Klikken voor internet in de Derde Wereld

Niet alle accountants zijn saaie cijferaars. Peter van de Fliert (32) van Arthur Andersen heeft op eigen initiatief een uniek project gestart: via internet gaat hij vanaf vandaag geld inzamelen, opdat kinderen in Zimbabwe straks kunnen meeprofiteren van de computertechnologie....

Peter van de Fliert kon het vorig jaar niet meer uitstaan. Waarom sterven dagelijks 24 duizend mensen van pure armoede, terwijl het rijke Westen zwemt in het geld? Waarom profiteren arme landen niet van de nieuwe economie? Hoe kan het dat de komst van internet en mobiele telefonie juist de gapende kloof tussen arm en rijk vergroot?

De accountant van Arthur Andersen besluit er iets aan te doen. 'Ik wilde een project waarin de nieuwe economie de non-economiën in de derde wereld zou helpen. Na een nachtje puzzelen ben ik naar mijn baas gestapt. Die zag er wel toekomst in en heeft me de hulp van Arthur Andersen toegezegd. Ik heb toen de stichting i-Face opgericht en ben aan de slag gegaan; eerst naast mijn gewone werk, maar de laatste weken ben ik fulltime met i-Face bezig.'

Resultaat van het gezwoeg is dat de website www.i-face.nl vandaag de lucht in gaat. De guldens kunnen gaan rollen: 'Ik hoop dit jaar enkele tonnen binnen te halen', zegt de accountant.

Het idee achter i-Face is eenvoudig. Bedrijven zetten het i-Face-logo op hun website. Internetters die de site bezoeken weten dan dat ze op die site geld kunnen verdienen voor Van de Flierts stichting.

Klikken voor de derde wereld is niet nieuw. De Amerikaanse internetpagina Hungersite.com lanceerde het idee al in 1999. Iedere keer als een bezoeker van de Hungersite op de 'donate'-knop drukt, sturen de bedrijven die de site sponsoren een kommetje rijst naar de arme landen. Binnen twee jaar zijn zo al 200 miljoen kommetjes verscheept.

Toch verschilt Van de Flierts plan van de Hungersite. De doneerknop van i-Face staat niet op de eigen website maar op de internetpagina van het deelnemende bedrijf. Bovendien kunnen internetgebruikers niet zomaar de knop indrukken. Zoals het een goed accountant betaamt, gaat Van de Fliert uit van het principe 'voor wat hoort wat.'

Zo moeten de klanten van QuoteOnWine.com, de digitale wijnwinkel van de uitgever van zakenroddelblad Quote, eerst een bestelling doen voordat i-Face wordt gesponsord. De zes flessen wijn in het speciale Afrikasupport-pakket kosten 87,50 gulden, daarvan maakt QuoteOnWine 9,50 over aan i-Face. Op de carrière-site Jobnews.nl kunnen bezoekers vanaf mei geld doneren door hun curriculum vitea netjes in te vullen. Voor ieder volledig cv betaalt Jobnews vijf gulden aan i-Face.

Van de Fliert slaat op die manier twee vliegen in één klap. Bedrijven hebben graag actieve gebruikers op hun website en internettergebruikers vinden het leuk om af en toe - gratis - een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van internet in de derde wereld. 'Vandaar dat we alleen geld geven aan ICT-gerelateerde projecten', zegt Van de Fliert.

Want het derde - en hoogste - doel, is de hulp aan ontwikkelingslanden. Het i-Facegeld gaat in eerste instantie naar het Global Teenager Project, van het in 1997 door minister Pronk opgerichte International Institute for Communications and Development (IICD) in Den Haag. Global Teenager heeft inmiddels in acht landen 75 middelbare scholen aan een internetverbinding geholpen.

Van de Fliert heeft de scholen in Zimbabwe geadopteerd. 'Hoeveel scholen hij krijgt, is afhankelijk van de hoeveelheid geld die i-Face ophaalt', zegt IICD-directeur Jac Stienen. 'Het streefgetal voor één school is 25 duizend gulden.'

Als het aan Van de Fliert ligt kan hij dit jaar een dozijn scholen aan internetverbinding helpen. 'Dan krijgen die kinderen de kans om met computers te leren werken zodat ze later gewoon geld kunnen verdienen, net als wij', aldus Van de Fliert.

Meer over