nieuws

Katholieke homopastores in verzet tegen verbod om homohuwelijken te zegenen: ‘De kerk stelt zich hier op als een nare stiefmoeder’

In opvallende felle bewoordingen nemen Nederlandse katholieke homopastores afstand van het onlangs uitgesproken verbod van het Vaticaan om homohuwelijken te zegenen. Is de kerk hiertoe niet bereid, dan doen ze het zelf wel, schrijven de homopriesters in een open brief.

Frans Bossink, geestelijk verzorger en voorzitter van het Werkverband van Katholieke Homo-Pastores. Beeld Jiri Büller
Frans Bossink, geestelijk verzorger en voorzitter van het Werkverband van Katholieke Homo-Pastores.Beeld Jiri Büller

Het Werkverband van Katholieke Homo-Pastores (WKHP) – een vereniging van zo’n veertig homoseksuele priesters, religieuzen en anderen die pastoraal werkzaam zijn in de rooms-katholieke kerk – neemt wel vaker stelling tegen het conservatieve gedachtegoed van het Vaticaan. Maar nooit eerder was de toon zo fel. ‘Normaal gesproken zijn onze verklaringen diplomatiek en rustig van toon’, zegt Frans Bossink, voorzitter van het WKHP. ‘Nu dachten we: dit is echt te gortig, we gaan steviger van leer trekken.’

Aanleiding is de vorige week naar buiten gebrachte verklaring van het Vaticaan, waarin een verbod wordt uitgevaardigd voor katholieke geestelijken om homohuwelijken te zegenen. ‘God kan en mag geen zondigheid zegenen’, staat in de verklaring.

In een reactie daarop, in de vorm van een open brief aan collega-pastores en bisschoppen, schrijft het WKHP dat het Vaticaan geloofsgenoten ‘in een verdomhoekje plaatst’. Even verderop: ‘En dan nog dúrven beweren dat je niet discrimineert, maar slechts de kerkelijke leer uitlegt. Ja, een leer die geheel is losgezongen van de werkelijkheid.’

De brief eindigt met de toezegging dat de homopastores het verbod zullen negeren. Is de kerk niet bereid om homohuwelijken te zegenen, dan zullen ze die taak zelf volbrengen.

Kan dat zomaar, een homohuwelijk zegenen terwijl de kerk dit niet toestaat?

‘Het is in principe illegaal, maar wij krijgen soms stellen die erom vragen. Daar kun je op ingaan, ja. Er moet dan wel een ruimte worden gevonden.’

Het gebeurt dus al?

‘Ja, maar niet veelvuldig. Ik ken een studentenpastor, zelf homoseksueel, die openlijk een homohuwelijk heeft gezegend. Ook van een aantal collega’s weet ik dat ze het gedaan hebben.’

En u?

‘Ik heb het één keer gedaan. Twee vrouwen met wie ik bevriend ben, vroegen erom.’

Kan dat consequenties hebben, aangezien het illegaal is?

‘Je kunt een berisping krijgen van de bisschop waar je onder valt. Maar veel van de pastores in ons werkverband hebben al de pensioengerechtigde leeftijd. Die zijn niet zo bang voor de bisschop, want die kunnen hun baan niet verliezen. Bisschoppen staan er verschillend in. Helaas hebben we in Nederland geen heldhaftige bisschoppen, zoals Johan Bonny in Antwerpen, die zich duidelijk vóór de mogelijkheid van een zegen over homo- en lesbische relaties durft uit te spreken. Je hebt scherpslijpers en je hebt er een aantal die meer de houding aannemen: wat niet weet, wat niet deert.’

Homostellen kunnen in Nederland al ruim twintig jaar voor de gemeente trouwen, waarom hebben ze behoefte aan een kerkelijke zegening?

‘Dat heeft bij katholieke mensen denk ik te maken met een soort familiegevoel naar de kerk toe. De kerk stelt zich hier op als een nare stiefmoeder. Maar we blijven wel kinderen van die kerk. De kerk is geen bloedverband, maar een geestverwant. Daar wil je erkenning van krijgen. Mensen met een religieuze antenne hopen dat de zegening als het ware een extra glans aan hun relatie geeft. Zo’n zegen betekent eigenlijk: we wensen je alle goeds toe. Die wens komt van boven, van God.’

De verklaring van het Vaticaan dat het zegenen van homohuwelijken niet is toegestaan zal niet als een verrassing zijn gekomen, toch?

‘Nee, het is een herhaling van de oude kerkelijke leer. Wat frustrerend is, is dat paus Franciscus op allerlei informele momenten een andere toon zet. Zo zegt hij onder meer tegen een mannenpaar met kinderen dat ze hun kinderen in de eigen kerk kunnen laten dopen. Vervolgens komt er een officieel document van de kerk dat van een heel andere orde is.’

Wellicht staat de paus toch wat minder tolerant tegenover homorelaties dan vaak wordt gedacht?

‘Dat is de vraag. Hij heeft de kerkelijke leer op dit punt nooit ter discussie gesteld. Mijn eigen gevoel, en misschien ook wel mijn eigen verlangen, zegt dat hij ruimer denkt. Dat hij als het ware de grond aan het bewerken is om verandering en ruimte te creëren, maar dat die ruimte er in de hoofdregionen van het Vaticaan nog niet is.’

Is die ruimte er elders binnen de kerk wel?

‘Binnen de bisschoppenconferentie, en dan met name in Duitsland, wordt heel openlijk over dit thema gediscussieerd. Bisschoppen zeggen daar: dit kan niet langer op deze manier, de tijden zijn veranderd. We kijken nu anders aan tegen seksualiteit, liefdesrelaties en gezinsvorming dan vroeger. Als mensen een zegen voor elkaar zijn in het leven, dan moet je dat als kerk erkennen. Grof gezegd: ga je uit van de oude traditie of van het geleefde leven? Dat zijn verschillende paradigma’s die op elkaar knallen.’

Blijft u hoop houden dat de katholieke kerk haar mening op dit punt zal bijstellen?

‘Wat er nu gebeurt, is dat er een waterval van protest is. Juist ook van binnen de kerk, uit katholieke kringen van pastores en theologen. Daarmee wordt duidelijk gemaakt dat we niet allemaal makke schapen zijn, maar schapen die iets terug zeggen tegen de herders. Ik mag hopen dat er in de hoge regionen van de kerk openheid komt over seksualiteit en de diversiteit aan relaties, de psychologie daarachter en wat er in de theologie verandert in de uitleg van Bijbelpassages over homoseksualiteit. De wetenschap daarover moet serieus worden genomen.’

Meer over