Column

Kleurenpolitie maakt blanke filmwereld echt niet beter

Is de Nederlandse film te wit? Kan zijn, maar met een kleurpolitie wordt het er niet beter op.

Jean-Pierre Geelen
De rode loper tijdens het NFF. Beeld anp
De rode loper tijdens het NFF.Beeld anp

Het moet maar eens over zijn, zei een stem op de radio in een soort nieuwsoverzicht: 'Nederlandse films waarin alle personages wit zijn, moeten voorgoed tot het verleden gaan behoren.' De stem ging verder: 'Zo'n film als Alles is liefde, waarin iedereen wit is behalve de receptioniste, dat moet echt niet meer kunnen.'

Dat had een werkgroep van diverse filmmakers bepaald op het Nederlands Filmfestival in Utrecht. Er waren 'aanbevelingen' gepresenteerd. Het kan een wit complot zijn, maar woensdag waren die aanbevelingen nergens te vinden.

Niets tegen aanbevelingen (waarna je altijd nog kunt zien wat je ermee doet), maar de woorden van de nieuwslezeres klonken al als een kleurpolitie, die oordeelt en bekeurt. Ik las: 'Ruim 20 procent van de bevolking heeft een niet-Nederlandse achtergrond, waarom zien we dit niet terug in de bioscoop?'

Goede vraag. Maar deugt fictie enkel wanneer die exact op de werkelijkheid lijkt? Is er een minimumpercentage bedacht? Een lijst acteurs met correcte teint? Ik moet er niet aan denken. In de bioscoop zag ik Paul Verhoevens Elle, een mooi, thrillerachtig relaas over seks en wraak. Volkomen begrijpelijk dat Frankrijk de film laat meedingen om een Oscar. Maar ja: geen zwarte in te bekennen. Tenzij een kleurtje mij, bleekscheet, inmiddels zo vertrouwd is dat ik het niet meer opmerk - dat hoop ik het meest.

'Witte mensen zijn meer met ras bezig, maar zijn zich er minder van bewust', zegt schrijver, fotograaf en kunsthistoricus Teju Cole deze week in Vrij Nederland. Een 'Afrika-special'; het blad maakt zich in het voorwoord geen illusies over de losse verkoop.

Cole: 'Als ik een bibliotheek in loop, gaan 99 procent van de boeken over witte mensen, geschreven door witte schrijvers. (...) We denken dat dat normaal is, maar het is niet normaal.'

Daar heeft hij gelijk in. VN sprak Cole in het Ambassadehotel, waar uitgevers vaak interviews met buitenlandse auteurs regelen. VN noteert: 'We staren naar de mannen op de foto's aan de muur: Appel, Constant, Corneille. Tsja, wat is Cobra eigenlijk wit, maar wat kan je daar achteraf aan doen?'

Aan kleur ontbrak het Cobra niet, maar van het idee dat de (kunst) geschiedenis achteraf moet bijgekleurd, word ik een beetje wit om de neus.

Vorige week vulde ik weer eens de kassa van The Rolling Stones. Een eenmalige (totdat-ie gewoon weer in de bios komt, nadat het concert in peperdure dvd-boxen - Limited Deluxe Edition! - is verschenen) bioscoopvertoning van Havana Moon, de registratie van hun Cubaanse optreden eerder dit jaar. Een zoveelste concert, film van niks, maar een heerlijk pretentieloos avondje voor de ongeneeslijke liefhebber. Vol kleur, dankzij onder anderen 1,2 miljoen verzamelde Cubanen, bassist Darryl Jones en achtergrondzangeres Sasha Allen.

Een 'kleurmerk' kan matige films zomaar tot 'oké' bestempelen. Maar misschien zie ik dat te donker in.

Meer over