'Kamers Kersttips: Talking Heads'

Volkskrant-redacteur Gijsbert Kamer geeft de komende dagen muzikale tips voor onder de kerstboom.

David Byrne, voornalig zanger van The Talking Heads. © EPA. Beeld
David Byrne, voornalig zanger van The Talking Heads. © EPA.

De laatste weken van het jaar maak ik graag van de gelegenheid gebruik hier dagelijks nog over een mooie heruitgave, cd, dvd, of boek te schrijven waar ik speciale aandacht op wil vestigen.

Het betreft bijzondere zaken, althans voor mij, over bands en artiesten die veel voor me betekenen of gewoon zaken die ik mooi dan wel bijzonder vind.

Vandaag de eerste tip, de dvd: Chronology van Talking Heads. Om veel redenen een zeer bijzondere uitgave. Chronologisch geordend staan hierop een aantal live-opnamen, gemaakt tussen 1975 en 2002. De meest recente is een versie van Life During Wartime uit maart 2002, gemaakt toen de Talking Heads werden opgenomen in de Rock And Roll Of Fame. Prachtige versie van dit nummer van Fear Of Music, het album dat voor mij de introductie betekende tot het werk van de band, dat ik daarvoor eigenlijk alleen met de hit Psycho Killer associeerde.

Aanstonds een reünie
De band heeft er lol in, sterker nog, als deze opnamen nu zouden zijn gemaakt dan zou je zweren dat er aanstonds aankondiging van een reünie zou komen.

Maar die kwam er niet, en als ik David Byrne mag geloven komt die er ook niet. Hij heeft het prima naar zijn zin nu, kan spelen waar hij wil en wat hij wil en krijgt er ook nog eens uitstekend voor betaald. Voor het geld hoeft hij het dus niet te doen, vertelde hij begin 2010, en echt lol zou hij er ook niet aan beleven, zei hij.

Jammer toch. Ik zou ze graag nog een keer zien. Want ja, ik ben een fan.

Als mensen aan mij vragen wat de belangrijkste bands waren in mijn muzikale vorming dan noem ik zonder twijfel Joy Division en Talking Heads.

Talking Heads kwam eerst.

Zestien jaar en niet boos
Dat was in 1979. Ik was zestien jaar en niet boos. Vreemd wellicht want iedereen is boos in de pubertijd, is de indruk die ik wel eens krijg. Ik niet, sterker nog, ik had een hekel aan al die opgeschoten pubers om me heen. Ik had een hekel aan hardrock, al ging die in 1979 op school niet veel verder dan Rainbow, AC/DC, Kiss en Deep Purple.

En punk? Dat vond ik nare, agressieve muziek. Goed de hitjes uit 1977 van de Stranglers en Blondie, die vond ook ik leuk om op Toppop te zien, maar ik voelde tijdens het lezen van de Hitkrant geen enkele behoefte om me bij de punkbands aan te sluiten.

Ik was niet boos op ouders, school of wie dan ook, ik wilde hooguit meer muziek leren kennen dan waar ik in de Hitkrant over las of op woensdagavond (mijn favoriete radiodag) bij de KRO op Hilversum 3 naar kon luisteren.

Ik wilde iets anders dan hitparadepop, maar had geen zin in hardrock en punk.

Iedereen die op school van van muziek hield
Elvis Costello had de aandacht al geprikkeld, ik werd fan van Joe Jackson, kocht de elpee Slug Line van John Hiatt en zoals iedereen die op school van muziek hield, Regatta de Blanc van The Police.
Allemaal leuk, maar pas echt een openbaring was de plaat Fear Of Music van Talking Heads. Ik werd voor de plaat gewaarschuwd door het personeel van de platenzaak waar ik bijna dagelijks kwam. 'Moeilijke plaat, de vorige twee waren veel beter.'

Maar alleen de hoes intrigeerde me al mateloos. Zwart met groene letters. Anti-slip reliëf en geen foto.

Dan de muziek. I Zimbra met dat rare taaltje en naar ik later begreep, Afrikaanse ritmes. Animals met dat sinistere koortje. En dan Drugs, ja, een raar en moeilijk abstract nummer. Vond ik toen. Maar er stonden ook liedjes op die me meteen aangrepen: Cities bijvoorbeeld of Heaven.

Ik koesterde Fear Of Music. Toen ik niet veel later het eindejaarsnummer van Muziekkrant Oor in handen kreeg, zag ik dat ik niet de enige was. Maar zo voelde het wel. En dat beviel.

Iets voor mezelf
Ik had iets of ik wist iets wat de anderen op school nog niet hadden of wisten. Ik had iets voor mezelf en belangrijker: ik wilde meer.
Als ik iets 'moeilijks' als Talking Heads niet alleen aankon maar er zelfs ook echt van kon genieten, dan moest er meer zijn. En er kwam meer, veel meer. Magazine, Wire, The Cure, The B-52's.

