te vergeten. De WK-finale West-Duitsland - Nederland in München. Trainer op de bank bij Nederland: Rinus Michels, trainer op de bank bij West-Duitsland: Helmut Schön, de man met de onafscheidelijke pet.

Die zaterdag, bijna 22 jaar geleden, boekte Schön zijn grootste triomf en beleefde Michels zijn grootste deceptie. Aan de finale begon Oranje, dat het 'totaalvoetbal' had geïntroduceerd, als favoriet.

Het elftal onder leiding van Cruijff startte fantastisch. Zonder dat een Duitser aan de bal kwam, werd de bal rondgespeeld en Cruijff in stelling gebracht. De Ajacied werd gevloerd, arbiter Taylor uit Engeland aarzelde geen moment. Johan Neeskens legde zó veel agressie in de strafschop dat het krijt van de stip opspatte. Er was nauwelijks een minuut gespeeld.

Maar West-Duitsland vocht terug. Schön had een tactische meesterzet bedacht en Ulli Höness aan Wim van Hanegem gekoppeld. Zo werd de angel uit het Nederlandse middenveld gehaald. De aanvoer naar de voorste linie stokte. In een overtreding van Wim Jansen op Hölzenbein zag Taylor opnieuw een strafschop. Breitner maakte 1-1. En in de tweede helft passeerde 'Der Bomber' Müller op de hem bekende sluwe wijze Jongbloed: 2-1. Andere grote namen uit de ploeg van Schön: libero Beckenbauer, middenvelder Overath en natuurlijk Vogts, de huidige bondscoach.

Ook in het eerste grote toernooi van Schön, het WK in 1966, stonden de Westduitsers in de finale. Daarin verloor de ploeg met 4-2 van Engeland, na verlenging. Nog steeds wordt gediscussieerd over het derde doelpunt van de Engelsen; belandde de bal van Hurst nu op (volgens de Duitsers) of achter (volgens de Engelsen en grensrechter Bachramov) de doellijn?

Schön, op 15 september 1915 in Saksen geboren, speelde tussen 1937 en 1941 zestien maal voor de nationale ploeg. Hij maakte zeventien doelpunten. 'Ik zou ongetwijfeld vaker meegespeeld hebben, wanneer ik niet telkens last van mijn knie had gekregen. Ik was een echte sukkelaar', aldus Schön in de Volkskrant uit augustus 1971. Met Dresdner SC werd hij in 1943 en 1944 Duits kampioen.

In 1945 begon Schön zijn trainersloopbaan, bij een ploeg uit de door de Sovjet-Unie bezette oostzone, de latere DDR. In 1950 vluchtte hij naar het Westen; twee jaar later trad hij in dienst van de toen nog zelfstandige Saarlandse bond.

In 1956 werd Schön benoemd tot assistent van chef-trainer Sepp Herberger. Acht jaar keek hij het vak af van de grote kleine man, die in 1954 de 'Mannschaft' naar de wereldtitel had geleid. In november 1964 volgde Schön Herrberger op. 139 interlands speelden de Westduitsers onder bondscoach Schön. De balans is indrukwekkend: 87 overwinningen, 31 gelijke spelen en slechts 21 nederlagen.

De titel van 1974 was het hoogtepunt in Schöns carrière als DFB-coach, al hadden de Westduitsers twee jaar eerder een voorschot genomen op de belangrijkste landentitel, met het Europees kampioenschap ook in eigen land behaald.

Misschien had Schön beter direct na het toernooi in 1974 kunnen vertrekken. Hij kondigde een aantal malen zijn afscheid aan, maar stelde het even zo veel keren uit en ging pas in 1978 weg, na het volgende WK. Dat toernooi verliep minder glorieus: verlies in de kwartfinales tegen Argentinië.

Over zijn naderende vertrek zei Schön in 1975 in Trouw: 'Ik wil nu terug naar de anonimiteit. Jarenlang heb ik in de schijnwerpers gestaan. Zo'n druk kun je gewoon niet 20 of 25 jaar verdragen.'

Ab Schreijnders

Meer over