Knallen in klederdracht

Hanggai maakte veel Nederlandse vrienden met een energieke cocktail van Mongolische folk en westerse punkrock. Ze zijn nu in het land voor vier optredens.

Eigenlijk was het de bedoeling dat de band Hanggai een hele dag naar Amsterdam zou komen om interviews te doen, maar er was weer eens iets mis met de reisdocumenten. Het bezoek aan Nederland blijft, een dag later dan gepland, beperkt tot een paar uur: een tussenlanding op Schiphol, op weg naar Londen. Versuft door jetlag zit de band in een hotelbar op de luchthaven.

Dat gedoe hoort erbij, zegt Ilchi (ook wel Yiliqi), de 34-jarige bandleider (zwart hardrockshirt, legerbroek en gymschoenen), die in de Chinees-Mongolische groep de banjo en de tweesnarige, luitachtige tobshuur bespeelt. 'Altijd hetzelfde', zegt hij zacht en in redelijk Engels. 'Papierwinkel. Ook dat is Hanggai.'

Vandaag is Hanggai terug in Nederland voor vier optredens ter promotie van het nieuwe, derde album Baifang ('Terug naar jou'). Sinds het verschijnen van debuutalbum Introducing Hanggai (2008) maakte de band veel Europese vrienden met een energieke cocktail van Mongolische folk en westerse punkrock. Hanggai klinkt in een liedje als Qinghai Lullaby lieflijk Chinees, maar op andere momenten als de Chinese tegenhanger van The Pogues of Rammstein. Ze bereizen de wereld, maar Nederland blijft speciaal.

'In Nederland begon het', zegt Ilchi. Hij noemt meteen Jerome Williams van boekingskantoor Earth Beat. 'Niemand durfde het aan met een band uit China, maar hij geloofde in ons.'

Per album werd de band met Nederland hechter. De tweede plaat, He Who Travels Far, uit 2010, werd mede geproduceerd door de Nederlander JB Meijers. Baifang werd weer door hem geproduceerd en verschijnt op een Nederlands label, Harlem Recordings.

In geen Europees land trad Hanggai zo veel op als in Nederland. Vooral op popfestivals, van Zwarte Cross tot Into The Great Wide Open, was de groep een revelatie. De leden dragen op het podium klederdracht uit hun thuisregio Binnen-Mongolië, ze bespelen traditionele instrumenten en dan is er nog de wonderlijke, fluitende Mongolische khoömei-keelzang van Ilchi. Het repertoire (zowel traditionals als eigen werk) wordt met punkenergie gebracht.

Toen ze tijdens Zwarte Cross in 2009 hun Drinking Song (Jiu Ge) speelden met Jovink & De Voederbietels was een festivalhit geboren. Ilchi grijnst wanneer hij eraan terugdenkt (een publiek van 40 duizend mensen), maar zegt dat Hanggai meer wil zijn dan een feestband. 'Het tweede album was al meer een luisterplaat dan het eerste. Op Baifang trekken we die lijn nog iets verder door. We worden rustiger.'

Hanggai kwam tot stand toen Ilchi, geboren in Binnen-Mongolië maar opgegroeid in Peking, vanuit de Chinese hoofdstad naar het conservatorium van de Mongolische hoofdstad Ulaanbaatar trok om zich de muziek van zijn roots eigen te maken. Hij ontmoette daar de traditionele folkmuzikanten Hugejiltu en Bagen. Ze richtten samen een band op, die eenmaal terug in Peking definitief gestalte kreeg. Ze stampten er hun eigen kleine, jaarlijkse wereldmuziekfestival uit de grond. De Nederlandse band Vanderbuyst werd al eens uitgenodigd (zie kader).

Vóór Hanggai speelde Ilchi in T9, een 'Rage Against The Machine-achtige punkband' uit Peking, die overigens niet al te veel last had van de autoriteiten. 'Rockbands moeten in China hun teksten voorleggen aan het ministerie van Cultuur, maar meestal sturen ze dan nette versies en zingen ze iets heel anders. Geen ambtenaar die het controleert, we konden gewoon onze gang gaan. China verandert.'

De teksten van Hanggai gaan vaak over het uitgestrekte grasland en de cultuur van Mongolië. Ze bevatten kritiek op de regering (bijvoorbeeld op het beleid om van oudsher nomadische stammen te verplichten op een plek te blijven) maar dat wordt subtiel verwoord.

Ilchi: 'Artistiek gezien zit de regering ons niet in de weg. Het zijn eerder praktische zaken. De Mongolische taal en namen worden niet erkend, dus in het paspoort van een Binnen-Mongoliër staat zijn naam alleen in het Mandarijn, zowel in Chinese als in westerse tekens. Dat levert bij de douane altijd identificatieproblemen op, vooral in de VS.

'Dat vergeten westerlingen weleens: ze vragen altijd hoe moeilijk het Chinese regime doet, maar dat stelt zich voor bands tamelijk soepel op. Wij hebben meer problemen met de douane in westerse landen.'

Hanggai: Baifang.

Live: 13/2 013, Tilburg. 14/2 Burgerweeshuis, Deventer. 15/2 Melkweg, Amsterdam. 16/2 Vera, Groningen.

Extra: 'Ik verstond er geen reet van'

JB Meijers

muzikant en producer

'De samenwerking in de studio verliep de eerste keer nogal stroef. Als ik zei dat een take niet zo geslaagd was, moest dat door iemand in het Mongolisch vertaald worden en dan gingen ze vervolgens onderling ruzie zitten maken. Dat ging de tweede keer al heel wat beter. Ilchi is beter Engels gaan spreken en we gebruikten Google Translate. Ik typte iets in het Engels en dan rolde er zo'n lap van Chinese tekens uit die ze konden lezen. Je komt er wel uit, want hoe clichématig het ook klinkt: muziek is echt een universele taal.'

Willem Verbuyst

gitarist van rockband Vanderbuyst

'Tourmanager Willem Meijnckens nam Hanggai mee naar een optreden van ons. Ze vonden het te gek. Toen we ze na afloop ontmoetten, was er een klik. Ze nodigden ons uit om te komen spelen in Peking op hun eigen festival, een onvergetelijke ervaring. Een soort wereldmuziekfestival voor ongeveer vijfhonderd man publiek. Na afloop gingen de jongens van Hanggai melancholieke Mongolische liederen zingen. Ik stond met de tranen in mijn ogen, zo mooi, al verstond ik er geen reet van.'

Hendrik-Jan Lovink

bandlid van Jovink en organisator van Zwarte Cross

'We hadden voorgesteld om hun Drinking Song samen op het hoofdpodium te spelen: zij in hun taal, wij in ons dialect, want we hadden er zelf een Achterhoekse tekst op gemaakt. We ontmoetten ze pas vlak voor het optreden: kalme, gereserveerde jongens. Ze hadden geen idee wat ze moesten verwachten. Je kent het Zwarte Crosspubliek: die gingen helemaal los en zongen al snel dat lied keihard mee. Toen zag je ze kijken: wat overkomt ons hier?'

Extra: Natuurschoon

Hanggai komt niet uit Hanggai, het kleine Binnen-Mongolische dorp, maarzingt vooral over hanggai, een woord dat verwijst naar het ideaalbeeld van het Mongolische natuurlandschap: uitgestrekt grasland, bergen, rivieren, bomen en blauwe lucht.

undefined

Meer over