Krim-hersenspoeling in Rusland

De voornaamste doelen van oorlogspropaganda zijn het mobiliseren van de steun van de bevolking, het demoraliseren van de vijand en het opwekken van sympathie van andere landen. De grote steun onder de Russen voor de militaire operaties op de Krim en de annexatie tonen dat het Kremlin is geslaagd in de eerste twee doelen, al boekt het weinig vooruitgang bij het derde doel.

Moskou slaagt hierin door toepassing van enkele basismethodes.

Ten eerste moet je de bevolking overtuigen dat de regering correct optreedt en dat de vijand schuldig is aan het veroorzaken van de crisis. Daarom legt het Kremlin de schuld volledig bij de betogers op Majdan en wat het noemt de 'door het Westen gesteunde oppositie'. Hierbij wordt expres niet gemeld dat oud-president Janoekovitsj zelf de crisis heeft veroorzaakt door het land te ruïneren, leugenachtig te communiceren met de EU en extreme corruptie toe te staan van familie en vrienden.

Om de haat van de vijand aan te wakkeren, brengt het Kremlin de nieuwe regering in Kiev met alles in verband dat wordt verafschuwd in Rusland: fascisten, extremisten, de VS en het Westen. Het Westen wordt als agressor afgeschilderd.

Ten tweede worden er mythes gecreëerd over de afschuwelijke vervolging van de Russisch sprekende bevolking in Oekraïne. Nazi-minister van Propaganda Joseph Goebbels zei eens dat als je een kwart waarheid toevoegt aan driekwart leugen, de mensen je zullen geloven. Ten derde moet de vijand gedemoniseerd worden. De nationale tv loopt voorop in deze campagne. Als er dan een echte radicaal of nationalist wordt gevonden tussen de vijanden, zoals de leider van de Rechtse Sektor, Dmitri Yarosj, dan is dat manna uit de hemel voor de propagandisten.

Ten vierde, de autoriteiten verkopen hun agressie altijd als een humanitaire missie. 'We moeten onze weerloze Russen verdedigen tegen de fascisten.' Ten vijfde: als het Kremlin een deel van een broederlijk buurland wil annexeren, moet het eerst de VS en de regering in Kiev ervan beschuldigen uit te zijn op wereldhegemonie, terwijl Rusland zijn 'voorouderlijke gebieden' en zijn natuurlijke invloedssfeer wordt onthouden. Ten zesde, de autoriteiten moeten hun acties als wettig en gerechtvaardigd beschrijven, terwijl de vijand zich schuldig maakt aan grove schendingen van het volkenrecht. En ten zevende, het succes van de propagandaoorlog is geheel afhankelijk van de totalitaire benadering. Elke onafhankelijke mediabron die de leugens kan weerspreken, moet dicht.

Alle landen doen aan informatieoorlogen, het Westen en de VS ook - bijvoorbeeld in Joegoslavië of bij de invasies van Grenada, Panama en Irak. Het grote verschil is dat de Amerikaanse regering niet de mainstream media bezit, wat hun mogelijkheid om de waarheid te manipuleren verkleint. Zo keerden de media zich kort na de invasie van Irak tegen de Amerikaanse pogingen het publiek te misleiden. Zulke zelfcorrectie treedt in Rusland niet op. In autoritaire landen verliest de onafhankelijke informatie het van propaganda en wordt de bevolking slachtoffer van hersenspoeling. Politici spreken over vrede, terwijl ze de oorlogshysterie ophitsen. Dat betekent dat de kans op oorlog reëler is dan velen denken.

Vladimir Ryzjkov was Doemalid van 1993 tot 2007 en is politiek analist.

undefined

Meer over