Koffie, auto, maat

Waarom zijn die ogenschijnlijk simpele internetfilmpjes van Jerry Seinfeld zo'n aanrader?

Komiek Ricky Gervais zit gillend in een auto, zijn handen krampachtig op het dashboard. Hij schreeuwt. 'Oh kom op Jerry, dit is waanzin. Dit is fucking gestoord. Dit is helemaal niet nodig! We gaan een kop koffie drinken in godsnaam, niet een fucking bom ontmantelen!' Achter het stuur comedylegende Jerry Seinfeld, maniakaal lachend.

Soms is het leven heel erg simpel. Je bent een succesvol komiek, hoeft je geen zorgen meer te maken over geld, hebt genoeg vrije tijd, een keur aan interessante vakbroeders, een voorliefde voor oude auto's en een koffieverslaving. Maar stilzitten kan je niet en je wil 'iets leuks' doen. Dan is er natuurlijk maar één uitkomst: samen met een van die leuke collega's in een prachtige oldtimer door de straten van New York rijden, koffie drinken in oer-Amerikaanse cafés en ouwehoeren over alles wat los en vast zit. Omdat je de lulligste niet bent, film je dat alles en zet je het gratis op internet. Et voilà: Comedians In Cars Getting Coffee.

Een startende motor, ronkend geluid, close-ups van een glanzende oldtimer en de voice-over van de gastheer is steevast het begin van CICGC. Met zijn typische stem - die toongewijs het midden houdt tussen een permanente verkoudheid en latente paniek, altijd op punt van overslaan - vertelt Seinfeld met wat voor auto hij zijn gast ophaalt. En dat is nooit een oude Skoda - eerder een Volkswagen Kever uit 1952, of een Triumph TR6 uit 1976, of een Rolls Royce Silver Cloud II uit 1960, of een Dodge Challenger T/A uit 1970, of een Austin-Healy 3000 uit 1967. De mooie auto's zijn niet alleen een productioneel trucje om de filmpjes wat lekkerder te laten ogen. Seinfeld is een autofreak. Een tijd lang huurde hij zelfs een hangar op een vliegveld in Californië om zijn collectie Porsches onder te brengen en in New York heeft hij een garage laten bouwen van 1,4 miljoen dollar zodat er altijd vijf van zijn lievelingsauto's binnen handbereik zijn.

De eer om in die auto's mee te mogen rijden kan iedereen ten deel vallen, als je maar grappig bent en bevriend met Seinfeld - Larry David, Brian Regan, Alec Baldwin, Carl Reiner, Mel Brooks, Michael Richards of Ricky Gervais; allemaal schrijver, producent, acteur of regisseur, of alles tegelijk; in essentie echter allemaal 'komiek'.

Het wonderlijke is nu: de filmpjes boeien van begin tot eind, terwijl er niets gebeurt, en dat op het web, waar de aandachtsspanne voor filmpjes toch normaal gesproken al niet erg groot is. Hoe kan dat?

Om te beginnen: juist omdát er niks gebeurt. Seinfeld en zijn vrienden verheffen het slap lullen over allerlei grote en kleine dingen tot een kunst, waarbij de eigenzinnige observatie van het alledaagse centraal staat. Als Jerry en Larry David (onder andere schrijver van Seinfeld) in een café een stapeltje pannekoeken eten en zien dat er achter hen een arts zit te lunchen concluderen ze al snel dat alle dokters op de ziektes lijken die ze behandelen, om er al snel achter te komen dat die theorie alleen opgaat bij dermatologen. De twee voeren voorts een discussie over waarom het ongepast is om thee te bestellen als je gesprekspartner koffie drinkt. 'Waarom?!' roept Larry David verontwaardigd uit. 'Ik houd de beker hetzelfde vast, er komt stoom vanaf, ik drink het, wat is het verschil?' Seinfeld legt hem met een waterdichte analyse het zwijgen op: 'Wij gaan naar een ijssalon. Ik bestel een hoorn en jij een salade. Dat is het verschil, het gaat om de mood.'

Maar er is ook ruimte voor het iets zwaardere onderwerp. Seinfeld zoekt zijn oud-collega Michael Richards op, die ooit furore maakte met zijn karakter Kramer in Seinfeld. De twee grappen er op los en Richards merkt op dat hij, nu hij herenigd is met zijn oude maatje, 'weer verandert in die gek'. Om dat te onderstrepen gooit de acteur uit het niets een lege vuilnisbak achterin de pick-uptruck waar de twee in rondrijden en loopt hij midden in een gesprek 'per ongeluk' tegen een vuilcontainer aan.

Maar tijdens de koffie neemt het luchtige gesprek een wending. In 2006 schreeuwde Richards tijdens een optreden in een stand-up comedy club racistische beledigingen naar iemand die hem onderbrak. Het incident kreeg een staartje en als Seinfeld vraagt of Richards niet vaker wilde optreden is het antwoord: 'Ik heb stennis geschopt en ik ben erdoor ingestort.' Richards bedankt Seinfeld dat hij hem destijds bleef steunen, maar heeft het nog moeilijk: 'Van binnen ben ik er nog steeds een beetje kapot van.'

Het is een ontboezeming die ogenschijnlijk vanzelf komt, maar te danken is aan de ontspannen, ongedwongen sfeer die de gastheer weet te creëren door 'gewoon' met zijn vrienden een kopje koffie te gaan drinken. Dat je daar als kijker bij bent, heeft iets voyeuristisch: eigenlijk is het niet de bedoeling dat u dit allemaal ziet, maar vooruit dan. Wat dat betreft laat CICGC zich goed vergelijken met dat andere onderonsje van succesvolle komieken: Talking Funny, een eenmalige special van de Amerikaanse zender HBO waarin Jerry Seinfeld, Chris Rock, Louis CK en Ricky Gervais tegenover elkaar zitten en de geheimen van het vak bespreken.

Waar de gesprekken bij CICGC voor de inhoud zorgen, geven tussendoor de sexy close-ups van malende koffiemolens, gonzende espressoapparaten, druppelende koffie en gepoetste auto's het programma de nodige 'eye-candy' mee. Tel daar de gladde jazzmuziek die constant op de achtergrond speelt en het 'nonchalant' met potlood getekende logo bij op en Comedians In Cars Getting Coffee is heerlijk gelikt vermaak waar duidelijk zorgvuldig over is nagedacht.

Zoals Larry David na de lunch tegen zijn vriend Seinfeld zegt: 'Eindelijk heb je een show gemaakt over niets.' Een groot compliment.

'No soup for you'

Waarschijnlijk de bekendste aflevering van Seinfeld is The Soup Nazi. Kramer is enthousiast over een stand waar overheerlijke soep wordt verkocht. Er is één ding: de eigenaar van de soepstand is een weerbarstige man die van zijn klanten eist dat ze zich houden aan zijn strikte regels van bestellen, betalen en in de rij staan. Anders: 'No soup for you!' Jerry noemt hem derhalve de soup nazi, naar een soepverkoper in New York die daadwerkelijk die bijnaam had. Volgens de overlevering bezochten Seinfeld en een paar schrijvers van de show een tijdje na de uitzending van de aflevering de echte soup nazi. Toen hij Seinfeld herkende, beet hij hem toe dat de komiek zijn leven had geruïneerd. Na een sarcastisch en ongemeend excuus van Seinfeld, zei de soup nazi 'no soup for you' en gooide het hele gezelschap uit zijn restaurant.

undefined

Meer over