KOSOVO-DEBAT IN FRANKRIJK

VOOR één keer verbleekt de Franse publieke opinie bij het va-t-en-guerre dat uit Nederland opstijgt. Daar hoorde ik tijdens de paasdagen eerst Hylke Tromp en toen Mient-Jan Faber voor de radio hartstochtelijk pleiten voor het sturen van grondtroepen naar Kosovo....

Martin Sommer

Zoveel kunde heeft tot nu toe geen enkele Franse polemoloog, filosoof, schrijver of psycho-analyticus tentoongespreid. Voor de rest houden de Kosovo-manifesten in Parijs gelijke tred met de uitbottende lentebloesem. Een van de redenen voor de bloei van het ingezonden-stukkendom is dat Frankrijk zich tot dusver meer dan loyaal heeft opgesteld in deze Kosovo-crisis.

Geen spoor van gevaarlijke flirts met het bondgenootschappelijke verleden met Servië, geen stiekeme kruipdoor-sluipdoortjes van Franse officieren met Belgrado. De Franse luchtmacht opereert vlekkeloos onder Amerikaans bevel, de Franse verklaringen stemmen volstrekt overeen met die uit Londen en Washington. Het enige dat ontbreekt aan het volledige Franse lidmaatschap van de NAVO is feitelijk de handtekening van Chirac.

Maar een flink deel van politiek-intellectueel Parijs is daarmee helemaal niet blij. Oude anti-Amerikaanse reflexen voeren de boventoon bij de talrijke tegenstanders van de Franse bijdrage aan de aanvallen op Milosevic. Tekenend is een gezamenlijke artikel in Le Monde van schrijver Max Gallo en politicus Charles Pasqua. Dit tweetal schrijft dat 'Frankrijk in deze affaire alle initiatief uit handen heeft gegeven'.

Uiteraard aan Amerika, dat zich bezondigt aan 'B-52-diplomatie' in een oorlog die 'elke legale basis ontbeert'. Onder generaal De Gaulle was zoiets ondenkbaar, en zijn boodschap is 'voor gaullisten en andere republikeinen' nog altijd actueel: er gaat niets boven soevereiniteit.

Het meest opzienbarend aan het stuk is dat het een gezamenlijk product is van de ouderwets linkse Gallo en zijn even ouderwets rechtse tegenpool Pasqua. Een ongelooflijke combinatie, maar als de Republiek in het geding is, komen lam en leeuw samen in het geweer.

Soortgelijke monsterverbonden waren vorige week ook op straat te zien, waar de communisten van de vakbond CGT demonstreerden met Servische buttons op hun borst, zij aan zij met de extreem-rechtse aanhangers van de Action Française. Spandoektekst: 'Geen bommen, geen etnische zuiveringen.' Linkse en rechtse nationalisten, communisten, aanhangers van het volkenrecht, bien étonnés onder de noemer: tegen de NAVO, tegen het Europa van de Unie, tegen de globalisering, tegen de VS. Het lange geheugen van de coalitie is goed ontwikkeld. Dat herinnert aan het Franse bondgenootschap met Servië uit de Eerste Wereldoorlog, en aan het feit dat nu de Duitse Luftwaffe weer boven Servië vliegt. Aan de Duitse erkenning van Kroatië en Slovenië in 1991, die het wankele Joegoslavische evenwicht verstoorde. Want als het de Amerikanen niet zijn, dan wel de Duitsers die hun invloedssfeer naar het oosten willen uitbreiden. Ten koste van de 'legale' oude grenzen.

Het lange geheugen mag goed zijn, aan het korte lijkt wel wat te mankeren. Vergeten is dat Rambouillet een Frans-Brits initiatief was, waarop de Amerikanen aanvankelijk helemaal niet happig waren. Dat er eindeloos met Milosevic is gepalaverd voordat met lange tanden is besloten bommen te gaan gooien. Vergeten is ook - met name door de VN-liefhebbers - dat de oorlog in Bosnië pas aan zijn eind kwam toen het rampzalige dubbelmandaat van VN en NAVO werd opgedoekt en de NAVO zijn gang kon gaan om Karadzic mores te leren.

De informele aanvoerder van de soevereinistische stroming is minister van Binnenlandse Zaken Chevènement. Tijdens de kabinetsvergadering van vorige week deelde hij aan zijn collega's een papier uit. Het was een lang citaat van de Duitse intellectueel Hans Magnus Enzensberger, die schreef dat mensenrechten geen basis kunnen zijn voor praktische politiek. Mensenrechten tot politiek verheffen, dat kan alleen maar leiden tot teleurstellingen en dus tot hypocrisie, schreef Enzensberger, en Chevènement schreef het hem na.

Inderdaad verdedigde NAVO-secretaris-generaal Solana de eerste NAVO-actie buiten het verdragsgebied door te wijzen op de 'morele plicht' in te grijpen. En de Franse premier Jospin zei vorige week in het parlement dat 'accepteren dat deze waarden (de mensenrechten, red.) aan de poort van de Europese Unie met voeten worden getreden, verraad aan onszelf zou betekenen'. Het papier van Chevènement was dan ook een indirecte aanval op zijn baas.

Tegenover de soevereinisten-nationalisten-legalisten tekent zich een tweede bondgenootschap af: dat van de interventionisten-internationalisten-humanisten-droits-de-l'hommisten. Le Monde ziet in deze oorlog hun doorbraak. 'Als uitvloeisel van de verzwakking van de soevereiniteit, wordt het ingrijpen om humanitaire redenen een hogere waarde dan het respect voor de grenzen. Het is een nieuw Europa dat zich aftekent.'

Of dat nieuwe Europa een stevige basis heeft, is de vraag. Het geëtaleerde morele imperatief is inderdaad kwetsbaar voor het verwijt van schijnheiligheid: waarom niet ingegrepen voor de Koerden, de Tsjetsjenen, de Tibetanen, anders dan om het feit dat het hemd nader dan de rok is? Maar de televisiebeelden lijken het debat in het voordeel van de nieuwe moralisten te gaan beslissen. Die grondtroepen van Hylke Tromp komen er wel.

Meer over