Waar de muziekbeleving van veel klasgenoten zich rond The Police concentreerde, wist ik wel beter. Leuk hoor de Police, maar ook een beetje kinderachtig. Nooit echt fan van geworden.

Talking Heads was mijn band. Helemaal toen een jaar later Remain In Light verscheen. Zoals zo vaak kwam de introductie middels de Elpeetuin van de VARA, waar ik op dinsdagavond laat altijd naar luisterde.

Wat een vreemde muziek, en wat opwindend toch. En dat in een jaar, 1980, dat er iedere week wel een meesterwerk leek uit te komen. Ik werkte inmiddels op verloren uurtjes in de platenzaak waar ik nog voor Fear Of Music was gewaarschuwd. Remain In Light vond iedereen daar meteen wel prachtig. Goede dansmuziek, en niet zo vaag.

Geen moment aarzelen
Toen het bericht kwam dat Talking Heads naar Nederland zouden komen, aarzelde ik geen moment en vervoegde ik me zoals dat toen ging, op zaterdagochtend bij het Hilversumse VVV kantoor.
U kunt het zich misschien niet voorstellen, maar er stonden hooguit nog drie mensen in de rij, en niet eens voor Talking Heads.

11 december Edenhal, Amsterdam met in het voorprogramma Pearl Harbour & The Explosions en The B-52's.

In mijn herinnering speelden de Talking Heads als een enorme band, maar nu ik Chronology zie, moet dat zijn meegevallen. Ze waren maar met een man of negen, onder wie slechts 1 zangeres (ik dacht 3, maar dat zal wel door de film Stop Making Sense van een paar jaar later komen).

Hoe dan ook, het concert was indrukwekkend. Funk, zoals ik later begreep. Vreemd want ik dacht dat ik niet van funk hield. Sterker nog, het was een vies woord voor me toen. Zwarte muziek? Eigenlijk hield ik alleen van reggae en ska. Al kon ik wel de eerste coupletten van Rapper's Delight uit mijn hoofd meerappen.

Maar een beetje 'new wave- jongen' die luisterde niet naar disco of funk. Soul? Die stond op platen die van Curtis Mayfield die zelfs voor drie gulden nog niet verkocht werden. (Ja, vijf jaar later wel, maar nog niet in 1980).

Talking Heads speelden een soort dansmuziek die ik niet kende.

Veel te wijde rode bandplooibroek
Op de dvd staat een opname uit Dortmund van Animals. Negen dagen later dan het concert in de Edenhal, herken ik het Adrian Belew in die veel te wijde rode bandplooibroek. Ik weet nog dat het concert toen rechtstreeks op de radio werd uitgezonden, en dat er na de kerstvakantie iemand op school met een cassettebandje kwam, die we in de pauzes grijs draaiden.

Moeilijk voor te stellen, maar in de hoogtijdagen van Talking Heads (1977-1981) was er nog nauwelijks video. In ieder geval niet in de huiskamers.

Veel concertopnamen zijn er dus ook niet, daarom vind ik deze dvd misschien ook wel zo mooi: het liefdevolle amateurisme van de beelden. Veel 1-camera-registraties die even primitief als historisch belangrijk zijn. Talking Heads is in december 1975 (CBGB) nog een trio, in 1978 een kwartet en later staan ze zelfs met een man of negen op het podium.

Amerikaanse suburbs
Los van de video-registraties staat er ook een mooie Britse documentaire uit 1978 op, voor de South Bank Show. Ik kan vooral van de beginbeelden (Amerikaanse suburbs met The Big Country als soundtrack geen genoeg krijgen.)

In hoeverre het hier jeugdsentiment betreft kan ik moeilijk vaststellen. De laatste jaren blijken niet Fear Of Music en Remain In Light de Talking Heads platen die ik het meeste draai, maar More Songs About Buildings And Food die er in 1979 aan vooraf ging.

Maar ik zweer nog steeds bij die vier albums die ze tussen 1977 en 1980 uitbrachten. Speaking In Tongues (1983) en Little Creatures (1985) zeggen me veel minder. Leuke popplaten, meer niet.

Daar wordt op Chronology ook goeddeels aan voorbijgegaan. Je krijgt de Talking Heads op hun best, in hun gloriedagen toen ze zelf nog zoekende waren.

Leuke bonus: een ellenlang, bij vlagen onbegrijpelijk ongepubliceerde 'recensie' van Fear Of Music door de legendarische criticus Lester Bangs.

Niet gek dat het stuk door de Village Voice drastisch werd ingekort. Maar toch: zo worden ze niet meer geschreven. En dat is eigenlijk best jammer.

Gijsbert Kamer

Meer over