Koeterwaals in het algemeen belang

Om een gedegen oordeel te kunnen vellen over het Streekplan, beleggen Provinciale Staten een reeks publieksavonden rondom dit thema. Aan de toegevoegde waarde wordt getwijfeld, want GS hebben al iets soortgelijks gedaan....

De grote vergaderzaal in het Provinciehuis herbergt deze woensdagavond bevlogenheid en vooral deskundigheid. En die deskundigheid gaat gepaard met een kwistig gebruik van vaktermen en ambtelijk koeterwaals. Zo brengt de vertegenwoordiger van golfpark De Biltse Duinen zijn onbegrip tot uiting over de beslissing van de Gedeputeerde Staten om het terrein van zijn club in het (concept-) Streekplan als LG3-gebied te kwalificeren. 'Een LG1 aanwijzing was beter geweest', stelt hij vast.

Tijdens de gedachtenwisseling die op deze ferme standpuntbepaling volgt, wordt duidelijk dat de gebezigde initialen staan voor 'landelijk gebied'. En de cijfers geven de gradatie van landelijkheid aan. In LG1 gebieden mag 'intensieve recreatie' worden bedreven. Een LG4 gebied maakt deel uit van de 'ecologische hoofdstructuur', en moet dientengevolge zoveel mogelijk worden ontzien. Ook door voetballers en golfers. Daartussen zijn weer enige 'mengcategoriemet overloopmogelijkheden' gesitueerd.

De gebruikte terminologie is inderdaad wat stroperig, geeft een andere spreker toe. En ze biedt, wat erger is, weinig bescherming tegen het oprukken van de 'rode contouren', ofwel: bebouwing. 'Alles gaat schuiven als je overloopgebieden gaat creeren.' Hij krijgt bijval van een inwoner van Huis ter Heide. Ook hij vindt het Streekplan nogal ingewikkeld. Om niet met die vaststelling te volstaan, zou hij 'procedureel willen pleiten voor meer integraliteit'.

De avond is belegd door de commissie Ruimte en Groen van Provinciale Staten. En met een goede reden, verzekert de voorzitter. Op 13 december zullen PS het definitieve streekplan van de provincie Utrecht vaststellen, een regionale variant van de 'nota ruimtelijke ordening'. De volksvertegenwoordigers moeten zich tevoren uiteraard grondig laten informeren. Door de mensen voor wie zij het allemaal doen: de kiezers.

Daarmee geven zij niet alleen blijk van hun democratische gezindheid, maar brengen ze ook het dualisme (gescheiden verantwoordelijkheden voor de uitvoerende en de controlerende machten) in de praktijk. Want het college van Gedeputeerde Staten had, voorafgaande aan de vaststelling van zijn concept-Streekplan, al diverse publieksavonden georganiseerd om de stemming onder het publiek te peilen.

Onder de noemer 'Praten met de Staten' doen PS nu hetzelfde. De komende maanden staan nog drie van deze bijeenkomsten op de rol. Maar van de toegevoegde waarde van deze informatieronde is niet iedereen overtuigd. En had hetzelfde orgaan dat hier nu enkele tienduizenden euro's aan wenst te besteden zich eerder niet kritisch uitgelaten over de generositeit die GS zich met hetzelfde oogmerk veroorloofde?

Het Statenlid Jos Kloppenborg (GroenLinks), lid van de commissie Ruimte en Groen, voelt zich door dergelijke kanttekeningen hoegenaamd niet aangesproken. Provinciale Staten hebben nu eenmaal hun eigen verantwoordelijkheid. Bovendien is de commissie in de aanloop naar het Streekplan zo vaak van samenstelling veranderd, dat zij een informatieachterstand heeft opgelopen ten opzichte van het provinciebestuur.

De bijna veertig aanwezigen bij de eerste publieksavond zijn PS graag ter wille. Zij kennen elkaar uit het regionale inspraakcircuit, en behartigen geroutineerd een deelbelang dat uiteraard parallel loopt aan het algemeen belang. De meneer van de Biltse golfvereniging betoogt dat golfbanen zich in toenemende mate tot openbaar terrein ontwikkelen. De beslotenheid is er onderhand wel zo'n beetje van af: de golfer deelt zijn domein met wandelaars en andere recreanten. Want de natuur floreert er in de regel.

De inwoners van Huis ter Heide en Zeist die het inwonertal in hun woonplaats liever niet zien stijgen, verwijzen ook naar het algemeen belang. Heeft de randstedeling immers ook geen belang bij de nabijheid van min of meer ongerepte natuur?

Mevrouw Van Echteld uit Werkhoven een bekende verschijning op panels en inspraakavonden verkiest echter een andere sociale instelling: wat haar betreft heeft een kleine kern juist baat bij een (bescheiden) uitbreiding. De recente bouw van 150 woningen 'heeft de boel juist aardig gehouden'. En mocht hier nog een randje van 200 woning omheen worden geborduurd, zoals in het concept-Streekplan is gesuggereerd? Geen probleem, wat haar betreft.

De vertegenwoordigers van de agrarische stand officieus aangevoerd door de Bunnikse boer Pieter van der Grift kunnen zich echter zoveel generositeit niet veroorloven. Zij hebben nu al niet meer de mogelijkheid om uit te breiden. Tenzij ze naar de Flevopolder of 'voorbij Odijk' zouden emigreren. Hun benarde lot is naar vermogen bevorderd door de overheid, zegt Van der Grift.

Neem, om dicht bij huis te blijven, de aanwijzing van Bunnik-Zuid als zogenoemde reservelocatie voor woningbouw. Zelfs als er nooit een fundering zal worden gelegd, heeft de kwalificatie 'reservelocatie' al funeste gevolgen voor de agrarische sector. 'Het is bijna erger dan worden aangewezen als bouwlocatie', zegt Van der Grift. 'Want dan weet je tenminste waar je aan toe bent. Maar als je in de wachtkamer zit, gebeurt er niks. Alles gaat op slot. Men wil z'n land niet meer verkopen, omdat men er straks misschien meer geld voor vangt. En investeringen worden uitgesteld. Tot de dood erop volgt.'

De Statenleden maken ijverig aantekeningen. Of ze, bij de vaststelling van het Streekplan, de boeren ter wille zullen zijn? Een van de medestanders van Van der Grift betwijfelt het. 'Bij de planologie zijn wij altijd de sluitpost. Dat zal nu niet anders zijn. Want de samenleving is onderhand vervreemd van de boerenstand.'

Meer over