'Landmaken is ons erfgoed'

Nederlanders beseffen veel te weinig hoe gevaarlijk het water is dat hen omringt, vindt landschapsarchitect Adriaan Geuze. Als curator van de tweede architectuurbiënnale in Rotterdam koos hij voor het thema Zondvloed....

'Ik zal je één ding vertellen: het waterprobleem valt niet mee. In augustus 2002 had je in Praag een enorme regenbui. En ook in Dresden, daar dreven de museumstukken de musea uit. Die buien kunnen hier statistisch gezien morgen vallen. Als dat gebeurt in de Haarlemmermeer, reken maar dat de hele Schipholtunnel en alle start-en landingsbanen blank staan. Dan staat de economie dus stil, want zo'n hoeveelheid water krijg je met nog geen drie Cruquiusgemalen weg, hoor. Niemand beseft dat we eigenlijk in een soepbord wonen.

'We hadden de titel voor de tweede Internationale Architectuur Biënnale Zo n d v l o e d al bedacht toen ineens gebeurde wat je verbeelding te boven gaat, de tsunami in Azië. Maar denk maar niet dat zoiets in Nederland niet kan. Kijk: achter je ligt Rotterdam, voor je Delft – als iemand aan de andere kant van deze polder de pomp stilzet, komt het water tot hier.

'Ik ben stedenbouwkundige, ooit opgeleid als landschapsarchitect. Opgegroeid in de polder – ik heb leren polsstokspringen van mijn vader. Die was ingenieur en mijn opa was dijkenbouwer. Bij die oudere generaties zie je dat ze wel bezig waren met het water. En ook in Zeeland is het verhaal van het water nog altijd aanwezig.

'Maar verder? Nederland van nu is het land van Jip en Janneke. Hier iets verderop ligt Berkel en Rodenrijs, daar is het huis van Annie M. G. Schmidt. Al haar verhalen zijn geschreven terwijl zij uitkeek over deze polder. Maar haar natuur is niet meer dan het gat in de heg en Takkie. Wij leven in een wereld waar zogenaamd nooit een ramp gebeurt. En als die wel gebeurt, dan is het de schuld van de overheid en stellen we een onderzoekscommissie in, want een ramp kan toch altijd voorkomen worden.

'In Japan, waar altijd aardbevingen dreigen, oefenen kinderen een keer in de week hoe ze de school zo snel mogelijk moeten verlaten. Zij houden dagelijks rekening met de mogelijkheid van een ramp. Er heerst daar een op emergency gerichte neurose. En dat is logisch. Maar wij denken dat we in een wereld leven waar alles redelijk en gewoon is. Het is de decadentie van de suburbane life style die in Nederland dominant is. Die is vervreemd van de natuur. Iedereen denkt: het valt wel mee, het komt wel goed, maar dat komt niet overeen met de realiteit.

'We hebben in Nederland niet twee watersnoodrampen gehad, zoals iedereen denkt, de Elizabeth-vloed in 1421 en die van 1953. Onze geschiedenis zit vol rampen. Vanaf de dertiende eeuw hebben we tienduizenden dijkdoorbraken gehad. In de negentiende eeuw waren de overstromingen zo erg dat men echt dacht: misschien moeten we hier maar weggaan.

'Toen ik twee jaar geleden gevraagd werd als curator van de biënnale heb ik lang moeten nadenken. Het idee was om het thema water te belichten. Maar hoe combineer je dat met het fenomeen biënnale? Het moet wel over architectuur en stedenbouw gaan, niet over klimatologische ontwikkeling, tegelijkertijd moet het meer zijn dan een feestje voor architecten met tentoonstellingen vol wilde ontwerpen. Wij willen geëngageerd zijn, als cultureel fenomeen interessant zijn, en interessant voor de bouw-en de vastgoedsector en de overheid. Die zullen de komende jaren tenslotte miljarden investeren in water. Voor die partijen komt er een zeer ambitieus congres Munt uit water, waar wethouders, ministers en grote investeerders met elkaar in debat gaan, over echt alle belangrijke projecten van nu. We moeten wel een stap verder zien te komen, geld en kennis beter gaan benutten, een vertaling maken naar de Nederlandse stedenbouw en planning.

'Zelfreflectie op Nederland vanuit onze geschiedenis. Waarom is Nederland er eigenlijk? Wie zijn wij? Dat is de insteek van deze biënnale. Water is een van de belangrijkste parameters van de Nederlandse planning en als zodanig onderbelicht. Als je de geschiedenis bekijkt, zie je dat landmaken onlosmakelijk met Nederland verbonden is. Landmaken is ons erfgoed. Daar zie je een dijk lopen. De bedreiging van de zee zit in alles. Door water is onze democratie ontstaan, de solidariteit, de pragmatiek. En het heeft poëtische kracht.

