Kind van twee culturen cijfert zichzelf weg

Wie verre reizen maakt, kan mooie vergelijkingen trekken. Maar globetrotter Patrick Jonker waagt zich er niet aan nadat hij eerst heeft verhaald over de ambitieuze sportmentaliteit in zijn moederland en vervolgens praat over het sociale vangnet dat zijn vaderland is geworden....

Van onze verslaggever

Bart Jungmann

WASQUEHAL

Patrick Jonker, zoon van oud-wielrenner Evert, werd geboren in Amsterdam, verhuisde als peuter naar Australië, om als tiener weer terug te keren.

Maar zijn Australische moeder miste in Amsterdam de vrijheid die ze gewend was. Dus werd het voor een paar jaar weer het rustige en weidse Adelaide. Maar het wielrennen had hem toen al in de greep. 'En renners worden in Australië gezien als gekken die hun lichaam drie weken lang uit elkaar rijden.' Dus werd het toch weer Nederland.

Op grond van zijn behoorlijke prestaties in Australië kreeg hij een stagecontract bij Post, voor wiens ploeg hij in 1994 in de Tour debuteerde. Nadat Post zonder sponsor kwam te zitten, kwam Jonker, op voorsprak van zijn nieuwe ploegmaat Neil Stephens, terecht bij ONCE. In zijn tweede Tour dient hij dus hand- en spandiensten voor Zülle en Jalabert te verlenen.

Jonker reed sterk in de Ronde van Catalonië, waarin hij een ritzege paarde aan de tweede plaats in het eindklassement. Ook in de Tour kan hij zich met veel tegenstanders meten, maar Jonker doet met liefde een stapje terug. 'Ik vind het niet zo vervelend om mezelf weg te cijferen. Zeker niet voor de beste klassiekerrenner en een van de beste ronderrenners. Die mannen verdienen veel geld voor ons.'

Die uitspraak typeert Jonker, kind van twee culturen. Hij berust in de hiërarchie van het peloton, terwijl een renner als LeMond zich juist verzette tegen de wetten van de oude wereld. Toch klinkt de cultuur van de nieuwe wereld ook door in het levensverhaal van Jonker.

'In Australië moet je knokken voor je geld. Het is niet zo gemakkelijk als in Nederland. Dat is toch een beetje een Sinterklaasland geworden. Als je een beetje zeer hebt ergens, dan betalen ze wel voor je. Als je in Australië niets doet, omdat je pijn in je pols hebt, dan krijg je ook niks.'

Die mentaliteit heeft hem ook als wielrenner gevormd. Maar door het harde werken kwam hij nauwelijks aan fietsen toe en dus eindigde de vliegreis tussen twee continenten uiteindelijk op Schiphol. Jonker was toen achttien jaar. 'Omdat ik wist dat ik als wielrenner geen carrière kon opbouwen in Australië.' En dat was zijn grootste wens. 'Wielrennen is de zwaarste sport van allemaal, zeker weten. Maar als je het achter de rug hebt, is het prachtig om op terug te kijken.'

Zo kijkt Jonker ook met plezier terug op het rondje Brabant (in tegenstelling tot veel collega's die het een dodenrit vonden). Ook hij voelde het als een soort thuiswedstrijd. 'Ik heb in Amsterdam op de lagere school gezeten. Ik ben daar bij Olympia begonnen en ik woon nu ook alweer een jaar of negen in Nederland.'

Jonker omschrijft zichzelf als een Nederlander die toevallig heel lang in Australië heeft gewoond. 'De Australische nationaliteit kwam me toevallig goed uit. Dat zegt verder niets. Net zoals Sciandri nu door het leven gaat als Engelsman, terwijl het gewoon een Italiaan is die denkt aan de Olympics. Ik heb hetzelfde als Australiër. Ik kan in elk onderdeel starten. Als ik ooit echt heel goed word, is het misschien wel weer beter om een Nederlandse licentie aan te vragen. Het kan nog altijd. Ik heb twee paspoorten.'

Jonker begon zijn loopbaan als prof ook in de Nederlandse nationaliteit. 'Maar dat was alleen omdat dat Post goed uitkwam.' Een jaar later koos hij weer voor het moederland. Een onvermijdelijke beslissing. 'Post was onzeker over de toekomst. Hij liet me lang wachten, te lang. Ik heb voor ONCE gekozen omdat dat goed voor mijn ontwikkeling is. in sommige koersen kan ik mijn eigen kansen rijden, zoals in de Ronde van Catalonië.

'Saiz is niet zoveel anders dan Post. Het zijn allebei perfectionisten. Het verschil is dat Saiz een open checkbook heeft. Hij heeft me ook geleerd om anders te trainen. Minder vaak, maar wel intensiever. Dat heeft me enorm geholpen.

'Nu heb ik het gevoel dat ik een paar jaar verloren heb laten gaan. Ik ben te lang eigenwijs geweest en ben op mijn oude manier blijven trainen. Ik had beter kunnen luisteren naar de trainer van de Australische selectie. Dat was een Oost-Duitser, die was daar allang mee vertrouwd. Maar dat is achteraf gepraat. De helft van het peloton praat net zo.'

In het krachthonk probeert hij nu aan zijn 69 kilo nog wat extra kilo's spierkracht toe te voegen. 'Ik merk dat het elk jaar beter gaat. Die prestaties in de Ronde van Catalonië dit jaar is geen uitzondering geweest. Het gaat met sprongetjes.

Hij is nu 27 jaar. Wie weet kan hij het gewicht van de koers nog eens op zijn schouders nemen. 'Over een paar jaar hoop ik een hoofdrol te kunnen spelen in de Dauphiné Libèrè of de Midi Libre. De Tour is weer een ander verhaal.'

Meer over