Krenek

Krenek laat in zijn muziek tranen horen, spot, honger, vuur.

Krenek, Cappella Amsterdam o.l.v. Daniel Reuss

Muziekgebouw aan 't IJ, Amsterdam, 27/3. Uitzending: 6/4 via Radio 4

Dit jaar naar de Matthäus, de Johannes of toch maar eens een sprong in het diepe? In dat geval zijn er de onverschrokken zangers van Cappella Amsterdam. Met hun dirigent Daniel Reuss hebben ze voor de paasdagen de Lamentaties van Ernst Krenek (1900-1991) ingestudeerd, een zeventig minuten lange onderdompeling in de Klaagzangen van Jeremia. In canons, dubbele canons, canons ondersteboven en canons achterstevoren laat Krenek de verwoesting van de stad Jeruzalem bezingen. Die compositiegereedschappen van de oude Renaissancemeesters combineert hij met twaalftoonsmateriaal uit zijn eigen tijd. Extra moeilijkheid: de zangers moeten het doen zonder maat-strepen en zonder aanwijzingen voor tempo of expressie.

Wat je hoort, is de tekst van de Klaagzangen - van Aleph tot de laatste letters van Jeremia's gebed woordelijk te volgen. Het is geen muziek voor watjes. Krenek laat in zijn muziek tranen horen, spot, honger, vuur. Zijn melodieën schurken vaak dicht tegen elkaar aan en vormen dan samen een nauwelijks ontwarbare kluwen van klanken. Makkelijke oplossingen voor al die dissonanten zijn nergens te bekennen.

Toch slepen de zangers je mee in het strak georganiseerde lijnenspel van Kreneks weefsels. Je wilt dat ene draadje blijven volgen en tegelijkertijd een stap naar achteren doen om de duizeligmakende kleurenpracht van al die stemmen samen te voelen. Ze komen telkens opnieuw bij elkaar in de tekst 'Jeruzalem, Jeruzalem, bekeert u tot de Heer uw God'.

Die tekst had in het jaar waarin Krenek zijn werk schreef nog een extra lading. Het was 1942, Europa stond in brand. Krenek, in het Wenen van de jaren dertig verketterd door de nazi's als Kulturbolschewist, was uitgeweken naar de VS. De Lamentaties vormen een persoonlijk document, waarin hij ver voorbij de grenzen van zijn eerdere composities ging. Daarmee dwong hij bewondering af - met name van Igor Stravinsky - maar hij wist ook dat hij van zijn zangers het onmogelijke eiste. Pas zeventien jaar nadat hij het stuk had voltooid werd het in première gebracht. Het is muziek die is voorbehouden aan de eredivisie van de koren en die door Cappella Amsterdam wordt gezongen met een verbeeldingskracht die de verschrikkingen van de verwoeste stad voelbaar maakt.

In april kiest Cappella Amsterdam samen met het Nieuw Ensemble opnieuw voor een bijzondere paascompositie. Dan klinkt Water Passion after St. Matthew van Tan Dun, gedirigeerd door de Chinese componist zelf.

undefined

Meer over