'Kijk nou wat een schilderachtig landschap. Die lage luchten, de veranderende stemmingen, heftige seizoensdynamieken, heel bijzonder licht – het is niet voor niets dat Vermeer, Rembrandt, Van Gogh en Mondriaan uit Nederland komen. Die hebben zich laten inspireren door het landschap. Prins Willem-Alexander zit niet voor niets op dat water. Dat is een geweldig verhaal voor Nederland.

'Een van de hoofdtentoonstellingen van de biënnale, De Hollandse Waterstad, vertelt aan de hand van honderd maquettes het verhaal van de geschiedenis maar ook van de toekomst van de Nederlandse en buitenlandse watersteden. Van Rotterdam zijn negen maquettes te zien waaronder een paar die we speciaal voor de biënnale hebben laten maken: één op basis van archiefmateriaal van de zeventiende-eeuwse waterstad, maar ook één van Rotterdam in 2035; verder is er een maquette van het beroemde negentiende-eeuwse Singelplan en een maquette van de bouw van de eerste dokken en Maasbruggen, en één na de oorlog waar je ziet dat alle grachten gedempt zijn, een manier om van al het puin van het bombardement af te komen.

'Het andere speerpunt vormt de tentoonstelling over polders in het Nederlands Architectuur Instituut. Voor de catalogus Po l d e r s ! hebben we alle polders en sloten in Nederland in kaart gebracht. Weet je hoeveel dat er zijn? Drieduizend. En elke polder heeft zijn eigen verhaal. Die verhalen hebben we verzameld. Zo is polder nummer 215 de polder van Hulst, waar het verhaal van Vos Reinaerde zich afspeelt; en polder 168 in het Friese Het Bild figureert in de etsen van Rembrandt omdat zijn vriendin en latere vrouw Saskia daar woonde.

'Wat opvalt in de geschiedenis van droogmaking, is dat in de geschiedenisboeken altijd een beeld wordt geschapen van grote heroïek, van ”God schiep de wereld, en de Nederlanders schiepen Nederland”,maar in werkelijkheid was het evenzeer een opeenstapeling van dubieuze eng ineering , louche handelsmannen, uitbuiterij en speculatie. Van entrepreneurs die geld zagen in het land droogmaken, daarvoor geld van investeerders loskregen maar later niet de juiste technische middelen bleken te hebben om de polders ook echt leeg te pompen.

'Moet je nagaan: de traditie van grootschalig landmaken stamt uit de dertiende eeuw. In dat licht is het ongelofelijk dat wij nu moeilijk doen over de omvang van IJburg of de tweede Maasvlakte, of dat wel kan, want dat is gezien de geschiedenis totaal plausibel. Neem de voormalige veenkoloniën: het hele proces van vervening voor turf, dat was ongehoord grootschalig. De helft van Nederland is op de natuur veroverd! Met zo'n geschiedenis zou je trots kunnen verwachten, maar nu is droogmaken alleen een probleem. Ontwikkelaars bouwen liever aan snelwegafslagen en stations dan aan rivieren.

'Landmaken is taboe verklaard, de Markerwaard is afgezegd. Dat is absurd, alsof de strijd tegen het water iets van vroeger is. Die houding hoort bij de babyboom-generatie. Je ziet generaties die aan het land bouwen en generaties die dat niet doen. In de zeventiende eeuw had je Leeghwater, die de Beemster drooglegde; de achttiende eeuw was er een van zelfgenoegzaamheid. Die zelfgenoegzaamheid zie je nu terug. De babyboomers gaan nu met pensioen. Dus waar blijft nou de volgende generatie?

'Vlak na de Tweede Wereldoorlog stond alles in het teken van de wederopbouw en de woningnood. Dat was een echte bouwgeneratie; het was de tijd van de grote werken, het Deltaplan. De generatie die daarna kwam, zag ook de tol die de revolutionaire, snelle ontwikkeling begon te eisen. Het was ook de tijd van de Club van Rome en men ging zich richten op de zachte sectoren, de sociaal-culturele hoek. Zij vond de dadendrang van de oudere generatie verdacht. Dadendrang was er wel. Het onderwijs en de gezondheidszorg zijn in de afgelopen decennia om de twee jaar gereorganiseerd.

'Iemand als Leeghwater of Cornelis Lely zou niet huilen dat het water stijgt hoor, die zou plannen bedenken. Maar zo hebben de babyboomers zich nooit gemanifesteerd. Grosso modo kun je zeggen dat zij geen visie hebben gehad op de ruimtelijke ordening. De discussies die er gevoerd worden, gaan altijd over de procedure – wie beslist er, de gedeputeerde of de minister? Hoe is de inspraak geregeld? En ondertussen is Nederland dichtgeslibd.

