Koning van je eigen universum

Door internet verschuift de controle over de samenleving van gevestigde instituties naar het individu. Wie heeft straks nog behoefte aan een krant, als je op internet duizenden bronnen kunt combineren?...

'OP JE computer kun je God zijn', zegt een jonge hacker. 'Met je computer kun je een eigen wereld creëren, waar je kunt doen wat je wilt. Je hebt niets met andere mensen te maken', meent een andere whizzkid.

De digitale krakers worden geciteerd in het boek The Control Revolution van de Amerikaanse jurist Andrew Shapiro. Door internet verschuift de controle over de samenleving, betoogt hij, van gevestigde instituties naar het individu. Arrogante politici, journalisten, medici en muziekbonzen komen steeds meer onder druk te staan. Wie heeft er straks nog behoefte aan een krant, als je op internet duizenden bronnen naar eigen inzicht kunt combineren? Wie gelooft er nog een dokter? Wie koopt er nog een cd, als je met Napster de nieuwste muziek moeiteloos binnenhaalt?

Geheel tegen de tijdgeest in breekt Shapiro vervolgens een lans voor de instituties, de traditionele macht die in haar bestaan bedreigd wordt. Democratisering is uiteraard een goede zaak, maar zij kan ook doorslaan. Napster kan artiesten brodeloos maken, al te mondige patiënten kunnen op internet medicijnen bestellen waar ze psychotisch van worden. Bovendien versterkt de veelbezongen toename van de macht van het individu door internet zijns inziens de naarste trekjes van de hedendaagse cultuur: de neiging tot zelfoverschatting en narcisme. De kinderlijke wens een perfecte wereld voor jezelf te creëren, en daarbij anderen over het hoofd te zien.

The Control Revolution is vooral een cultuurkritiek, zegt Shapiro, die recht doceerde aan de universiteiten van Harvard en New York en artikelen schreef voor onder meer Wired, The Nation en The New York Times. Nu is hij directeur van Green Order, een online marktplaats voor duurzame producten. Toen het boek af was, zocht hij nog een handzame ondertitel. 'Hoe internet onze normen en waarden dreigt te vernietigen, was de ondertitel die ik eerst in gedachten had', zegt hij.

Maar ja, wie koopt er nou zo'n boek? Pijprokende cultuurpessimisten met grijzende slapen. Met alle respect, maar dat was niet het publiek dat Shapiro wilde bereiken. Hij wilde een snaar raken bij de dotcom-generatie, bij iedereen die gelooft in zelfontplooiing en het genot van individuele controle. 'Daarom koos ik de ondertitel: ''Hoe internet het individu de macht geeft en de wereld verandert''. Mijn bedoeling was dat mensen zouden denken: wauw, dat is een goed idee! En als ze het boek eenmaal zouden lezen, zouden ze aan het denken worden gezet.'

Of die missie geslaagd is, valt te betwijfelen, maar Shapiro is in elk geval een gezaghebbend internet-watcher geworden. Vorige week sprak hij in Den Haag op een congres van Infodrome. Deze denktank is door staatssecretaris Rick van der Ploeg opgezet om de gevolgen van de informatie- en communicatietechnologie voor de positie van de overheid te bestuderen.

Die gevolgen zijn, althans in potentie, duizelingwekkend. Via internet kan het oude ideaal van directe democratie eenvoudig gerealiseerd worden. Over talloze kwesties zouden burgers hun electronische stem kunnen uitbrengen, van vreemdelingenwet tot winkelsluitingstijden. Dit permanente referendum zou uiteraard ten koste gaan van de zittende politieke kaste. Shapiro is hier fel tegen. Een samenleving kan ook té democratisch zijn, zegt hij.

'In de Verenigde Staten heeft Dick Morris, een voormalige adviseur van Clinton, nu een website, vote.com, waar je over allerlei zaken kunt stemmen. Op den duur kan internet de politiek vervangen, zegt hij. Dat is een volkomen belachelijke gedachte. Je ziet nu al dat gewone referenda leiden tot oprispingen van populisme. In Californië is positieve discriminatie van minderheden teruggedraaid, in Colorado is geprobeerd de rechten voor homoseksuelen weer af te schaffen.

'Het is belangrijk dat er een tussenlaag van leiders bestaat die belangen tegen elkaar afwegen en een weloverwogen besluit nemen. Natuurlijk hebben we vaak slechte leiders, maar dat is een ander verhaal. De ideeën van Morris zijn ook zo onrealistisch. Wie heeft er nou zin zich in de nationale begroting te verdiepen? Daar hebben we nou juist de arbeidsdeling voor uitgevonden. De een bestudeert de begroting, de ander de effectenbeurs, weer een ander de deeltjesfysica, zodat we dat niet allemaal zelf hoeven te doen.'

- Maar bent u niet gewoon een verdediger van de status quo? De democratie is klaar en er hoeft niets meer te gebeuren.

