Kloppend hart

Amsterdam keert zich om, weg van het water, richting de luchthaven. Het nieuwe economisch centrum is de Zuidas, waar deze week weer een groot complex wordt geopend, het nieuwe WTC....

Het dak, dat is eigenlijk nog het mooist van het nieuwe WTC-complex aan de Amsterdamse Zuidas. Het glazen oppervlak van tweehonderd bij negentig meter golft tussen de vier oude torens door, over de winkelgalerij heen die als een nieuwe fae voor de oude is gezet, helt dan iets over het nieuwe Zuidplein heen, stopt. En golft vijftig meter verderop aan de andere kant van het plein weer elegant verder. Over het nieuwe WTC-kantoor, schurend langs de 105 meter hoge toren.

De Amerikaanse architect Lee Polisano van het in Londen gevestigde bureau Kohn Pedersen Fox Architects, dat in Nederland onder meer de Haagse Hoftoren bouwde, kan zich nog goed herinneren hoe hij nu alweer tien jaar geleden, want zo lang loopt het project al, rondliep in het oude World Trade Center, gelegen aan de Ring A10. Horrified was hij door wat hij zag: een in zichzelf gekeerd, gesloten gebouw waarvan je de ingang onmogelijk kon vinden, gemaakt van armzalige materialen en dat bovendien niet goed onderhouden was.

'De ruimten tussen de gebouwen waren permanent donker, nat en vies', aldus Polisano vanuit Londen.

Belangrijkste doelen die hij zich bij de renovatie en het ontwerpen van een nieuwbouw stelde waren dan ook openheid en toegankelijkheid. 'Het gebouw moest open worden. Niet alleen voor de mensen die er werken, maar ook voor mensen die in de buurt zijn omdat ze de trein of tram pakken op het WTC-station. De gebouwen moeten de levendigheid van het hele gebied vergroten.' Zaterdag moet alles klaar zijn voor de opening van het World Trade Center-complex, dat onder meer onderdak biedt aan een paar honderd bedrijven uit binnen-en buitenland, een conferentiecentrum, een auditorium en dienstverlenende bedrijven zoals bank, postkantoor, stomerij, kindercre, en het tussenliggende Zuidplein.

Daags voor de oplevering wordt de 'levendigheid' er vooral bepaald door hekken, planken, bouwwagens, en mannen in blauwe en rode overalls, die in de bloembakken hangen om drainagesystemen aan te leggen en plantjes te planten. Op de bovenste verdiepingen is wel een trapgat maar nog geen trap. Veel vierkante meters vloerbedekking moeten nog gelegd. En de lift ziet er met houten wandjes vol bouwvakkersteksten en een plafond van kippengaas nog niet echt WTC-chic uit.

Vanaf de bovenste verdieping is goed te zien dat de stad Amsterdam met de Zuidas een heel andere oriatierichting kiest. Zich heeft afgekeerd van het IJ, de noordelijke watergrens, waar negentiende-eeuwse vervoerscentra liggen als het treinstation en de havens. En de blik richt op het Zuiden en op Schiphol, met 400 duizend vluchten per jaar, het economisch groeicentrum.

Wie het nieuwe complex door zijn wimpers bekijkt, ziet al een wereld van verschil vergeleken met het schrikbeeld van Polisano. Het nieuwe gebouw doet door een overvloed aan glas aan als een enorme serre.

En de toren, rechttoe rechtaan stapelwerk, geeft door een gevel met een verspringend motief van helder turquoise en zeegroene panelen een frisse aanblik. Het ooit zo donkere en unheimliche oude gebouw doet in frisheid niet onder voor de nieuwbouw: de oude torens en nog zichtbare oude zijgevels zijn voorzien van dertigduizend vierkante meter nieuw glas van een lichtere tint. Het 'voorzetgebouw' van glas en hout oogt vriendelijk en uitnodigend met de winkels, restaurants en koffiebars meteen zichtbaar.

'Een wonder', noemt architect Hans van den Oever het resultaat tijdens een eerste rondleiding. Ondanks de bescheiden zevenenhalf die hij het complex geeft, is hij toch uiterst tevreden. Dit niveau van architectuur is volgens hem het hoogst haalbare in Nederland compromisland. Het bureau Van den Oever, Zaaijer en Partners werd in 1995 ingeschakeld om het project als lokale architect met uitvoerige kennis van de Nederlandse bouwregels en, niet onbelangrijk van de Nederlandse poldermentaliteit, te begeleiden.

