Kiprich kan alleen zijn fans behagen

Jozsef Kiprich was de enige wiens naam gistermiddag in het stadion van Volendam met respect werd gescandeerd. De beledigende spreekkoren die nu en dan werden aangeheven in de door ME'ers bewaakte kooi vol Rotterdams volk haalden het qua dictie en volume niet bij het bijna vertederende 'Jozsef, Jozsef' dat bij...

Van onze verslaggever

Martien Schurink

VOLENDAM

Het was een van die niet meer zo heel vaak voorkomende dagen dat Jozsef alles kan. Met een subtiele beweging van heup en voeten twee tegenstanders op het verkeerde been zetten? Geen probleem. Met slepende tred en bal aan de voet slalommen door een woud van Volendamse stelten? Kiprich leverde menigmaal zo'n kunststukje af. En dan ook nog twee doelpunten voorbereiden en het derde zelf maken.

Aan hem en aan niemand anders had Feyenoord de 3-0 in Volendam te danken. Alleen hij maakte het met veel bombarie aangekondigde voorspel van de bekerfinale het aanzien nog enigszins waard. Toch kwam de tovenaar uit Tatabanya er uiteindelijk bekaaid vanaf. Obiku, de maker van Feyenoords eersteling, kreeg na afloop een compliment, zij het een zuinig, van Van Hanegem, hoewel de Nigeriaan er voor de rest niets van bakte. Maar over Kiprich hield de Rotterdamse coach zijn mond. Geen compliment, geen bemoediging, geen woord van waardering.

Bij de supporters kan Kiprich nog nog steeds een potje breken. Bij de technische staf allang niet meer. Al voor het verstrijken van 1994 adviseerden Van Hanegem en zijn assistent Meijer het bestuur de aan het eind van dit seizoen aflopende verbintenis met de rechterspits niet te verlengen. Beiden hebben sindsdien, zo viel gistermiddag op te tekenen uit de mond van algemeen manager Hans Hagelstein, geen redenen gevonden hun standpunt te herzien. 'Ik weet niet beter dan dat Kiprich aan het einde van dit seizoen geen Feyenoorder meer is.'

Kiprich was er gistermiddag in Volendam op uit om Van Hanegem alsnog van diens ongelijk te overtuigen. Maar niet meteen al. Eerst ging de aandacht van de ruim achtduizend toeschouwers uit naar een heel leger toeteraars en trommelaars uit Ohio, in gelid over het veld marcherend wel honderd strekkende meters lang. Daarna was het aan Volendam, de ploeg in de winning mood na de bekerstunt in Utrecht en de trotse nummer acht van de eredivisie, om de trom te roeren.

Volendam liet er geen gras over groeien. Na het startsignaal van alles-fluiter Jef van Vliet trok de ploeg met alle beschikbare mankracht, de centrale verdedigers Binken en Molenaar incluis, ten aanval. Feyenoord wankelde op zijn grondvesten, maar bleef met meer geluk dan wijsheid overeind. Omdat Binken in de tweede minuut een open schietkans miste en een schot van Stefanovic smoorde in de molenwieken van De Goey. Nul komma nul rendement uit twee unieke kansen. 'Hadden we maar een man als Obiku in de spits', zou Rijsbergen naderhand verzuchten.

Die stond toevallig - als vervanger van de geblesseerde en inmiddels geopereerde Larsson - bij de tegenpartij in de spits. Nou wilde een ander toeval dat de Nigeriaan zichzelf één keer overtrof door één keer op de goede plaats te staan. Daardoor had hij aan een simpele tik tegen de bal voldoende om een combinatie tussen Kiprich en Schuiteman tot een doelpunt te promoveren.

De wedstrijd was twintig minuten oud en de Volendamse storm was inmiddels gekrompen tot een briesje in een glas water. Kiprich, gesterkt door zijn eerste goede daad, verliet de verdedigende stellingen en meldde zich nu permanent op zijn vertrouwde stek aan de zijlijn op rechts. Waar hij zich voelde als een kat in een volière.

Daar was het dan ook dat hij in de 39ste minuut met zijn kenmerkende sleepbeweging een mannetje of wat passeerde en Scholten vrij voor Zoetebier manoeuvreerde. Na zijn tweede huzarenstukje viel Kiprich het eerste spreekkoor ten deel en moest Scholten, de maker van het verdienstelijke doelpunt, genoegen nemen met de complimenten van zijn medespelers.

Kiprich en met hem de overige Feyenoorders konden na de 0-2 doen en laten wat zij wilden. Geen Volendammer voelde zich nog geroepen tot serieuze tegenstand. Hetgeen Rijsbergen na afloop verleidde tot enkele malicieuze opmerkingen. 'Stefanovic heeft geen duel meer gewonnen en ik had het sterke vermoeden dat Steur bij Feyenoord meespeelde.'

Het was inderdaad bar en boos wat Volendam er van brouwde. Rijsbergen verbeet zich op de bank en overdacht dat het een coach toegestaan zou moeten zijn om een heel elftal te wisselen. Nu waren alleen Stefanovic (vervangen door Jongsma) en Ronald Bond (vervangen door neef Bond met de voornaam Hans) de klos. Veel schoot Volendam er niet mee op, maar dat had Rijsbergen zelf ook al bedacht.

Intussen bleef Kiprich ijveren voor een betere afspiegeling van de krachtsverhoudingen. Hij bediende eerst Trustfull op maat en legde vervolgens de bal panklaar voor de voeten van Bosz. Beiden faalden, waarna Kiprich besloot zelf maar eens een schot te wagen. En toen, in de 82ste minuut, was het vanzelfsprekend wel raak: 0-3.

Na afloop mijmerde Van Hanegem dat Volendam in de bekerfinale uit een heel ander vaatje zal tappen. Maar dat zal wel Zeeuwse humor zijn geweest.

Meer over