'In deze polder komt ook een bedrijventerrein. Alles is genivelleerd. Nederland is onderhand een grote suburbane pannenkoek van anonieme woonwijken. Je weet niet meer waar je bent, in Ypenburg, Pijnacker of Bleiswijk. Rij er maar doorheen, het kan overal zijn. Nederland is dichtbevolkt en versnipperd. Alles wordt volgebouwd. De landbouw is ineens niet belangrijk meer, maar wie heeft dat besloten?

'De minister van Financiën is altijd een econoom, de minister van Justitie is altijd een jurist, maar de minister van ruimtelijke ordening, Verkeer en Waterstaat dus, is nooit een ingenieur. Veel wordt overgelaten aan de markt en sinds de laatste Nota Ruimte lijkt decentralisatie het ideaal. De beslissingsbevoegdheid ligt bij de gemeenten en provincies. Dit is voor water het slechtste wat je nu kunt doen. Ruimtelijke ordening is gebaat bij een overkoepelende, collectieve aanpak. Het Deltawerken, de Zuiderzeewerken, sanering van de mijnwerken uit de jaren vijftig zijn goede voorbeelden van collectieve planning en technisch perfecte uitvoering. Dat zouden we nu niet meer zo doen.

'De HSL loopt hier verderop. Twee bewoners verzetten zich ertegen omdat ze hun huis niet uit willen en de procedure duurt vijftien jaar langer. In 1964 reed in Japan de eerste kogeltrein al. Niemand vindt de HSL nog leuk. Of Nederland nog wel leuk is voor een landschapsarchitect? Mijn eigenlijke fascinatie is ontwerpen, en je kan nergens beter ontwerpen dan hier. We blijven altijd verbouwen.

'Gelukkig is er één zekerheid: het waterprobleem is oplosbaar. We hebben de traditie, techniek en het geld. Een aantal issues staat op de agenda: de kust moet echt sterker. De zeekering moet versterkt worden; door het waterschap Delfland is al de noodklok geluid over zeewering, daar zitten gaten in. De polders klinken in, dus de dijken moeten hoger. En de rivieren moeten meer ruimte krijgen.

'Voor de Architectuurbiënnale hebben we dertien gerenommeerde nationale en internationale architectenbureaus gevraagd hun visie geven op het Nederlandse waterprobleem. Een Amerikaans bureau verbaasde zich over het feit dat onze uiterwaarden soms slechts enkele honderden meters breed zijn. In Amerika hebben alle rivieren floodplains, buitendijkse stroomgebieden. Die zijn altijd tientallen kilometers breed .

'Om Nederland opnieuw in te richten én op een duurzame manier, én zo dat je niet verdrinkt, moeten we andere manieren zoeken van bouwen. Op terpen, op opgespoten land. De wateragenda moet gekoppeld worden aan stedenbouw. De binnensteden moeten als woongebied aantrekkelijker worden gemaakt, zodat niet overal van die buitenwijken bijgebouwd hoeven. De landbouw moet ecologischer, met meer grootschalige natuur.

'Water is ons noodlot maar het biedt ook kansen. Bij ons ís het water er gewoon al. Dat is grote delen van de wereld onvoorstelbaar. kunt in Nederland zeilen. Hoe we de polders moeten vormgeven, dat is niet de belangrijkste vraag. De vraag is nu: hoe kunnen we de polders behouden?

'Ik ben met mijn bureau, West 8, bezig met een plan voor de pyramides in Egypte, voor het behoud ervan ondanks het toerisme. Wij verklaren ze daar voor gek dat ze zo met hun monumenten omspringen. Maar wij doen hetzelfde. De veenweidelandschappen zijn de enige de wereld. Kinderdijk, dat is werelderfgoed. Daar worden nog steeds buitenwijken omheen gebouwd. Ik, met mijn verantwoordelijkheid mijn professie, moet ook zeggen: ho, nu is het genoeg .

'Ecologen en planners noemen een polder als deze een ecologische steppe, dat heeft geen betekenis meer. Ons extreem rijke cultuurlandschap wordt vaak afgedaan tot ”weiland”. Dat cynisme, daar word ik echt gek van. Er wordt geen onderscheid gemaakt, geen nuance, terwijl: hier ligt elke dag de nevel gratis over het land waar de koeien met hun poten doorheen steken. Is dat niets waard? Hier: hoe die sloot een rechte lijn in de horizon verdwijnt! En dan is dit nog zo maar een plekje! Dát is Nederland. Ik vind dat heel opwindend.' n

Meer over