Kosovo opent academisch jaar met traangas en uien

Shqipa Ramberi, een frêle tweedejaars studente aan de Albanese kunstacademie, was eerst bang om te demonstreren. Ze is meer geïnteresseerd in mode en muziek dan in politiek....

Van onze correspondent

Bart Rijs

PRISTINA

Op de dag dat het academisch jaar officieel wordt geopend, besluit ze met tienduizend andere studenten om de Servische autoriteiten te trotseren en de straat op te gaan.

Sinds de Servische president Milosevic in 1989 de autonomie van de provincie Kosovo afschafte en de uitzonderingstoestand instelde, zijn de Albanezen tweederangs burgers. Volgens internationale mensenrechtenorganisaties worden de Albanezen, die 90 procent van de bevolking van Kosovo uitmaken, systematisch gediscrimineerd. In 1991 werden de Albanese hoogleraren aan de universiteit van Pristina ontslagen, het onderwijs in het Albanees stopgezet en de toelating van nieuwe Albanese studenten sterk bemoeilijkt.

Vorig jaar sloot Milosevic een overeenkomst met de leider van de Albanezen in Kosovo, Ibrahim Rugova, om de toestand in het onderwijs te normaliseren. De overeenkomst is dode letter gebleven. 'Ik weet waar de echte kunstacademie ligt, maar ik ben er nog nooit binnen geweest', zegt Shqipa. 'Daarom ga ik demonstreren: we willen onze instellingen terug.'

De studenten hebben zich uitgeput om te voorkomen dat het protest uit de hand loopt. Velen zijn gekleed in het wit en dragen bloemen als teken van hun vreedzame bedoelingen. Jongens met rode armbanden vormen een ordedienst en zorgen dat provocateurs geen kans krijgen. Er zijn van tevoren 33 officieel goedgekeurde leuzen afgesproken, afkomstig uit onverdachte bronnen als de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Al na een paar honderd meter stuiten de studenten op een kordon oproerpolitie met een pantserwagen en een waterkanon.

Nadat de studenten een uur zwijgend tegenover het kordon hebben gestaan, vuurt de politie traangasgranaten af en slaat met de wapenstok op de voorste rijen demonstranten in. Huilend, kuchend, met het snot uit de neus stromend, vluchten de Albanezen de weg af, de heuvels in.

Een keurig in het pak gestoken hoogleraar houdt een ui in zijn hand, een bekend tegengif voor traangas.

De professor heeft meer van dit soort demonstraties meegemaakt. 'Ik wist dat het zo zou aflopen', hijgt hij, terwijl hij vlucht voor de politieknuppels.

De studenten moeten via achterafweggetjes in veiligheid zien te komen. De politie houdt hen op de straathoeken aan, vraagt om papieren en deelt klappen uit als ze vermoeden dat ze van de demonstratie komen.

'Zoals in alle democratieën hebben de autoriteiten maatregelen genomen om te voorkomen dat de wet wordt overtreden', zegt Bosko Drobnjak, de woordvoerder van de Servische autoriteiten in Kosovo. 'De studenten hebben geen toestemming gevraagd voor een openbare bijeenkomst. Dit is toch een vorm van geweld. Ze jagen mensen angst aan. Eerst is het demonstreren, dan stenen gooien, en het eindigt met schieten.'

De studentendemonstraties in de hoofdstad en in vijf andere steden in Kosovo zijn een uiting van de groeiende frustratie onder de Albanezen. In de jaren sinds de afschaffing van de autonomie hebben ze zo goed en kwaad als het gaat een ondergronds onderwijssysteem, een netwerk van klinieken en een sociaal stelsel gecreëerd, maar verder heeft het lijdelijk verzet niets opgeleverd.

De onvrede is zo groot dat zelfs een oproep van Rugova om de demonstratie voorlopig uit te stellen, geen effect had. In Pristina staan de trottoirs langs de voorgenomen route van de demonstratie zwart van de sympathisanten.

De internationale gemeenschap, die haar handen nog vol heeft aan Bosnië, is doodsbang voor een nieuwe brandhaard in de Balkan. Maandag vloog een diplomatieke delegatie, met de hoogste vertegenwoordigers van de Europese Unie en de VS in Joegoslavië, voor een bliksembezoek naar Pristina. Ze wilden de studenten overreden af te zien van de demonstraties en er bij de autoriteiten op aandringen geen geweld te gebruiken - zonder succes dus. 'Het zou daar hoog kunnen oplaaien', sombert een diplomaat.

De studenten behoren tot een generatie die is opgegroeid onder de uitzonderingstoestand. 'Hun families brengen grote offers om hen te laten studeren', zegt Veton Suroi, hoofdredacteur van de Albanese krant Koha Ditore. 'De studenten zijn enorm gedreven.'

Meer over