'Het concept is van Kohn Pedersen Fox, en het tekenen en de uitvoering hebben wij gedaan. Je moet je voorstellen hoe complex dit proces is geweest, met twee opdrachtgevers, ING en het Kantoren Fonds Nederland, en twee architectenbureaus. We zijn 65 inspraakavonden verder!'

Zijn bureau ziet toe op de uitvoering van meerdere, buitenlandse ontwerpen aan de Zuidas, zoals het gebouw van de Amerikaan Michael Graves en dat van Foreign Office Architects, beide onderdeel van het woon-en werkcomplex Mahler 4. 'Zonder hulp van lokale architecten zouden die buitenlandse architecten gillend weglopen. Die snappen niets van al die regeltjes. Die zijn bovendien gewend om met dubbel zo hoge budgetten te werken. Nederland gaat met architectuur om als met kleding: we kopen een H & M-jurkje en naaien er een Gucci-label in.' Er worden wel grote namen aangetrokken, maar het moet op een koopje. 'Het gevaar van betekenisloze compromisarchitectuur ligt steeds op de loer.'

Van den Oever maakte het interieurontwerp van het oude gebouw, dat onder het nieuwe dak is veranderd in een oase van rustig licht. Om de zoveel meter hangen metaalkleurige panelen schuin naar beneden, zodanig dat ze het licht breken. Veel kantoren op de eerste en tweede etage die vroeger geen daglicht zagen, profiteren mee door hun ligging aan deze vide-achtige centrale hal.

Over het gehele oppervlak is onder de grond ruimte gemaakt voor 1200 auto's. 'Vroeger parkeerde je je auto, en dan moest je een heel eind lopen, langs allerlei donkere winkeltjes', zegt Van den Oever. Nu zijn de winkels verhuisd naar de begane grond, en om het aantal vierkante meters kantoor op peil te houden, is een vijfde toren bijgebouwd. Die oogt met zestig meter als een kleinere broer van de nieuwe frisgroene toren.

Beiden hebben dezelfde klimaatgevel, dat wil zeggen een dubbele gevel: een glazen buitenhuid en een binnenwand van verdiepinghoge raampanelen afgewisseld met hout (in het geval van de toren in het oude gebouw) of gekleurde glaspanelen (in de nieuwbouw). De dubbele huid zorgt niet alleen voor de klimaatregulering in het gebouw maar werkt ook geluiddempend tegen de voorbijrazende auto's van de A10. 'Kijk', zegt Van den Oever terwijl hij wijst naar de plek waar de gevel over de hele hoogte van het gebouw iets inspringt, 'dat is typerend voor het hele project. Het geluid bleek daar minder hard, en dus heeft de gevel daar maar laag. Allemaal zuinigheid.' En zo zijn er wel meer dingen in het gebouw door bezuinigingen niet helemaal goed gelukt, zoals de onduidelijke toegang tot een van de oude torens.

Een echte doorn in het oog vindt Van den Oever de Strawinskylaan, een doorgaande autoweg op een dijk van drie meter hoog waarlangs en -onderdoor een fietspad met vele tunneltjes kronkelt. 'Dat is nog een overblijfsel uit de jaren zestig. Toen waren gescheiden circuits van auto's, fietsers en voetgangers het stedebouwkundig ideaal.' Vanaf de begane grond van het oude gebouw, dat duidelijk de structuur van die twee niveaus volgt, kijk je dus voorlopig tegen een muur op. En ook het Zuidplein, ontworpen en ingericht door de gemeente Amsterdam, heeft last van die wal.

Het plein ligt op het kruispunt van de zogeheten Berlage As, het verlengde van de Minervalaan in Amsterdam-Zuid, en een nieuw gecrede Oost-West as, die als een verbindende straat door de twee gebouwen loopt.

'Iedereen was het erover eens', zegt Van den Oever. 'Dit moest een plein worden van internationale allure. Het jargon was er wel. Alleen wist niemand hoe zo'n plein er precies uitzag.' Voorlopig ligt het plein dus nog ingeklemd tussen die ellendige Strawinskylaan en de snelweg. En er is een heel lawaaiig karretje bezig om de straatstenen van natuursteen aan te stampen.

Wie nogmaals door de wimpers kijkt, ziet hoe het er in 2030 uit kan zien. Dan, als de boompjes bomen zijn, is het Zuidplein het kloppend hart van het nieuwe stadscentrum.

Dan ligt de A10, als alles meezit, netjes verstopt onder de grond, evenals het spoor, en strekt zich tot aan de overkant waar het ABN Amro gebouw ligt een grote, ruime en lommerrijke boulevard uit.

Meer over