'Zo zou ik toch niet graag gezien willen worden. Internet kan op allerlei manieren een positieve bijdrage aan de democratie leveren. In de VS heb je een website waar je precies kunt zien van welke bedrijven politici hun campagne-bijdragen krijgen. Ook kunnen politici op het net een debat voeren met geïnteresseerde burgers. Maar dat is heel iets anders dan push button-politics, waarbij de burger zijn grilligste voorkeuren kan uitleven.'

- Toch grijpt de gedachte van de internet-democratie terug op een oud ideaal, de directe democratie van Athene.

'De mensen die Athene erbij halen, vervalsen de geschiedenis. In Athene was het stemrecht beperkt tot mannen met bezit. Vrouwen, slaven en armen waren uitgesloten. Bovendien had die stemgerechtigde elite naast rechten ook zware plichten op het gebied van stadsbestuur. Er was dus een zeker evenwicht tussen rechten en plichten.

'De voorstanders van push button-politics willen zo min mogelijk plichten en zo veel mogelijk rechten. Je hoeft niet meer naar die langdradige politieke vergaderingen, maar je mag wel overal over meebeslissen. Uiteraard zonder dat je verantwoordelijk kunt worden gehouden als een besluit verkeerd uitpakt. Stel je eens voor, hoe vluchtig zo'n democratie zou worden. Ontbijten, de kinderen naar school brengen, en hupsakee, nog even ergens voor stemmen, al naar gelang je pet staat.'

In zijn boek gaat Andrew Shapiro ook uitvoerig in op de positie van de media in het internettijdperk. Journalisten behoren tot de favoriete doelwitten van internetactivisten. Zij zijn immers de arrogante poortwachters die de consument hun eigen selectie van het nieuws opdringen. Een handjevol redacteuren bepaalt wat er wel of niet tot de krant of de televisie doordringt. Dankzij internet kan deze journalistieke kaste overbodig worden, of op zijn minst een toontje lager zingen. De gebruiker kan zelf het nieuws ophalen, van duizenden nieuwssites, maar ook van alternatieve sites van actiegroepen. Of ze raadplegen andere gebruikers die van hun specialisme veelal meer weten dan een professionele journalist.

Uit al die bronnen kan de gebruiker een hoogstpersoonlijke digitale krant samenstellen. De enige krant ter wereld die meer over snorkelen dan over politiek schrijft, die de obscuurste hiphop-cd bespreekt zonder ooit een letter aan Bach te wijden. Of omgekeerd, uiteraard. De Amerikaanse cybergoeroe Nicholas Negroponte presenteerde ooit het concept van de Daily Me, een krant die geheel op de individuele voorkeuren van de lezer is toegesneden. Hij gebruikte het voorbeeld van een werknemer van Shell wiens vergadering niet doorgaat omdat Amerika Lybië heeft aangevallen. 's Ochtends opent zijn krant niet met 'Amerika valt Lybië aan', maar met 'Shell-vergadering gaat niet door'.

Negropontes ideaal is Shapiro's nachtmerrie. Een wereld waarin particulier ongerief belangrijker is dan een oorlog. Het is uiteraard een extreem voorbeeld, maar het is verre van ondenkbeeldig dat het nieuws steeds meer zal versnipperen. 'In de Verenigde Staten verliezen de bulletins van de grote networks steeds meer terrein. Je kijkt naar MSNBC als je in de technologiesector werkt, of naar CNBC als je geïnteresseerd bent in financieel nieuws. De nationale instituten, zoals Walter Cronkite vroeger, zijn verdwenen', zegt Shapiro.

In de toekomst zal het waarschijnlijk ook mogelijk zijn het journaal in stukjes te knippen, zodat je alleen nog de items bekijkt die je interesseren. En uiteindelijk is er geen gezamenlijk nieuws meer, vreest Shapiro, omdat iedereen naar iets anders zit te kijken. De global village dreigt een global Bosnië te worden. schreef de Amerikaanse journalist E.J. Dionne. Niet voor niets zijn ultraconservatieve christenen enthousiast over de mogelijkheden tot personalisatie, omdat ze op die manier 'de liberale poortwachters in New York' moeiteloos kunnen passeren.

- Maar is uw angst niet overdreven? Uit onderzoek blijkt dat de meeste mensen helemaal geen prijs stellen op personalisatie, omdat ze bang zijn iets te missen.

'Of personalisatie werkt of niet, staat nog te bezien. Het gaat misschien minder snel dan ik destijds dacht. Maar er zijn ook veel mensen die er in geloven. We moeten ons ook niet blindstaren op internet in zijn huidige vorm. Over tien jaar zal het net er weer heel anders uitzien. Het ligt voor de hand dat de meeste mensen 24 uur per dag online zullen zijn, via pc, tv, mobiele telefoon en andere apparaten.'

