Klimaatplan test voor geloofwaardigheid EU

Bondskanselier Angela Merkel had redenen tevreden te zijn na afloop van de klimaattop van EU-leiders vorig jaar maart. Onder haar voorzitterschap nam Europa definitief het voortouw in de strijd tegen de opwarming van de aarde....

Ambitieuze doelstellingen die pasten in de activistische sfeer die was gecreëerd door Al Gore. Geen zichzelf respecterend politicus wilde nog bij hem achterblijven. Gisteren presenteerde de Europese Commissie de consequenties van deze doelstellingen, in de vorm van opdrachten per lidstaat. Nu moet er geleverd worden. Geen vrijblijvende streefcijfers meer, maar harde, afdwingbare doelstellingen.

De totale kosten van het pakket worden geraamd op minimaal 60 miljard euro per jaar, wat overeenkomt met 0,5 procent van het totale bruto binnenlands product van de 27 EU-lidstaten. Dat lijkt niet veel als wordt bedacht dat bij ongewijzigd beleid de kosten van de klimaatverandering kunnen oplopen tot een veelvoud van de genoemde 0,5 procent. Tegenover deze kosten staan bovendien besparingen op de import van energie en op de kosten van de luchtvervuiling.

Niettemin zal dat de Commissie er een harde dobber aan hebben haar plannen geaccepteerd te krijgen door de lidstaten en het Europees Parlement. Zodra de prijs van milieumaatregelen zichtbaar wordt, duiken meestal allerlei politieke en praktische bezwaren op. Ter discussie staat niet het uitgangspunt, maar, zoals vaker in Europa, de verdeling van de lasten. Relatief arme nieuwkomers als Bulgarije en Roemenie hebben bedongen dat zij voorlopig worden ontzien. Duitsland vreest voor zijn industrie, Frankrijk vindt kernenergie ook duurzaam, terwijl met name de Scandinavische landen erop wijzen dat zij nu al goeddeels boven de 20 procent duurzame energie zitten, maar toch nog meer moeten doen omdat anderen – waaronder Nederland – zo ver achterblijven.

Dat het Commissie-plan ongeschonden de eindstreep haalt, is dus niet waarschijnlijk. Het zal de EU-landen nochtans niet makkelijk vallen het af te wijzen. Zij hebben er om te beginnen zelf om gevraagd. Op de recente VN-klimaattop in Bali luidde de boodschap: Europa wil wel, maar de VS niet. Wil de EU geloofwaardig blijven, dan zullen de grote woorden gevolgen moeten krijgen.

Aan minister Cramer zal het niet liggen. Wat betreft de Nederlandse milieuminister wordt de EU-doelstelling zelfs nog aangescherpt. De opdracht voor Nederland – een vermindering van de CO2-uitstoot in 2020 met 16 procent – ligt nu een eind beneden de 30 procent die het kabinet zichzelf al had opgelegd. Wat betreft de haalbaarheid van deze doelstelling is een ander cijfer echter veelzeggender. Van Brussel moet Nederland in 2020 14 procent van zijn energie uit duurzame bronnen halen. Nu is dat een magere 2,4 procent, waarmee Nederland nog net geen hekkesluiter is. Afgezet tegen de 20 procent die het kabinet zelf nastreeft, vraagt dit zeker meer ambitie.

Reageren? volkskrant.nl/commentaar

Meer over