Kiezen van VN-voorman is bijna altijd compromis

De Zuid-Koreaanse minister van Buitenlandse Zaken en Handel, Ban Ki-moon, is vrijwel zeker van zijn verkiezing als nieuwe secretaris-generaal van de Verenigde Naties....

1946: De Noor Trygve Lie wordt gekozen nadat alle andere kandidaten door de toenmalige Sovjet-Unie of de Verenigde Staten zijn afgewezen.

1950: De Algemene Vergadering van de Verenigde Naties moet eraan te pas komen om Lie’s termijn te verlengen, omdat de Veiligheidsraad er niet uit komt. De VS steunen de Noor, terwijl de USSR een veto over hem uitspreekt.

1953: De Zweed Dag Hammarskjold wordt gekozen, nadat China een veto heeft uitgesproken over een Indiase kandidaat en de Sovjet-Unie een Canadees afkeurt. De termijn van Hammarskjold wordt in 1957 verlengd.

1961: U Thant uit Birma (Myanmar) volgt Hammarskjold op, die door een vliegtuigcrash is verongelukt. Zijn termijn wordt in 1962 en 1966 verlengd.

1971: Tegen de Oostenrijker Kurt Waldheim wordt een aantal veto’s uitgesproken, maar de Algemene Vergadering benoemt hem desondanks. De Veiligheidsraad herbenoemt hem in 1976.

1981: Een derde termijn voor Waldheim is onacceptabel voor China en de VS voelen niets voor een Tanzaniaanse kandidaat. Daarop wordt de Peruviaan Javier Perez de Cuellar secretaris-generaal.

1991: de Egyptenaar Boutros Boutros-Ghali blijkt een compromisfiguur als de leden van de Veiligheidsraad het over andere kandidaten niet eens kunnen worden.

1996: De VS voelen niets voor een tweede termijn van de Egyptenaar, waarop Kofi Annan uit Ghana hem opvolgt. Zijn termijn wordt met unanieme steun van de Veiligheidsraad in 2001 verlengd.

Meer over