- In uw boek schetst u een beeld van internet-communities als gesloten gemeenschappen van gelijkgezinden. Is dat niet al te simpel? Veel internetgebruikers zeggen dat ze in zulke communities heel zinvolle contacten hebben opgedaan. Mensen die elkaar treffen in een nieuwsgroep over computers kunnen het ook best over films of persoonlijke problemen hebben.

'Op dit punt word ik vaker aangevallen. Je hebt nieuwsgroepen over surfmuziek of Star Trek, zo wordt gezegd, waar ook contacten worden gelegd die verder gaan dan het eigenlijke onderwerp. Misschien is dat zo, al bestaat er in veel nieuwsgroepen een behoorlijke druk om bij het onderwerp te blijven. In een Star-Trek-groep kun je niet zomaar over de presidentsverkiezingen beginnen. Maar ook al zouden mijn critici gelijk hebben, dan nog lijkt het me onwaarschijnlijk dat je in nieuwsgroepen evenveel diversiteit zult aantreffen als in het gewone publieke leven. Internet versterkt een trend waarbij allerlei groepen zich terugtrekken in hun eigen wereldje. Ik vind dat je in de publieke sfeer juist naar diversiteit moet streven. Verschillende groepen moeten met elkaar in aanraking komen en met elkaar in debat gaan.

'Natuurlijk is de toename van het aanbod door internet een dubbel snijdend zwaard, dat zie ik ook wel. Er ontstaat meer ruimte voor specialistische voorkeuren, zoals opera, blues of reggae. Dat is mooi. Maar ik vind die versplintering gevaarlijk.'

- We moeten dus meer televisie gaan kijken?

'Voordat ik aan dit onderzoek begon, had ik niet verwacht dat ik ooit iets positiefs over de televisie zou zeggen. Maar de massamedia zijn de lijm die een moderne samenleving bij elkaar houdt. Ze geven een land cohesie en bieden een gemeenschappelijk kader, van onderwerpen waar iedereen over mee kan praten. Niet voor niets viel de opkomst van de moderne natiestaat samen met de introductie van goedkope kranten. Daardoor kon het abstracte beeld van de natie als gemeenschap ontstaan. Voor die tijd konden de meeste mensen zich niet veel meer voorstellen dan hun eigen dorp.

'Op internet gaat die cohesie weer verloren. Het is misschien rijker, dieper en bevredigender als het om jouw persoonlijke hobby's gaat. Er is meer ruimte voor specialistische voorkeuren als opera, blues of reggae. Dat is allemaal heel mooi. Maar ik geloof dat mensen een evenwichtig mediadieet nodig hebben. Je moet goed geïnformeerd zijn over het nieuws dat voor de hele gemeenschap van belang is. Dat is de basis. En je persoonlijke hobby's zijn de chocolaatjes. Sorry, ik begin nu wel een beetje te klinken als mijn moeder die me de schijf van vijf probeerde bij te brengen.'

Andrew Shapiro noemt zichzelf een 'sceptische optimist'. Als internet-ondernemer is hij ook niet negatief over het net. Internet kan een belangrijke rol spelen bij de versterking van de lokale gemeenschap, gelooft hij. Op het Infodrome-congres werd bijvoorbeeld gesproken over een experiment in een buurt, waarbij vraag en aanbod op het gebied van zorg via internet aan elkaar gekoppeld werden. Internet kan echter ook leiden tot escapisme, zegt hij. De problemen in de eigen buurt worden niet aangepakt omdat de bewoners zich hebben teruggetrokken in hun eigen digitale wereldje. Een wereld die bedrieglijk aantrekkelijk kan lijken, omdat iedereen het met je eens is. En als je toch vervelende dingen tegenkomt, ben je meteen weer weg. Heel anders dan in die weerbarstige 'off-line' wereld.

In eigen land geldt Andrew Shapiro als uiterst links, omdat hij het culturele ideaal van radicaal individualisme in twijfel trekt. Hij roeit tegen de stroom op, beseft hij. Individuele vrijheid, zelfontplooiing, het zijn machtige slogans, groot gemaakt door Californische hippies, overgenomen door de technologie-industrie van Silicon Valley en wijde omstreken.

'Ik ben er zelf ook gevoelig voor. Ik heb laatst een TiVo gekocht, een persoonlijke videorecorder waarmee je heel gemakkelijk je eigen tv-avond kunt programmeren. Eigenlijk vind ik het een heel gevaarlijk apparaat, omdat het de fragmentatie alleen maar versterkt. Straks heb je mensen die alleen nog naar de Simpsons kijken. Maar het is zo aantrekkelijk, zo bevredigend. Vooral ook vanwege de boodschap achter zulke technologie. Er wordt ons een lifestyle verkocht. Je hoeft niet meer af te wachten wat de tv-stations voor jou beslissen! Je bent de Chief Executive Officer van je eigen leven! De koning van je eigen universum!'

Meer over