Analyse

Klaver en Kuiken enthousiaste pleitbezorgers voor nauwere samenwerking maar ze willen hun leden niets opdringen

Partijleiders Jesse Klaver (GroenLinks) en Attje Kuiken (PvdA) vinden een bundeling van de linkse krachten na tien jaar premierschap van Mark Rutte meer dan nodig. Maar ten koste van alles willen ze de indruk vermijden dat ze iemand iets opdringen. De leden moeten beslissen.

Avinash Bhikhie
Attje Kuiken en Jesse Klaver tijdens een townhallmeeting met leden van PvdA en GroenLinks. Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant
Attje Kuiken en Jesse Klaver tijdens een townhallmeeting met leden van PvdA en GroenLinks.Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant

De aanwezigen in de zaal hadden maandagavond tijdens de gezamenlijke ledenbijeenkomst meer vragen dan de tijd toeliet, in het poppodium Luxor Live in Arnhem. Is de PvdA net als GroenLinks eigenlijk voor een basisinkomen? Als dat helpt om ongelijkheid te bestrijden is Kuiken niet principieel tegen. Hoe staat GroenLinks tegenover vakbonden? Dat zit volgens Klaver wel goed, sterker, de vakbonden mogen van hem nog wel wat harder actievoeren. Is de PvdA wel groen genoeg? Ja, verzekert Klaver zijn partijgenoten. ‘Groen en rood zijn met elkaar verbonden, want de uitbuiting van de aarde komt voort uit het kapitalisme, een systeem dat winst boven het welzijn van mensen stelt.’

Het is niet de eerste keer dat de fractievoorzitters van de PvdA en GroenLinks het podium delen om met de leden van beide achterbannen in gesprek te gaan. In 2020 klommen Asscher (PvdA) en Klaver met Lilian Marijnissen (SP) het podium in de Tolhuistuin op om zich gezamenlijk uit te spreken tegen tegen het kabinet Rutte III. Maar van een betekenisvol links blok wilde het daarna niet komen.

‘Nu gaat het ergens om’, zegt Klaver. Decennialang is er geschreven, gediscussieerd en geruzied over samenwerking en fusies, maar nu is de vrijblijvendheid eraf. Voor het eerst ligt de vraag voor of de linkse samenwerking officieel beklonken wordt met de vorming van een gezamenlijke Eerste Kamerfractie na de senaatsverkiezingen in 2023. ‘In z’n algemeenheid is iedereen voor linkse samenwerking’, zegt GroenLinks-voorzitter Katinka Eikelenboom. Het is in de aanloop naar de Eerste Kamerverkiezingen ‘goed om de vraag te stellen wát we dan willen’.

Een nieuw verhaal

Nadat PvdA en GroenLinks in de formatie besloten elkaar niet los te laten, groeide de formatiestrategie uit tot een steeds nauwere samenwerking van de Kamerfracties. En dat bevalt ze uitstekend. Met het bundelen van de krachten wordt gewerkt aan een nieuw verhaal. Een verhaal waarmee ‘links’ zich niet uit elkaar laat spelen, is Kuikens overtuiging. Dat is de afgelopen jaren onvoldoende tot stand gekomen. ‘Altijd als we denken dat we het goede verhaal hebben, worden we door rechts ingehaald. Omdat ze met meer zijn, omdat ze slimmer zijn.’ Het antwoord volgens Klaver: ‘We moeten nog onbeschaamder links durven zijn.’

De samensmelting van de fracties in de Eerste Kamer kan dienen als een testcase: lukt het PvdA en GroenLinks in 2023 samen de grootste te worden? En moet een eventueel succes dan niet herhaald worden met één gezamenlijke Tweede Kamerlijst? Eén senaatsfractie is weliswaar nog geen fusie, maar het kan er ook niet los van worden gezien.

Waar de samenwerking tussen de kamerfracties een besluit van die fracties zelf was, stralen Klaver en Kuiken nadrukkelijk uit dat de volgende stap aan de leden is. Nu ligt de vraag voor hoe diep de twee partijen met elkaar vervlochten mogen raken. Hoe de toekomst van de linkse politiek eruit komt te zien, zal van onderop worden ingevuld. Eerst mogen GroenLinksers zich van 2 juni tot 10 juni in een referendum uitspreken over één gezamenlijke Eerste Kamerfractie. De PvdA stemt op haar congres op 11 juni over de bundeling van de krachten.

De komende weken zoeken Klaver en Kuiken daarom nog vaker hun achterbannen in het land op om net als maandagavond uit te leggen waarom samenwerking nodig is. Om zijn overtuiging kracht bij te zetten dat een verbond de toekomst is, flirtte Klaver zelfs even met een PvdA-lidmaatschap. ‘Daar ga ik over nadenken.’

Kuiken, die pas een aantal weken fractieleider is, toont zich iets behoedzamer Ze is voor samenwerking, maar ze is er nog niet over uit of zij voor één gezamenlijke Eerste Kamerfractie is. ‘Hoe die samenwerking eruit gaat zien, is aan het congres. Ik heb daar nu nog geen oordeel over. Samen een senaatsfractie is wel iets fundamenteels: je stemt als een blok. Sommige leden zullen dat te spannend vinden.’

Het is duidelijk dat Klaver en Kuiken hun achterban een beetje sturen, maar niets willen opleggen. Daarvoor zijn er over en weer nog te veel vragen die eerst beantwoord moeten worden. ‘Het mag niet gebeuren dat onze achterbannen zich niet meer thuis voelen bij ons en uitwijken naar de flanken’, waarschuwt Kuiken. ‘Ik ben voor een zorgvuldig proces.’

Als twee druppels water

Verwateren de idealen en de identiteiten van de GroenLinks en PvdA niet als de partijen besluiten nog nauwer samen te werken? Meerdere vragen van deze strekking klonken maandag op de gezamenlijke ledenbijeenkomst. Een blik op het stemgedrag in de Tweede Kamer van de afgelopen jaren leert dat de twee partijen ideologisch al heel dicht bij elkaar staan. Tot de val van het vorige kabinet in januari 2021 stemden de partijen in 92 procent van de gevallen hetzelfde, bleek vorig jaar uit onderzoek van het politieke weblog Stuk Rood Vlees. In de demissionaire maanden van 2021 lag dat percentage op 94 procent. Er zijn geen twee andere partijen die elkaar zo dicht naderen, al stemden GroenLinks en Volt ook in 93 procent hetzelfde.

In 2019 moest de stemwijzer voor de Europese Parlementsverkiezingen worden aangepast, omdat PvdA en GroenLinks alle dertig stellingen en dertig reservestellingen van hetzelfde antwoord hadden voorzien.

Meer over