Klappen en rook bij mars op Jeruzalem

JERUZALEM - 'Yalla! We marcheren naar Jeruzalem!' De paar duizend Palestijnse en buitenlandse activisten hebben hun doel bijna bereikt. Slechts een paar honderd meter scheiden hen van de Damascuspoort. Dan golven pelotons Israëlische oproerpolitie hun kant op. Bereden politie jaagt de menigte terug, terug de Nablusstraat in, waar enkele stalletjes van groentehandelaren het moeten ontgelden. Er vallen klappen, er klinken knallen, rook stijgt op uit een vuilcontainer, boven de gouden Rotskoepel ronkt een politiehelikopter. Achter de bereden politie rukt een legertje fotojournalisten op. Een ambulance passeert.

Vrijdag was het Landdag in Israël. Arabische Israëliërs herdenken jaarlijks de dood van zes Arabische Israëliërs die in 1976 in opstand kwamen tegen onteigening van hun land. De herdenking gaat gepaard met optochten in Arabische dorpen in vooral het noorden van Israël. De inwoners, die het volledig staatsburgerschap van Israël bezitten, spreken zich uit tegen discriminatie die zij, zeggen zij, ondervinden binnen de Israëlische maatschappij. Van de Israëlische bevolking is ongeveer 20 procent van Arabische afkomst.

Dit jaar hadden Arabische, Palestijnse en internationale activisten aangekondigd tegelijkertijd een 'Global March To Jerusalem' te houden. Niet dat ze de illusie hadden de heilige stad te kunnen bereiken, het moesten symbolische en 'geweldloze' marsen worden vanaf de door Israël bezette Westoever naar de door Palestijnen zo gehate checkpoints en afscheidingsmuur. Marsen ook vanuit Libanon, Jordanië en het afgesloten Gaza naar de Israëlische grens. Ook stonden anti-Israëldemonstraties in India, Europa en de Verenigde Staten op de rol.

Golanhoogte

Vorig jaar mei en juni werd Israël volledig verrast door marsen vanuit Syrië en Libanon naar de door Israël in 1967 bezette Golanhoogte. Vanuit Syrië wisten tientallen demonstranten het hekwerk te passeren. De verraste Israëlische soldaten openden het vuur, tientallen infiltranten vonden de dood.

Zover kwam het vrijdag niet. Vanuit het onrustige Syrië waren geen optochten naar de bestandslijn georganiseerd, de autoriteiten aldaar hebben andere zorgen aan hun hoofd. De Libanese anti-Israëlmars eindigde vrijdag ver voor de grens nabij kruisvaardersburcht Beaufort.

Rond Jeruzalem was het vrijdag daarentegen onrustig. Nabij Qalandia, het beruchte checkpoint nabij Ramallah, demonstreerden drieduizend Palestijnen. Israëlische troepen schoten met rubberkogels en traangas toen de menigte te dicht bij het checkpoint kwam en er met stenen en molotovcocktails werd gegooid. Zuidelijk van de stad, bij Betlehem, raakte een 20-jarige Palestijnse man gewond toen hij werd geraakt door een traangashuls.

Bij de Damascuspoort in Jeruzalem is het na drie uur weer rustig. Op de trappen naar de oude Ottomaanse poort hebben Arabische handelaren hun waar weer uitgestald. Bejaarde islamitische mannen schuifelen huiswaarts na het vrijdaggebed in de El Aqsamoskee. Orthodoxe joden snellen in zwarte jassen voorbij, op weg naar de Klaagmuur. Op de Sultan Suleimanstraat rijden weer toeristenbussen.

undefined

Meer over