Nieuws

Kamer wil lobbyverbod voor bewindspersonen, maar nu echt

Voor bewindspersonen die overstappen naar het bedrijfsleven geldt voortaan een afkoelperiode van twee jaar, bedoeld om verstrengeling van belangen te voorkomen. Een onafhankelijke toetsingscommissie moet beoordelen of een voorgenomen overstap aan de regels voldoet.

Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat (VVD) maakte onlangs haar overstap bekend naar Energie-Nederland. Zo’n overstap is in de toekomst niet meer mogelijk. Beeld ANP
Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat (VVD) maakte onlangs haar overstap bekend naar Energie-Nederland. Zo’n overstap is in de toekomst niet meer mogelijk.Beeld ANP

Dat is het gevolg van een door Laurens Dassen, fractieleider van Volt, ingediende motie waarvoor alleen de steun van VVD en CDA ontbrak. De motie is bedoeld om in de toekomst een overstap als die van Cora van Nieuwenhuizen (VVD) te voorkomen. Zij brak haar ministerschap onlangs voortijdig af om lobbyist voor Energie-Nederland te worden.

De motie – ingediend in de Tweede Kamer – ligt in het verlengde van de rapportage van de Europese anticorruptiewaakhond Greco, die al jaren aandringt op verscherping van de regels voor de ‘draaideur’ die politici gebruiken om in het Haagse circuit van functie te veranderen en daarbij kennis en contacten meenemen. ‘Er zijn geen heldere regels voor de overstap van topambtenaren en politici naar de private sector’, oordeelt Greco, dat constateert dat de Nederlandse overheid in tweeënhalf jaar geen enkele vordering maakte. In zekere zin blaast de motie de uit 2017 daterende Circulaire Lobbyverbod Bewindspersonen nieuw leven in, die per 1 januari 2020 kwam te vervallen en nooit door nieuwe regelgeving is opgevolgd.

Handboek voor Bewindspersonen

Er bestaat al een afkoelperiode, maar die moet gehandhaafd worden door de ambtenaren. In de Gedragscode Integriteit Rijk en het Handboek voor Bewindspersonen wordt hun verboden zakelijke gesprekken te voeren met voormalige bewindspersonen van hun ministerie gedurende de eerste twee jaar na hun vertrek. Die verantwoordelijkheid wordt nu omgekeerd. Het zijn de ex-bewindspersonen zelf die lobbycontact moeten vermijden.

Een dergelijke regeling bestaat al in verschillende West-Europese landen en ook bij het Europees Parlement, waar een afkoelperiode van anderhalf jaar geldt en een commissie toezicht houdt op de naleving ervan. Voor Nederland denkt Volt aan een toetsingscommissie die wordt gevuld met hoogleraren, juristen en een oud-ombudsman. Andere West-Europese landen kennen een dergelijke toezichthouder al langer.

Van Nieuwenhuizen verdedigde zich voor haar overstap door te zeggen dat ze als minister van Infrastructuur en Waterstaat niet verantwoordelijk was voor energiebeleid, en in de week dat ze de afgetreden minister Wiebes van Economische Zaken verving, alleen pro forma verantwoordelijk was voor dat ministerie. Bot, Verhagen, Eurlings, De Vries, Balkenende, Snel, Van Rijn – er is een lange lijst te maken van bewindspersonen die lobbyist werden in een sector die grensde aan hun werk als bewindspersoon. In de toekomst is het niet meer de afweging van de bewindspersoon zelf, maar het oordeel van de toetsingscommissie dat doorslaggevend is.

Draaideur

Ook enkele voormalige Kamerleden maakten de afgelopen maanden een gevoelige overstap naar de lobbysector. Volt aarzelt over de vraag of ook daar regelgeving voor moet komen. ‘Kamerleden hebben minder toegang tot informatie dan bewindslieden’, zegt Dassen. ‘We kijken naar hoe we belangenverstrengeling kunnen voorkomen, maar het eigen moreel kompas moet leidend zijn.’ Bovendien: Kamerleden van kleine fracties die veel portefeuilles beheren zouden dan later nergens terecht kunnen.

De discussie over de draaideur is niet nieuw. De Kamerleden Bouwmeester en Oosenbrug (PvdA) stelden die aan de orde in hun nota Lobby in daglicht. In november 2017, de nadagen van het kabinet Rutte II, diende Thierry Baudet namens Forum voor Democratie een motie in die de regering verzocht binnen zes maanden met een voorstel te komen om een afkoelingsperiode voor bewindspersonen van minimaal twee jaar in te voeren. Die motie werd door een grote Kamermeerderheid verworpen.

Aanvullingen en verbeteringen: in een eerdere versie van dit artikel stond ten onrechte ook de naam van Bruno Bruins genoemds als voorbeeld van een bewindspersoon die lobbyist werd.

Meer over