Nieuws

Klimaatverandering vergroot risico op extreme regenval en overstromingen in West-Europa

West-Europa gaat vaker te maken krijgen met de extreme regenval die deze zomer tot ernstige overstromingen leidde. De kans op zo’n gebeurtenis is door klimaatverandering met factor 1.2 tot 9 toegenomen, blijkt uit internationaal onderzoek.

Inwoners van het Zuid-Limburgse Bunde verlaten half juli halsoverkop hun huizen als gevolg van de extreme regenval in de provincie. Beeld Marcel van den Bergh
Inwoners van het Zuid-Limburgse Bunde verlaten half juli halsoverkop hun huizen als gevolg van de extreme regenval in de provincie.Beeld Marcel van den Bergh

In Nederland, Duitsland, België en Luxemburg viel tussen 12 en 15 juli extreem veel regen. In het hele gebied leidde de regenval tot overstromingen en ernstige schade: in Limburg moesten mensen halsoverkop vluchten voor het water en in Duitsland en België kwamen ruim 200 mensen om.

Toedoen van de mens

In hoeverre zijn deze overstromingen te wijten aan klimaatverandering veroorzaakt door de mens? Dat vroeg een internationaal team van wetenschappers, waar ook Nederlandse onderzoekers van het KNMI, Universiteit Utrecht en Universiteit Twente toe behoren, zich af. Aan de hand van computermodellen en observaties berekenden de onderzoekers met hoeveel procent de kans op zulke regenval en de intensiteit daarvan toenam sinds het klimaat begon te veranderen.

‘Het was nogal een uitdaging om alle data bij elkaar te krijgen’, zegt Niko Wanders, universitair docent hydrologie aan de Universiteit Utrecht en deel van het onderzoeksteam: door de overstromingen is bijvoorbeeld meetapparatuur in de getroffen gebieden in Duitsland kapotgegaan.

Uit het onderzoek blijkt dat de intensiteit van regenval in de zomer door klimaatverandering met 3 tot 19 procent is toegenomen. De waarschijnlijkheid dat zo’n extreme regenbui ergens in West-Europa toeslaat, is 1,2 tot 9 keer groter dan aan het begin van de twintigste eeuw. De onderzoekers verwachten dat een gebeurtenis zoals in juli eens in de vierhonderd jaar op een specifieke plek in het gebied tussen de Noordzee en de Alpen voorkomt. Wanders: ‘Maar dat is maar een kans, het zou ook volgende week nog een keer kunnen gebeuren.’

Jeroen Aerts, hoogleraar klimaat- en waterrisico’s aan de Vrije Universiteit Amsterdam en niet betrokken bij het onderzoek, is niet verrast door de resultaten. ‘De hoeveelheid water die lucht maximaal kan bevatten, neemt ongeveer zeven procent toe als de temperatuur een graad stijgt. Hogere temperaturen leiden uiteindelijk dus tot meer neerslag.’

Gevolgen voor Nederland

Het onderzoek moet houvast bieden bij te nemen maatregelen om Nederland te beschermen tegen de extreme regenval die in de toekomst steeds vaker voor gaat komen. Wanders: ‘In Nederland hebben we natuurlijk het Deltaprogramma, met hele grote zekerheidsmarges. Zo is alles deze keer goed gegaan rond de Maas. De vraag is: hoe moet je op lokale schaal omgaan met dit soort extremen?’

Om onszelf veilig te houden, is het volgens Aerts een kwestie van én-én: dijken in laaggelegen gebieden moeten verstevigd worden, de pompcapaciteit van de polders moet omhoog, in heuvelachtig, bebouwd gebied moet ruimte komen voor het water en er moeten maatregelen genomen worden om het water bovenstrooms vast te houden.

Peter Kuipers Munneke, weerman bij de NOS en klimaatonderzoeker bij de Universiteit Utrecht, spreekt in reactie op Twitter van een ‘knap staaltje razendsnel onderzoek.’ Hij wijst erop dat het risico op extreme regenval zoals afgelopen juli in Duitsland, België en Nederland voor één specifieke locatie eens in de vierhonderd jaar plaatsvindt bij het huidige klimaat, maar het risico dat het érgens in West-Europa gebeurt is veel groter.

En water stopt natuurlijk niet bij de landsgrens, zegt hydroloog Wanders: ‘Als er in België heel veel regen valt, ervaren wij daar ook de gevolgen van.’

Meer over