Kinderlijk verlangen naar echtheid

Glamournoten en showy spel wakkeren het verlangen aan naar het echt kunnen dromen van zweven in de ruimte.

Opera

Holland Festival - Laika. Muziek: Martijn Padding. Libretto: P.F. Thomése. Regie: Aernout Mik. Solisten, VocaalLAB, Asko|Schönberg o.l.v. Etienne Siebens

Amsterdam, Stadsschouwburg, 3/6. Tot 8/6. Live-uitzending via Radio 4 op 7/6

'Ma Ma', zingt de tv-kok achter zijn verrijdbare fornuis. Grimelda, de grimeuse met haar blonde paardenstaartje, vult aan: 'mamaMaMa'. Net als de hele zaal op het spoor zit van 'Pa Pa, papapapapapageno', de aria uit Die Zauberflöte van Mozart, komt het vervolg: 'mamamayonaise'. De brave strijkers-, houtblazers- en pianonootjes gaan over in hikkerige, dwarse ritmes. De kok drumt mee op zijn pannen: rappe roffels boven zijn hoofd en raspgeluiden van de rand van een slakom.

Intussen gaat in het centrum van de zaal iets niet goed: half verscholen onder een talkshowtafel ligt een man in zijn snelle pak op de grond. 'Ik ben een vreemde. Robbert is zijn naam. De mijne ben ik kwijt.' De succesvolle talkshowhost (Thomas Oliemans) heeft Matthijs van Nieuwkerkachtige trekjes. Hij scoort de hoogste kijkcijfers en de mooiste meiden, maar verkeert in crisis. Die wordt verergerd door vervelende opmerkingen van zijn moeder en haar snoeiharde klappen tegen een metalen plaat. Hij verlangt terug naar zijn kindertijd, waarin hij nog echt was en naar de sterren reikte: naar Joeri Gagarin en zijn hondje Laika die in de ruimte zweven.

Martijn Padding speelt in zijn nieuwe opera Laika met de canon. Zijn eigen noten zet hij tegenover die van Mozart. Soms letterlijk, als hij Robberts assistent Leporello noemt, naar de knecht van Don Giovanni. Of als hij de rivaliserende eindredacteur Trix Dominatrix (Claron McFadden) laat opbieden tegen visagiste Grimelda (Marieke Steenhoek). Er is een directe verwijzing naar de kijfscène uit Der Schauspieldirektor. Maar er is ook nachtclubjazz en er zijn bijna onzingbaar snelle sprongen, die hand in hand gaan met een cimbaal, accordeon, marimba en een tuba. En er is de weemoedige, archaïsche melodie van het hondje Laika. Mooie tegenstelling: de hoge stemmen van de talkshowmeiden (groots neergezet door Claron McFadden en Marieke Steenhoek) en de diepe moederstem van mezzosopraan Helena Rasker. Aan beide wil Robbert ontsnappen.

Samen met librettist P.F. Thomése kiest Padding voor een lichte, komische toon maar vlak daaronder schemert serieuze kritiek op de macht van de platte televisiewereld, waarin talkshowhosts de nieuwe koningen zijn.

In de enscenering van videokunstenaar Aernout Mik, die met Laika debuteert als operaregisseur, wordt het publiek deel van een talkshow. Tussen de gasten zitten de koorzangers van VocaalLAB en bovenaan de tribune duikt Leonie Meijer op, die met haar heldere kindersopraan de hoge noten van het hondje Laika zingt. Op grote schermen ziet het publiek zichzelf terug. Een centrale videokubus vergroot de mond van Robberts moeder tot roofdierformaat.

De bariton Thomas Oliemans (Robbert) heeft geen moeite met zijn glamournoten, die showy van laag naar hoog schieten, evenmin als Marcel Beekman (de kok), Mattijs van de Woerd (Leporello) en de diepe bas Dennis Wilgenhof (Joeri Gagarin). Maar hij verlangt terug naar de onschuld, de oprechtheid, de melodie van Laika.

Aan het slot verdubbelingen: er lopen twee Robberts en twee Trixen. Hoog in de zaal zweven verdubbelingen van Joeri en Laika. Het almachtige ego doet er niet meer toe. Robbert wil niets liever dan klein zijn en opgaan in het heelal.

undefined

Meer over