Nieuws

Kamer wil af van leenstelsel, maar wat ervoor in de plaats komt?

Wat sinds de verkiezingen al in de lucht hing, is vrijdagnacht bevestigd: de Tweede Kamer wil af van het studieleenstelsel voor studenten. Een motie van CDA en ChristenUnie om met de studieleningen te stoppen en weer een basisbeurs in te voeren, werd met overgrote meerderheid aangenomen.

Studentenprotest tegen het leenstelsel op het Malieveld in Den Haag.  Beeld ANP
Studentenprotest tegen het leenstelsel op het Malieveld in Den Haag.Beeld ANP

Studentenorganisatie ISO reageert enthousiast: ‘Het is fantastisch nieuws’, aldus voorzitter Lisanne de Roos. ‘Een reden tot groot feest voor studerend Nederland. Een volgend kabinet kan nu simpelweg niet meer om de invoering van een nieuw studiefinancieringsstelsel heen: dit is de genadeklap voor het leenstelsel.’

Het studieleenstelsel, een oude wens van de PvdA, werd in 2015 ingevoerd door het tweede kabinet-Rutte vanuit de gedachte dat ‘de zoon van de slager niet hoeft te betalen voor de studie van de zoon van de advocaat’. Sindsdien echter stapelden de signalen zich op dat het leenstelsel in hoge mate bijdraagt aan de kansenongelijkheid, de prestatiedruk en de toenemende psychische klachten onder studenten. Ook drukken de leningen zwaar op de financiële positie van jongeren na hun studie.

Overeenstemming

Bij de verkiezingen in maart trokken de meeste partijen in de Tweede Kamer hun handen er dan ook vanaf. Er is grote politieke overeenstemming dat het anders moet. De vraag is wel wat er dan voor in de plaats komt. Daarover is minder overeenstemming. Een deel van de Kamer wil de basisbeurs terug voor iedereen, andere partijen hanteren een inkomensgrens: alleen een basisbeurs voor studenten met minder draagkrachtige ouders.

Eensgezindheid is er ook niet over de vraag wat er moet gebeuren met de jaargangen studenten die de afgelopen jaren moesten lenen: moeten zij hun leningen nog terugbetalen zodra er een nieuw stelsel is? Veel partijen willen iets regelen voor die ‘pechgeneratie’, maar dat is duur voor de overheid. Of het ervan komt is een van de grote vraagstukken die op tafel liggen in de vastgelopen kabinetsformatie.

Demissionair minister Van Engelshoven van Onderwijs bevestigde vrijdag dat op haar departement inmiddels plannen klaarliggen om het leenstelsel af te schaffen. Zij gaat daarmee nu zelf niet aan de slag maar laat dat over aan een nieuw kabinet. ‘Iedereen snapt dat dit zo’n grote stelselwijziging is, dat moet echt een nieuw kabinet doen.’

Op de vraag of er compensatie moet komen voor de pechgeneratie van 2015-2022, reageert zij terughoudend, vanwege de hoge kosten. ‘Het gaat om meerdere miljarden die je dan dus niet kunt besteden aan de kwaliteit van het hoger onderwijs.’

Meer over