Kleinste verschillen 2: teamsporten, de spannendste finales

1. Uit Nederlands oogpunt is de olympische mannenvolleybalfinale van 1996 het interessantst waar het een klein verschil betreft met grote consequenties. In de beslissende vijfde set slaat de Italiaan Andrea Giani de beslissende bal tegen de netantenne. De Nederlandse bondscoach Joop Alberda, jaren later: 'Ik denk vaak: wat als Giani wel had raak geslagen en wij verliezen met 17-19 in die vijfde set. Wat dan?' Het punt gaat naar Nederland en wordt door het tv-publiek uitgeroepen tot Sportmoment van de eeuw.

2. Bij de basketbalfinale in 1972 ging het om wel of niet bestaande seconden die alsnog gespeeld moesten worden. De Amerikanen dachten aan het eind van de finale het goud al te hebben binnengehaald. Toen werd echter van hogerhand besloten dat de klok drie seconden moest worden teruggedraaid. Een time-out zou door de tijdwaarneming niet afdoende zijn verwerkt. De Russen wisten alsnog te scoren en in plaats van met 50-49 te verliezen, wonnen ze met 50-51. Voor het eerst greep Team USA naast het olympische basketbalgoud.

3. Weliswaar is voetbal geen belangrijke olympische sport, toch neemt de finale van 1996 een speciale plaats in. Nigeria, dat onder leiding stond van de Nederlandse trainer Jo Bonfrère, had in de halve finale al verrassend met 4-3 van Brazilië gewonnen. De beslissing viel toen door een golden goal van voormalig Ajacied Nwankwo Kanu. In de finale tegen Argentinië wist Emmanuel Amunike in de laatste minuut bij een stand van 2-2 de winnende treffer binnen te schieten. Voor het eerst had een Afrikaans elftal een intercontinentaal toernooi gewonnen.

4. Denemarken geldt als het land waar het handbal mede is uitgevonden. De Deense vrouwen waren al twee keer olympisch kampioen geworden toen ze in 2004 de finale tegen Zuid-Korea moest spelen. Het werd een enerverend duel zonder krachtsverschil. Bij rust 14-14, aan het eind 25-25, na de eerste verlenging 29-29 en na de tweede 34-34. Bij de strafworpen werd de Deense keepster Karin Mortensen de heldin van het Deense volk door twee Koreaanse inzetten te stoppen.

5. Tijdens het lunchuur in Nederland speelden de vaderlandse waterpolosters in Peking bij de Spelen van 2008, hun finale tegen de Verenigde Staten. De ploeg van Robin van Galen begon overdonderend en zette de Amerikanen binnen vier minuten op een achterstand van 4-0. Die voorsprong werd ongedaan gemaakt en 26 seconden voor tijd stond het 8-8. Op dat moment schoot Daniëlle de Bruijn haar land naar goud en gingen in Nederland tal van broodtrommeltjes de lucht in.

undefined

Meer over