Kiezen voor kinderen

De zorgende, stofzuigende man is een utopie. Bij vrouwen komen kinderen op de eerste plaats. Het is een illusie te denken dat mannen en vrouwen arbeid en zorg eerlijk zullen, stelt de gynaecoloog Egbert te Velde, die met socioloog Christien Brinkgreve het boek Wie wil er nog moeder worden?...

Het feministische denken over arbeid en zorg raakt steeds meer op de achtergrond. Zoals zovelen wijst Te Velde op de biologische verschillen tussen mannen en vrouwen. Die zijn onmiskenbaar aanwezig, maar ook betrekkelijk: in de VS werken veel meer vrouwen in topfuncties, in de Scandinavische landen sturen zij hun kinderen zonder problemen de hele week naar de crèche.

Belangrijker lijkt de moederschapsideologie die hier veel sterker is dan in de meeste andere westerse landen. Nederlandse vrouwen geloven al snel dat zij een slechte moeder zijn als ze een zware baan hebben. Dat hoeft uiteraard helemaal niet het geval te zijn. Nooit is gebleken dat de ‘crèchekinderen’ uit Scandinavië er slechter aan toe zijn dan de Nederlandse kinderen wier moeder met het spreekwoordelijke kopje thee zit te wachten.

Gelukkig hoeft er helemaal niet gekozen te worden tussen een Scandinavisch en een Nederlands model. Belangrijk is vooral dat vrouwen (en mannen) keuzevrijheid hebben. Niet alle vrouwen hebben dezelfde wensen, maar ook lang niet alle kinderen zijn hetzelfde. Sommige hebben veel aandacht nodig, andere floreren als zij hun eigen gang kunnen gaan.

Voor die keuzevrijheid is goede en goedkope kinderopvang nog altijd van groot belang. Ook voor veel vrouwen zelf. Hoezeer het moederschap ook wordt gewaardeerd, in een echtscheidingscultuur is financiële onafhankelijkheid een groot goed.

Meer over