'Khmers hadden geen enkel gevoel'

'Toen ik de volgende ochtend wakker werd, waren de Rode Khmers bezig de patiënten als oud vuil uit het ziekenhuis op straat te kiepen....

Jon Swain in River of Time (Heinemann, 1995)

'Zodra ze een dorp in de ''bevrijde'' gebieden bereikten, werden de gedeporteerden geclassificeerd: ''De Rode Khmers riepen de mensen bijeen en vroegen hen hun naam te noemen. Wie de waarheid sprak zou niet worden gestraft. Anders wel.'' Volgens verschillende onafhankelijke verklaringen moesten de gedeporteerden in de omgeving van Chamcar Leu (in de provincie Kompong Cham) zich laten registreren op een van de drie lijsten: militairen, ambtenaren en intellectuelen, en gewone mensen. De militairen werden afgezonderd en verdwenen vervolgens, in kleine groepjes; de ambtenaren en de intellectuelen werden naar speciale dorpen gestuurd, ''omdat'', zeggen de vluchtelingen, ''de Rode Khmers niet van intellectuelen houden''. De rest van de mensen werd op verschillende manieren verdeeld, wie geluk had belandde in een van de dorpen van de ''oude'' mensen - dat wil zeggen, zij die al het langst bevrijd waren.'

François Ponchaud in Cambodia Year Zero (Penguin Books, 1977)

'Verscheidene Oude Mensen waren naar het meer Tonle Sap gevlucht, en er werden militaire acties tegen hen ondernomen. Toen we op een dag de rijst aan het binnenhalen waren, hoorden we geschreeuw. Er was een lid van het verzet gepakt. Hij werd aan een stok teruggedragen, als een varken naar het abattoir. Achter hem liep zijn zoon, kameraad Thol, de jongen die ik voor de soldaten had zien koken. Hij had een stok met doornen in zijn hand, waarmee hij zijn vader voortdurend sloeg. De vader gilde van de pijn. Zijn uniform was doordrenkt met bloed. Ze liepen naar het hoofdkwartier toe.

Al gauw verspreidde zich het nieuws dat kameraad Thol zijn hele familie had vermoord - zijn vader het eerst. Zijn moeder keek toe hoe hij hem de keel afsneed. Daarna vermoordde kameraad Thol zijn zusje van zes maanden. Ten slotte vermoordde hij zijn moeder.

Als beloning kreeg hij een AK-47, waar hij heel trots op was. Hij liep ermee over de akkers te paraderen. En hij had een scherp oog voor fouten. Een jongen van de Oude Mensen ging per ongeluk op wat rijst staan. Kameraad Thol gebaarde dat hij mee moest komen. Een vrouw, ook van de Oude Mensen, brak een sikkel. Kameraad Thol sloeg het voorval gade. Ze is nooit teruggekomen.'

Someth May in Getuige van Cambodja (Arbeiderspers, 1988)

'Ik wist uit ervaring dat je maar beter kon napraten wat de leiders zojuist met klem hadden gezegd. Op die manier kon ik er zeker van zijn dat ik de dingen zou benadrukken die op dit moment belangrijk werden gevonden. Ik noteerde in gedachten dat ik, als het mijn beurt was, iets zou moeten zeggen over de oogst, en ik maakte me verwijten dat ik niet beter had opgelet. Mijn maag trok zich samen als iemand ging zitten en de volgende, die dichter bij me zat, opstond. En toen waren alle ogen gericht op mij.

Gespannen kwam ik overeind. ''Ik houd van de Angka. Ik zal hard werken voor de Angka. Ik zal alles doen wat de Angka zegt. Tijdens de oogst zal ik extra hard werken.'' En ik breide er snel een end aan met de woorden: ''Ik wil heel graag met Vitou trouwen en ik zal mijn echtgenoot nooit scheiden.'' Het was gebeurd, ik kon weer gerust zijn.

Vitou was de volgende. Hij leek zo kalm. Ik hield mijn blik doelbewust afgewend van zijn gezicht zolang hij aan het woord was. Hij zei dat hij Angka zou gehoorzamen en hard zou werken. Hij beloofde dat hij de dam zou helpen afbouwen, en dat hij Angka zou helpen de oogst op het geplande tijdstip binnen te halen. Hij scheen alle correcte communistische leuzen en frasen te kennen. De leiders knikten goedkeurend terwijl hij sprak. Het was een van de langste toespraken. Tot besluit wendde hij zich naar mij: ''Ik wil graag met Teeda trouwen.''

Ik bloosde. Nu waren we man en vrouw.'

Teeda Butt Mam in To Destroy You Is No Loss (Doubleday, 1989)

'Alle belangrijke middelen van productie zijn het collectief bezit van de volksstaat en het gemeenschappelijk bezit van de volksgemeenschappen.

Eigendommen voor dagelijks gebruik blijven in particuliere handen.'

Artikel 2 van de grondwet van Democratisch Kumpuchea

'Dorpelingen als Tan Hao, die in Koh Kong was gebleven, bemerkten dat de CPK nu alles ''communaliseerde: potten, pannen, hamers, bijlen'' en een inspannende werkdag van twaalf uur instelde. Medio 1975 werd het gezamenlijk eten verplicht gesteld, waarbij meer dan tweehonderd gezinnen een enkele eetzaal moesten delen. Zo konden rebellen niet langer in het donker door hun familie van eten worden voorzien.'

Ben Kiernan in The Pol Pot Regime (Yale University Press, 1996)

De cultuur van Democratisch Kampuchea heeft een nationaal, volks, voorwaarts georiënteerd en gezond karakter en zal als zodanig bijdragen aan de verdediging en opbouw van Kampuchea als een steeds welvarender land.

Deze nieuwe cultuur verzet zich totaal tegen de corrupte, reactionaire cultuur van de verschillende onderdrukkende klassen van kolonialisme in Kampuchea.'

Artikel 3 van de grondwet van Democratisch Kampuchea

'Op 22 juli (1975) hield Pol Pot een lange toespraak tot 'drieduizend vertegenwoordigers van het Revolutionaire Leger in het Centraal Comité van de CPK'. Hij verklaarde: 'Wij hebben een algehele, definitieve en zuivere overwinning behaald, dat wil zeggen, we hebben die behaald zonder enige buitenlandse connectie of betrokkenheid. Wij hebben het gewaagd te strijden voor een standpunt dat totaal afwijkt van dat van de wereldrevolutie.'

Ben Kiernan in The Pol Pot Regime (Yale University Press, 1996)

Meer over