Konijn Frank waarschuwt: het einde is nabij

Het gezin Darko is een behoorlijk normaal gezin. Vader en moeder maken zich niet snel druk, de drie kinderen doen wat er van hen verwacht wordt: een beetje klieren, een beetje shockeren....

Niks raars voor een puber, maar Donnie wordt ook geplaagd door hallucinaties. Een groot, vervaarlijk uitziend konijn spreekt hem toe over het naderend einde van de wereld. Klaarblijkelijk heeft Donnie daarin een belangrijke rol in te vervullen, maar het konijn, dat Frank heet, voorziet hem slechts mondjesmaat van informatie.

Mysterieuze gebeurtenissen vinden plaats in het slome stadje, en steeds lijkt hij er bij betrokken. Wanneer Donnie ternauwernood aan de dood ontsnapt - een vliegtuigmotor stort in zijn slaapkamer neer terwijl hij net aan het slaapwandelen is - begint hij zijn missie serieus te nemen. Hij gaat op zoek naar informatie over tijdreizen.

In het rustige tempo van het zelfgenoegzame buitenwijkbestaan combineert Donnie Darko eenvoudige, huiselijke scènes met bizarre openbaringen. De debuutfilm van de 27-jarige Richard Kelly is in veel opzichten bijzonder, maar zijn bijna achteloze vermenging van doorsnee tienerdrama met sociale satire en sciencefiction is de grootste vondst.

De genres bijten elkaar niet. Donnie Darko speelt zich af in 1988, tegen het einde van het Reagan-tijdperk. Een periode van groeiende welvaart, morele restrictie, enge kapsels en pompeuze discomuziek; de perfecte achtergrond voor een griezelverhaal. De new age-goeroe die mensen aanspoort hun angst te overwinnen (een ironische rol van jaren-tachtig-idool Patrick Swayze) vertoont duivelse trekjes, en de bezetenheid waarmee een lerares een groep meisjes op een dansoptreden voorbereidt, lijkt ook niet fris.

Het sardonisch kantelen van wat als normaal en reëel wordt beschouwd, heeft Kelly van David Lynch afgekeken. Hij geeft er in Donnie Darko een eigen draai aan, met onmiskenbare sympathie voor zijn personages en veel gevoel voor kleinschalig, individueel leed. De acteurs dragen daar veel aan bij: zelfs de geringste rollen worden gedenkwaardig ingevuld.

Zo kan het gebeuren dat een merkwaardig verhaal over een eng konijn, wormgaten en tijd-ruimte-botsingen volstrekt vanzelfsprekend wordt; minder vreemd, bijvoorbeeld, dan het feit dat Donnie zonder veel moeite een leuk meisje versiert.

Het apocalyptisch mysterie wordt uiteindelijk opgehelderd, al valt over de uitkomst te discussiëren. Volgens zijn therapeut lijdt Donnie aan paranoïde schizofrenie, en daarmee komt de nuchtere kijker een heel eind. Het is knap dat Kelly erin slaagt die meer prozaïsche uitleg te vertalen in ontroerend drama (schizofrenie is tenslotte geen pretje), terwijl tegelijk de hogere fysica van het tijdreizen een vrolijke sluiproute biedt.

Kelly moest lang met zijn script rondzeulen voordat iemand er iets in zag. Dat het hem toch gelukt is zijn debuutfilm te realiseren, met een voor fraaie special effects toereikend budget, is deels te danken aan Drew Barrymore, die als producent optrad en ook een bijrol speelt. Het bewijst dat er in Hollywood toch nog ruimte is voor oorspronkelijkheid.

Meer over